Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Wetenschappelijke bijdragen aangeboden door hoogleraren der Vrije Universiteit ter gelegenheid van het vijftigjarig bestaan - pagina 213

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Wetenschappelijke bijdragen aangeboden door hoogleraren der Vrije Universiteit ter gelegenheid van het vijftigjarig bestaan - pagina 213

Aangeboden door hoogleraren der Vrije Universiteit ter gelegenheid van haar vijftigjarig bestaan (20 oktober 1930)

2 minuten leestijd

201 Het nominalisme van Zeno den Stoïcijn

Aan de rhetorica heeft Z e n o minstens één zijner geschriften

gewijd '). En ook het verhaal, dat hij iemand, die hem ter oplos-

sing van een sophisme — voor welke taak de dialectiek, als

rhetorica opgevat ^), immers z.i. vooral diende ^) — zeven onder-

scheidingen bijbracht, het dubbele betaalde van hetgeen deze hem

vroeg ^), toont wel, dat hij haar zeer hoog schatte.

11, Overzien we het gevondene, dan is alleen al op grond van

het voorgaande de conclusie gewettigd, dat Z e n o , nog afgezien

van z'n invloed op anderen, meer belangstelling verdient dan hem

in de handboeken gewoonlijk wordt toebedeeld Zijn geschriften

beslaan immers al niet slechts het geheele terrein waarop de

latere Stoa zich bewoog, maar ze bevatten ook reeds de voor-

naamste onderscheidingen die het denken zijner leerlingen onge-

meen bevruchtten. Z'n discipelen hebben van z'n theorie dan ook

ernstig kennis genomen, al hebben ze die dan ook hier wat aan-

gevuld en daar iets gewijzigd.

12. De beteekenis van Z e n o voor de geschiedenis der wijs-

begeerte komt vooral daarin uit, dat zoowel die aanvullingen

als die veranderingen hun grond vinden in de leemten, incon-

sequenties en contradicties van den meester. Een poging met

hem mee te denken ziet zich dan ook beloond met een vrij hel-

dere conceptie van de geschiedenis der Stoa in de oudheid. Met

enkele lijnen zij deze hier geschetst.

De oude Stoa blijft in hoofdzaak den meester trouw. Ook

C h r y s i p p u s bedoelt slechts diens leer nader uit te werken. Dat

deed hij voornamelijk met de theorie omtrent de attributen. Het

dogma der monadologie bracht hem er hier toe naast het ledige ook

de plaats, de aanduidbaarheid van ding, handeling en attribuut door

een woord en eindelijk nog den tijd als attributen op te vatten. Doch

juist met den tijd liep hij vast. Inderdaad vergt de consequentie

dat de monadoloog ook dezen niet rangschikt onder dingen of

handelingen: dat heeft ook K a n t begrepen. Doch waar blijft heel

de leer van het wereldproces indien men den tijd buiten de wer-

kelijkheid stelt! Geen wonder dat C h r y s i p p u s krachtens dit

1) S. V. F., I. 15, 1.

2) S. V . F., I, 21, 33.

3) S. V . F., I, 16, 17.

*) S. V. R , 1, 64, 15-18.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 20 oktober 1930

Publicaties VU-geschiedenis | 310 Pagina's

Wetenschappelijke bijdragen aangeboden door hoogleraren der Vrije Universiteit ter gelegenheid van het vijftigjarig bestaan - pagina 213

Bekijk de hele uitgave van maandag 20 oktober 1930

Publicaties VU-geschiedenis | 310 Pagina's