1942 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 128
128 bevatten en een stofwisseling bezitten H e t levensproces bestaat m de stofwisseling van eiwitverbindmgen Bechhold spreekt zich als volgt uit H e t organisme is een vat vol waterige oplossing w a a r m zich als disperse phase verschillende colloïden bevinden De colloïden zijn het stabiele de kristalloiden het bewegelijke die overal doordringen heil en onheil stichtend Deze beide uitspraken bevatten slechts chemische en colloidchemische elementen en uit niets blijkt dat de organismen zich wezenlijk van de levenlooze systemen onderscheiden Niet allen vatten echter het organisme zoo simplistisch op hetgeen blijkt uit de volgende karakteriseering van Oldekop H e t organisme IS een hiërarchisch opgebouwd systeem met een centrale entelechie dat m de onderlinge betrekkingen der deelen doordrongen IS van het polaire principe der autonomie en afhankelijkheid Hier IS het levende wezen niet slechts een chemisch systeem maar het onderscheidt zich daarvan u e z e n h j k door het bezit van entelechie en autonomie welke beide eigenschappen m chemische systemen ontbreken Dit probleem van de verhouding tusschen de levende- en levenlooze natuur willen wij nu nader bespreken en daarbij uitgaan van de voor de waarneming toegankelijke eigenschappen van de levendeen levenlooze objecten met name hun stoffelijke samenstelling en structuur W a t de stoffelijke samenstelling betreft valt op te merken 1 Alle chemische elementen die men tot nu toe m de organismen heeft kunnen aantoonen komen ook m de levenlooze natuur voor In dit opzicht bestaat er tusschen deze beide dus geen verschil 2 Evenmin bestaat er een wezenlijk onderscheid tusschen de chemische verbindingen Langen tijd heeft meri gemeend dat dit onderscheid v. el bestond en dat de m de organismen aanwezige koolstofverbindingen slechts konden w o r d e n gevormd onder invloed van een m de organismen zetelende levenskracht Dit leidde tot een onderscheiding van orga nische en anorganische veibindmgen Deze meenmg begon echter te wankelen toen het m 1828 aan W o h l e r gelukte om ureum uit cyaanammonium te bereiden Sindsdien is deze synthese door vele andere gevolgd en men is er m geslaagd vele organische verbindingen te synthetiseeren die zelfs m de organismen niet worden geproduceerd T o e n moest men de opvatting wel prijsgeven dat de in de levenlooze natuur voorkomende verbindingen piincipieel verschillen van die welke door de organismen w o r d e n voortgebracht H e t ligt voor de hand hieruit af te leiden dat de aard van de m het organisme voorkomende stoffen als zoodanig geen verklaring kan geven van de typische levensverschijnselen Kunnen deze dan misschien worden verklaard uit de wijze w a a r o p deze stoffen tot een levend wezen zijn samengevoegd, m a w bezit
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1942
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 144 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1942
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 144 Pagina's