Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

1944-1945 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 38

Bekijk het origineel

1944-1945 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 38

3 minuten leestijd

34 ren, die het karakter van het buitengewone hebben en dat er wezens zijn, die over buitengewone krachten beschikken. Deze kracht kan men zich op een of andere wijze toeëigenen, men kan haar ook kwijtraken. Het gaat den primitieven mensch er om deze kracht te bewaren en aan te kweeken, zoodat hij als het noodig is er over kan beschikken. Personen en voorwerpen, waarvan gebleken is dat zij veel ,,mana" hebben, worden als iets ,,aparts" beschouwd. Wij zouden ze „heilig" noemen. Tot de wezens, die als machtig gelden, behooren voor den primitieven mensch allereerst de dieren. Dat behoeft ons zeker niet te verwonderen, wanneer wij bedenken dat de dieren hem zeer vertrouwd zijn en hem tot voedsel moeten dienen. Aan het dier ervaart de primitieve mensch het niet-menschelijke, het buitengewone. Het dier beschikt over eigenschappen, die de mensch niet heeft. Dikwijls is het hem te vlug af, als hij er jacht op maakt. Vele dieren zijn den mensch in kracht verre de baas. Ook het vliegen van de vogels zal deze menschen met ontzag vervullen. De dieren hebben blijkbaar veel ,,mana". Obbink wijst er op, dat de primitieve mensch in dieren en planten het blijvende ziet. ,,De mensch ziet wel de enkele dieren en planten geboren worden en sterven, maar door het ontbreken van alle individualiteit en naam voor het enkelding of enkelwezen, valt alle nadruk op de soort, die blijft" i*). Obbink wil dan ook het totemisme doen voortkomen uit de behoefte van den mensch om verlossing te zoeken uit zijn vergankelijkheid en zich te fundeeren in het blijvende. Voor mijn gevoel gaat deze redeneering wel wat ver en is zij teveel Westersch gedacht. Ik zou niet verder willen gaan dan aan te nemen, dat het dier voor den primitieven mensch als een wezen geldt, dat over buitengewone krachten beschikt, dat dus veel mana heeft. Met nadruk wijzen verschillende auteurs er op, dat het dier in deze religie niet als god wordt vereerd. ,,Der Totemismus braucht keine Götter, bedeutet aber eine Versenkung in die Macht eines Tieres" (Van der Leeuw) i5) Het is dan ook geen wonder, dat wij het totemisme juist vinden bij die stammen, die van de jacht moeten leven. Het opeten van het totemdier heeft de beteekenis van het zich toeëigenen Van het mana van het dier. De diersoort vertegenwoordigt voor den stam een reservoir van macht. De totemmaaltijd heeft dan ook niet de beteekenis van een zoenoffer, dat aan een god wordt gebracht. W a n t er is geen god! Bij de totemistische stammen in Australië spelen bepaalde voorwerpen, de z.g. ,,tjurunga's" een groote rol 16) Tjurunga's zijn langwerpige voorwerpen van hout of steen. Op de oppervlakte zijn de totememblemen ingekrast. Deze dingen worden voor de vrouwen en kinderen verborgen gehouden. De tjurunga's zouden, volgens de mythen, door de voorvaderen zijn achtergelaten of de voorouders zelf

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1945

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 128 Pagina's

1944-1945 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 38

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1945

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 128 Pagina's