Wetenschappelijke bijdragen aangeboden door hoogleraren der Vrije Universiteit ter gelegenheid van het vijftigjarig bestaan - pagina 189
Aangeboden door hoogleraren der Vrije Universiteit ter gelegenheid van haar vijftigjarig bestaan (20 oktober 1930)
HET NOMINALISME VAN ZENO
DEN STOÏCIJN
D. H. TH. VOLLENHOVEN
Eén der desiderata van den historic us der philosophie is een
werk over de gesc hiedenis van het nominaUsme. Dat het tot nog
toe niet versc heen zal wel voor een deel daaraan zijn toe te
schrijven, dat de voornaamste sc hool binnen deze ric hting, nl. de
Stoa, nog steeds op een behoorlijke besc hrijving van hare his
torie wac ht.
Wanneer men zic h afvraagt wat de aanvulling van laatst
genoemde leemte in den weg staat, dan valt het oog op twee
perloden, die bezwaren opleveren. De eerste is die der oude Stoa,
de tweede het tijdvak der vroege middeleeuwen.
De moeilijkheden voor welke men in beide gevallen staat zijn
van zeer versc hillenden aard. In de middeleeuwen is de Stoa
een verstekeling: was haar ten tijde der patres — om haar rigo
risme in de prac tijk, om haar tritheïsme en sabellianisme In de
leer omtrent de Triniteit en om haar apollinaristisc he probleem
stelling in de Christologie — rechtstreeksche invloed op de vor
ming van het dogma ontzegd, en was ze reeds daardoor niet
ongebroken tot de middeleeuwen overgekomen, erger nog voor
haar was, dat dit tijdvak zoo door en door „reaJistisc h" w a s :
het rijksbewustzijn vergde voortdurende samenwerking van regnum
en sac erdotium, en beide vertegenwoordigden mac hten in welke
de Stoa geen belang stelde, 't Gevolg is, dat de besc hrijving van
hare gesc hiedenis in dien tijd moet uitgaan van de vraag, wat
toch wel, terwijl haar moraal toc h overal bekend was, de her
leving van haar systeem in den weg stond. En het resultaat zal
wel zijn, dat de historic us behalve de innerlijke verbrokkeling der
Stoa tal van nietrec htstreekswijsgeerige fac toren vindt, die juist
in antinominalistisc he ric hting werkten.
De moeilijkheden met welke het onderzoek van de oude
Stoa heeft te kampen dragen een geheel ander karakter; de
verdedigers van dit nominalisme behoefden zic h indertijd waarlijk
w. B. 12
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 20 oktober 1930
Publicaties VU-geschiedenis | 310 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van maandag 20 oktober 1930
Publicaties VU-geschiedenis | 310 Pagina's