Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Wetenschappelijke bijdragen aangeboden door hoogleraren der Vrije Universiteit ter gelegenheid van het vijftigjarig bestaan - pagina 34

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Wetenschappelijke bijdragen aangeboden door hoogleraren der Vrije Universiteit ter gelegenheid van het vijftigjarig bestaan - pagina 34

Aangeboden door hoogleraren der Vrije Universiteit ter gelegenheid van haar vijftigjarig bestaan (20 oktober 1930)

2 minuten leestijd

Cyrus in Jes. 40—66 22

als een tegenwoordige spreekt, maar integendeel bij nadere beschou­

wing een aanwijzing blijkt te bevatten dat de geheele uitspraak als

aankondiging van toekomstige gebeurtenissen moet worden verstaan.

De tweede plaats die onze aandacht vraagt is te vinden in

hetzelfde hoofdstuk: het is Jes. 41 : 25—27. Deze plaats maakt

deel uit van de perikoop vs. 21—29, die met 41 : 1—7 groote

overeenkomst vertoont. Ook hier wordt namelijk een rechtsstrijd

geteekend, doch thans tusschen J h v h en de afgoden zelve. Die

afgoden worden uitgedaagd om eenig bewijs te leveren dat zij

werkelijk goden zijn (zie vs. 23), en daartoe moeten ze dan maar

eens voor den dag komen met een voorspelling van toekomstige

gebeurtenissen. De niet­uitgesproken veronderstelling is natuurlijk

dat zij dit niet kunnen, en daarom wordt in vs. 24 geconcludeerd,

dat zij als niets en niemendal te beschouwen zijn. Maar in tegen­

stelling met dit onvermogen der afgoden om een werkelijke

voorspelling te geven laat nu Israels God zien dat Hij daartoe

wel in staat is, en wel door te spreken van Cyrus, hoewel ook

hier weer zonder dat zijn naam wordt genoemd:

'0^2 NIS» B?as:;-nnTaa riiVi p'asa ^nn'yn

to'ü-DDT^ ixv 1031 -lon-iaa D»:JD D3»^I ')

pnx latii] D':sVoi nj;i3i CSID Tin 'a

W e ontmoeten hier precies hetzelfde verschijnsel als in de vorige

perikoop: de afwisseling der tempora. Eerst hebben we het Perf.

»nTyn, gevolgd door het Imperf. consecutivum ns'l, daarna de

Imperfecta DT en DQT, waarna weer het Perf. terugkeert in

l u n . Men zou geneigd kunnen zijn hierop dezelfde redeneering

toe te passen als wij in het voorafgaande gevolgd hebben, en

tot op zekere hoogte kan dat ook; toch staat de zaak hier ietwat

anders. In vs. 25 hebben we de zuivere parallel van het voor­

gaande: óf het Perfectum van de voltooide handeling en de

Imperfecta der nog voortgaande handeling, óf het Perfectum pro­

pheticum met futurale Imperfecta. Maar in vs. 26 moet dan in

') In plaats van het onbegrijpelijke N3> van den M. T. aanvaard ik met vrij­

wel alle exegeten de verbetering van J o h a n n e s C l e r i c u s .

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 20 oktober 1930

Publicaties VU-geschiedenis | 310 Pagina's

Wetenschappelijke bijdragen aangeboden door hoogleraren der Vrije Universiteit ter gelegenheid van het vijftigjarig bestaan - pagina 34

Bekijk de hele uitgave van maandag 20 oktober 1930

Publicaties VU-geschiedenis | 310 Pagina's