1944-1945 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 102
2 constructies had hij al vroeg interesse, vervaardigde diabolo's, construeerde regelmatige veelvlakken, enz. In alle studievakken muntte hij echter uit, won vaak ook schoolprijzen voor Bijbelsche Geschiedenis en Engelse letterkunde. Op zijn vijftiende jaar tekende hij ovalen volgens een zelf bedachte methode. Een vriend zijns vaders, prof. Forbes, vond deze hoogst merkwaardig voor iemand van die leeftijd en deed er zelfs een mededeling over in de wiskundige faculteit der Universiteit van Edinburg. In de vacantie thuis deed hij veel proeven over licht met een ,,colour-box". Bij het verlaten der school was Maxwell de eerste in Wiskunde, Engels en bijna in Latijn. Op zijn 17de jaar werd hij nu student in Edinburg; aan de Universiteit beschouwden studenten en professoren hem al spoedig als een ontdekker op natuurfilosofisch gebied. Hij volgde niet alleen wis- en natuurkundige lessen, doch deed meteen veel aan filosofie en letteren. Zijn gezelschap was interessant wegens zijn sprankelende humor en geestigheid; men moest deze echter weten te vatten, want zijn conversatietalent was dikwijls niet rechtstreeks, doch enigszins paradoxaal. Maxwell's vlugge geest ging zo vaak snel van het een op het ander over, dat een gewoon student hem niet goed kon volgen. De Edinburgse Hogeschool was eigenlijk beneden zijn peil; na twee jaar is hij dan ook naar Cambridge vertrokken. Zijn vader had dit enige tijd tegengehouden, deels om zijn zoon dicht bij huis te hebben, deels omdat de Engelse Universiteiten ,,gevaarlijk" werden geacht voor jongelui. Vader Maxwell, die ouderling der Presbyteriaanse kerk was, vreesde voor ongeloof en Rooms-Katholieke invloeden in Engeland (ongeveer zoals ten onzent de Afgescheidenen vroeger vreesden voor de Rijks-Universiteiten). In Cambridge was Maxwell ook eerst een vreemde eend in de bijt, doch het duurde niet lang; spoedig' had hij een hele troep vrienden verworven. Hij muntte ook hier uit in de studie, verwaarloosde tevens niet lichamelijke training en ontspanning, wandelen, zwemmen en roeien. Eigenaardigheden bleef hij houden, doch ze waren nu meer studentikoos; het volgende wordt b.v. verhaald : Als het slecht weer was, om uit te gaan, ging hij soms een half uur lang door het internaat hollen, trap op trap af, tot er zoveel schoenen en ander werptuig naar zijn hoofd werd gesmeten uit de deuren, waar hij voorbijkwam, dat de gymnastische oefening wel gestaakt moest worden. Zijn uiterlijk werd ook meer mannelijk, de iris van zijn donkerbruin oog was bijna zwart, de lokken ravenzwart. De kleding was steeds keurig net, doch zonder opschik, wel had hij ook hierin een fijn gevoel voor harmonie en kleur. Voor ieder had zijn conversatie bekoring; van elke kring, waar hij verscheen, was hij vaak het middelpunt. Volgens de gewoonte aan Engelse Universiteiten, hielp hij als ouder en uitblinkend student ook jongere studenten. Het geschiedde met grote toewijding en zonder enige pedanterie; toch was hij als docent voor middelmatige leerlingen minder geschikt, de snelle wendingen konden zij niet volgen.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1945
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 128 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1945
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 128 Pagina's