1942 Extra aflevering Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 80
Robert Boyle: Een studie over natuurwetenschap en Christendom door dr. R. Hooykaas
74 ten opzichte van ons, mcnschen, dat alle dingen gemaakt zijn ter ccrc Gods, zoodat de menschen verplicht zijn God te loven om Zijn werken, het toch metaphysisch absurd is, dat God, als een hoogmoedig mensch, geen ander doel zou hebben bij het bouwen van de wereld dan door de menschen geprezen te worden en dat Hij de zon, die vele malen zoo groot is als de aarde, slechts gemaakt zou hebben om den mensch, die er slechts een zeer klein deel van inneemt, te verlichten". Daarop antwoordt Boyle: Descartes kan niet bewijzen, dat God o.a. de wereld niet maakte om door ons geprezen te worden. Waarom zou het absurd zijn, dat de groote zon voor den mensch gemaakt is? W a n t het menschelijk lichaam is een bewonderenswaardigere machine dan de zon en de rationeele ziel is edeler dan alle materie ' ) . Hier laat Boyle zich dus niet terugdringen tot de natuurwetenschappelijke redeneering; nü zal hij het tegen Descartes opnemen voor de glorie van den menschelijken geest, want Descartes, die daar anders zoo hoog van opgeeft, gebruikt nü de grootheid van de materieele schepping om den mensch te verpletteren. Maar hij grijpt Descartes ook aan bij zijn uitspraak: ,,tenzij God het ons openbaart". W a n t om dat te bewijzen heeft Boyle teksten te over. Dan wijkt alle wetenschap en alle wijsbegeerte voor het gezag der Schrift, ,,want al zouden de dingen zelf ons niets zeggen, dan is dit — als wij de autoriteit der Schrift erkennen ^—voldoende" 2). Cartesianen, die het gezag der Schrift erkennen, moeten dus volgens Boyle zeker de doeloorzaken aanvaarden. Echter, hoewel Descartes ,,een der meest doeltreffende argumenten voor bestaan en scheppingsdaad Gods omverwerpen wil", toch ontkent Boyle de steeds weer geuite beschuldiging, dat hij bewust een begunstiger van het atheïsme zou zijn 3). c. „ ,,
Bewijzen voor God den ^ ..
Ciod s attributen
Onderhouder,
De natuurstudie levert volgens Boyle dus de i i . ^ - ^
uit de natuur gekend.
.
/ - ^ i ' i .
xi
krachtigste argumenten voor God s bestaan. Maar zij doet ons bovendien de attributen Gods kennen: Zijn macht, wijsheid en goedheid. Zijn macht blijkt doordat hij het groot heelal uit niets voortbracht *); Zijn wijsheid is volgens Boyle met zulke groote letters geschreven, dat de gewone lezer die reeds lezen kan, hoeveel te meer dus zij, die dieper zien. Het wonderlijke samenstel van oog en spier is pas ten volle te waardeeren door hem, die anatomie, mechanica, optiek, wiskunde en ook chemie (vanwege de werking der lichaamsvochten) beheerscht. Een goed anatoom heeft daarom méér reden om in God te gelooven, dan ^) Fin.; IV, 521. 2)
Fin,; IV, 52j.
") Fin.; IV, 521. ') Exp. N. Ph.; I
433.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1942
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 136 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1942
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 136 Pagina's