Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

1944-1945 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 39

Bekijk het origineel

1944-1945 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 39

3 minuten leestijd

35 zijn in tjurunga's veranderd. Andere voorouders zijn veranderd in ratapa's (kinderkiemen) en huizen nu in boomen of rotsen. Nu en dan dringen zij in de schoot van een vrouw, die voorbijgaat en worden dan weer als mensch geboren. Het woord tjurunga beteekent ,,der eigene, geheime Leib" en wanneer bij de inwijdingsriten van de puberteit de jongens hun tjurunga wordt getoond, zegt men tegen hen : ,,das ist dein Leib, das ist dein zweites Ich". De tjurunga beteekent het verbindend element tusschen den totemvoorvader en het individu, dat van hem afstamt. Maar tevens verbindt dit voorwerp het individu met zijn persoonlijk totem, met het dier of de plant, die op de tjurunga symbolisch is weergegeven. De mensch heeft nu de mogelijkheid om mede te werken aan de vermeerdering van de totems en dus aan de cultiveering van de macht. W a n t bij de z.g. intichiumariten, dat zijn de ceremonieën, die vervuld moeten worden opdat de totems zich zullen vermeerderen, worden de tjurunga's met vet en oker ingesmeerd. Door deze handeling ontvangt de tjurunga de kracht om op de levende representanten van het totem in te werken en de wasdom daarvan te vermeerderen. Bij de vermeerderingsriten worden inkervingen gemaakt in de armen. Het bloed wordt opgevangen en op den grond gestort. De bodem is n.l. opslagplaats der totemkiemen. Het bloed is een levenssap en ongehoord rijk aan mana. De primitieve mensch voelt, daar hij zich identiek weet met zijn totem, het totemleven in zich en kan dus door zijn eigen bloed te storten de totemkiemen, die in den bodem huizen, nieuwe kracht toevoeren. Het gaat er steeds om de kracht te vernieuwen, die oorspronkelijk in de voorvaderen aanwezig is. Deze hebben den grondslag gelegd voor de cultuur, zij hebben de orde in den kosmos gebracht en zijn daarna in den bodem verzonken. Met deze oerkracht moet men in verbinding blijven. Zij is behouden gebleven in de tjurunga's en wordt verder gedragen door de totems. Wij zijn hier een vorm van offer, dat ons vreemd voorkomt. De mensch offert van zijn eigen bloed om die buitengewone kracht, die voor ons besef van goddelijken oorsprong zou zijn, te versterken, teneinde daar later weer profijt van te kunnen trekken. Beth komt tot de conclusie, dat ,,der Totemismus, weit entfernt, eine Verehrung von Menschen, nahmlich Ahnen, oder von Tieren oder von bildlichen Darstellungen zu sein, vielmehr die Religion von einer Art anonymer und unpersönlicher Kraft ist, die sich in jeder dieser Wesen wiederfindet, ohne sich jedoch mit einem von ihnen zu konfondieren. Insoweit Totemismus Religion ist, ist er sonach eine Sonderform des Manaismus". Er zit echter naast de dynamistische trek nog een ander aspect aan het totemisme als religie. Een aspect, dat de primitief natuurlijk niet

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1945

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 128 Pagina's

1944-1945 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 39

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1945

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 128 Pagina's