Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Wetenschappelijke bijdragen aangeboden door hoogleraren der Vrije Universiteit ter gelegenheid van het vijftigjarig bestaan - pagina 38

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Wetenschappelijke bijdragen aangeboden door hoogleraren der Vrije Universiteit ter gelegenheid van het vijftigjarig bestaan - pagina 38

Aangeboden door hoogleraren der Vrije Universiteit ter gelegenheid van haar vijftigjarig bestaan (20 oktober 1930)

2 minuten leestijd

Cyrus in jes. 40—66 26

decl hij wordt aldus geïntroduceerd : „zie een zoon zal aan het

huis van David worden geboren met den naam Josia". Maar

evenzoogoed is daarom toch dit noemen van zijn naam een reden

om de voorzegging voor onecht te verklaren; een overigens zoo

gematigd en voorzichtig criticus als K i t t e l ziet daarin een der

redenen om haar aan een laten tijd toe te schrijven '). Wij mogen

hieruit wel afleiden dat het niet zoozeer de manier is waarop de

naam van Cyrus wordt genoemd, als wel het feit zelf dat die

naam genoemd wordt, waarin het eigenlijke bezwaar gelegen is.

En nu kan dit laatste zeer zeker een onoverkomelijk bezwaar zijn

tegen de authenticiteit van Jes. 40—66 voor ieder die niet ten

volle rekent met de aan geen chronologische grenzen gebonden

Goddelijke voorwetenschap, maar een objectieve aanwijzing dat

Cyrus reeds was opgetreden is het toch allerminst. Indien een

profeet door Goddelijke openbaring een paar eeuwen van te voren

de komst van Babels veroveraar kon aankondigen, was het wel

waarlijk geen bezwaar om ook diens naam te noemen. Overigens

hebben we reeds bij de behandeling van Jes. 41 : 1—7 moeten

spreken over de eenigszins vage en mysterieuze manier waarop

de figuur van Cyrus voor de eerste maal wordt ten tooneele

gevoerd. Wanneer hij dan eerst ettelijke hoofdstukken verder

met name wordt genoemd, maakt dit toch weinig den indruk, dat

de bedoeling is hem als een bestaande en bekende historische

persoonlijkheid te teekenen. Maar in ieder geval, het noemen van

zijn naam zonder meer is daarvoor zeker geen bewijs.

W a t nu overigens deze passage betreft, wordt wel algemeen

erkend dat hetgeen hier van Cyrus wordt gezegd in hoofdzaak

op de toekomst betrekking heeft: het gaat hier over diens ver-

overing van Babel, en als gevolg daarvan de vrijlating der Joden

en den herbouw van Jeruzalem en den tempel. De vraag kan

alleen rijzen hoe we te oordeelen hebben over de uitdrukking

in 45 : 1

Moet uit het hier gebezigde Perfcctum worden afgeleid dat

Cyrus dus reeds was opgetreden ? In verband met het Hebreeuwsche

taaieigen moet dit zeker worden ontkend. In een uitspraak die in

') Die Bücher der Könige, Göttingen 1900, bldz. 112.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 20 oktober 1930

Publicaties VU-geschiedenis | 310 Pagina's

Wetenschappelijke bijdragen aangeboden door hoogleraren der Vrije Universiteit ter gelegenheid van het vijftigjarig bestaan - pagina 38

Bekijk de hele uitgave van maandag 20 oktober 1930

Publicaties VU-geschiedenis | 310 Pagina's