1944-1945 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 55
51
AANTEEKENINGEN. 1. R. Vedder. Dieptepsychologie en Religie. Dit tijdschrift jaargang 1943. Aflevering 3 en 4. 2. Ik doel hier op Freud's uitlating tegen Binswanger : „Die Menschheit had ja gewusst, dass sie Geist hat; ich musste ihr zeigen, dass es auch Triebe gibt. L. Binswanger : Freud und die Verfassung der klinischen Psychiatrie. Schweizer Archiv für Neurologie und Psychiatrie 37.1936. 3. G. van der Leeuw. Psychologie en "Wereldbeschouwing. Voordracht gehouden voor de Geref. Psycholog. Studievereen. 12 Nov. 1941, p. 20. 4. Men leze hierover b.v. G. van der Leeuw : De primitieve mensch en de religie. Groningen 1937. 5. Geciteerd bij v. d. Leeuw : De primitieve mensch en de religie, p. 18. 6. Een beschrijving van de primitieve mentaliteit bij kinderen en geesteszieken geeft H. Werner : Einführung in die Entwicklungspsychologie. Leipzig 1933. 7. J. G. Frazer. Mensch, God en Onsterfelijkheid. Deventer g.j. 8. A. van Gennep. L^ état actuel du problème totémique. Parijs 1920. 9. J. G. Frazer. Mensch, God en Onsterfelijkheid. Pag. 70 e.v. 10. Een bestrijding van deze „vermeende onnoozelheid" vindt men bij J. H. Ronhaar : Het vaderschap bij de primitieven. Groningen 1933. 11. Robertson Smith. The Religions of the Semites. 1907. 12. C. Clemen. Die Anwendung der Psychoanalyse auf Mythologie und Religionsgeschichte. Leipzig 1928. 13. Voor kritiek van ethnologische zijde kan ik verwijzen naar E. Schelts van Kloosterhuis ; Freud als ethnoloog. Diss. Amsterdam 1933. 14. H. Th. Obbink. De Godsdienst in zijn verschijningsvormen. Groningen 1933. 15. G. V. d. Leeuw. Phaenomenologie der Religion. Tubingen 1933, p. 61. 16. Zie K. Beth : Religion und Magie. Leipzig—Berlin 1927, p. 300—328. 17. E. Durkheim. Les formes élémentaires de la vie religieuse. Paris 1912, p. 295. 18. H. Werner. Einführung in die Entwicklungspsychologie. Leipzig 1933, p. 13. 19. A. van Gennep. L' état actuel du problème totémique. Paris 1920, p. 32. 20. B. Malinowski. Sex and Repression in savage society. 1927. 21. Lord Raglan. Incest and Exogamie. The Journal of the Royal Anthropological Institute of Great Britain and Ireland, bnd. 61, 1931, p. 167 e.v. 22. Zie J. P. B. de Josselin de Jong : De Maleische Archipel als ethnologisch studieveld. Leiden 1935. 23. Roger Caillois. L' Homme et le sacré. Paris 1939, p. 71. 24. E. Crawley. The mystic Rose. 1926. 2 deelen. 25. E. Crawley. The mystic Rose. Pag. 208, 209. 26. Zie b.v. G. van der Leeuw : Vooraziatische en Egyptische cultuur in „Hoogtepunten van cultuur". 27. Wanneer men zoo de oorsprong van incestverbod en exogamie ziet, is het ook niet noodig te gaan redetwisten over de vraag of de Pygmaeën als de stamvaders van de menschheid zijn te beschouwen en of deze zulke ethisch-hoogstaande, monotheïstische en monogame lieden zijn als Schmidt altijd beweert. Een dergelijk debat speelde zich in de jaren 1935 en 1936 af in de Psychiatrische en Neurologische bladen: F. M. Havermans. Ueber die Erklarungen der Inzestscheu bei Primitiven. Ps. Neur. BI. 1935, p. 319. A. J. Westerman-Holstijn. Randbemerkungen zur Ethnopsychologie. Ps. Neur. BI. 1936, p. 24.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1945
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 128 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1945
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 128 Pagina's