Wetenschappelijke bijdragen aangeboden door hoogleraren der Vrije Universiteit ter gelegenheid van het vijftigjarig bestaan - pagina 175
Aangeboden door hoogleraren der Vrije Universiteit ter gelegenheid van haar vijftigjarig bestaan (20 oktober 1930)
163 D e Leerschool van Bucretia Wilhelmina
wege de StatenGeneraal en hun beide amanuenses, lazen den
nieuwen bundel samen uit drie andere. Hoe het toeging, is ons zeer
uitvoerig beschreven door één der negen, Ds. J o s u a v a n
I p e r e n; toch zou voor onzen tijd een nieuw onderzoek, althans
uit taal en letterkundig oogpunt, nog wel belangrijk zijn. W a n t
anderhalve eeuw lang heeft deze psalmbundel, godsdienstig en
letterkundig, op de uitdrukking en voorstelling van ons Protestant
sche volk over vele kerkelijke grenzen heen, onafgebroken invloed
geoefend. Men koos — elk kerkboek vermeldt het nog — uit de
verzamelingen van G h ij s e n, van V o e t , van het genootschap
„Laus Deo, Salus Populo". De Amsterdamsche voorzanger G h ij
s e n had al een eeuw vroeger in zijn Hoonigraat der Psalmdichten
(1686) het ondernomen, als H u y g e n s zei „'t gerijm van seven
tien in één gerijm te rijgen, en dacr een beter uit als seventien te
krijgen". Men nam er van hem, „om hem de volle maat te geven",^)
en ook wel bij gebrek aan beter, tien; van den Haagschen dokter
ambtenaar en reeds geliefden stichtelijken liederdichter V o e t ,
met zijn staf van meer dan vijftig gereformeerde letterkundige en
theologische beschavers *), het meerendeel, tweeentachtig; van
„het Amsterdamsche genootschap" de andere achtenvijftig. Die
getalsverhouding is merkwaardig. V o e t en zijn staf werden
theologisch volkomen betrouwbaar geacht, Laus Deo echter niet.
Dat hun bundel vrijwel dadelijk bij Doopsgezinden en Remon
stranten was ingevoerd, kon moeilijk tot aanbeveling strekken; ook
was er zelfs in de Taelkandige Bijdragen bij de verschijning reeds
tegen gewaarschuwd „omdat de berijmers onderling in Religiezaken
verschillen".') Ook in de kerkelijke besprekingen, lang voor de
beslissing, was meer dan eens ongerustheid op dit punt tot uiting
gekomen. Zoo van Sluis, „hoe schoon dat Psalmboek ook w a r e " . . .
(1762) *). Walcheren ried slechts schoorvoetend tot een keuze
uit G h ij s e n. V o e t „en ook eenigszins van Laus Deo". ^) Maar
de classes Haarlem en Amsterdam, en door haar invloed straks
ook de synode van NoordHolland stonden pal voor een keuze uit
^) v. I p e r e n a.w. II 333.
2) T. en Dk. Bijdv. I, 263.
*) Z.w. I, 263—4; schrijver is L e 1 y v e 1 d.
*) V . I p e r e n a.w. I, 300.
») Z.w. I, 302.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 20 oktober 1930
Publicaties VU-geschiedenis | 310 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van maandag 20 oktober 1930
Publicaties VU-geschiedenis | 310 Pagina's