Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Wetenschappelijke bijdragen aangeboden door hoogleraren der Vrije Universiteit ter gelegenheid van het vijftigjarig bestaan - pagina 33

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Wetenschappelijke bijdragen aangeboden door hoogleraren der Vrije Universiteit ter gelegenheid van het vijftigjarig bestaan - pagina 33

Aangeboden door hoogleraren der Vrije Universiteit ter gelegenheid van haar vijftigjarig bestaan (20 oktober 1930)

2 minuten leestijd

21 Cyrus in ]es. 40—66

Het is niet noodig lang stil te staan bij het feit dat de heiden-

volken hier tot getuigen worden geroepen. W a n t dit is natuurlijk

, een rhetorische figuur, er is geen sprake van dat er een werke-

lijke rechtsstrijd zou plaats hebben. Deze rhetorische figuur laat

vanzelf zoowel een zuiver futurale beteekenis toe als een betrek-

king op wat reeds in het heden is begonnen verwerkelijkt te

worden.

In de verzen 5 en 6 krijgen we opnieuw te doen met dezelfde

afwisseling der verhaalvormen. Volgens de meest waarschijnlijke

opvatting geeft J h v h hier een beschrijving van den indruk dien

het optreden van Cyrus op de volken maakt. W e hebben eerst

het Perfectum iNl, en dan (met 1 copulativum!) het Imperfectum

INT'l alsmede ^'\'-[7\'' , vervolgens opnieuw het Perf. lanp met het

Imperfectum consecutivum ( = Perfectum) jmN'i_, en daarna weer

twee Imperfecta nrj?^ en i n s ' . Hier doen zich weer dezelfde twee

mogelijkheden voor: óf de voltooide en de in het heden aan-

vangende en nog doorgaande (onvoltooide) handeling, óf profe-

tische Perfecta met futurale Imperfecta, waardoor het geheel op

de toekomst betrekking heeft. In deze verzen vind ik evenwel

een aanwijzing dat wij aan de laatste mogelijkheid den voorrang

moeten toekennen. Het Perfectum -IN") kan zeer bezwaarlijk van

de voltooide handeling worden verstaan; immers het zien van

Cyrus gaat bij de volken door, zoolang zijn zegetocht duurt; en

dit wordt nog versterkt door de samenkoppeling met het Imper-

fectum 1KT': als het „vreezen" is de doorgaande handeling, zal

dit met het „zien" wel eveneens het geval moeten zijn: zoolang

de volken Cyrus zien, zijn zij met vrees vervuld, zij vreezen

omdat zij zijn voortdurende successen, zijn onweerstaanbaar voort-

dringen zien. Men kan zich onmogelijk het „zien" als voltooid

denken, terwijl het „vreezen" nog doorgaat. Beide handeUngen

moeten noodwendig in dezelfde tijdssfeer liggen, en daarom kan

hier de afwisseling van Perf. en Imperf. alleen verklaard worden,

doordat het eerste profetisch is, waarmee beide in dezelfde tijds-

sfeer, n.1. in de toekomst, komen te liggen.

Slotsom van onze beschouwing van }es. 41 : 1^—7 moet dus zijn, dat

deze perikoop niet alleen niet met zekerheid van Cyrus' verschijning

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 20 oktober 1930

Publicaties VU-geschiedenis | 310 Pagina's

Wetenschappelijke bijdragen aangeboden door hoogleraren der Vrije Universiteit ter gelegenheid van het vijftigjarig bestaan - pagina 33

Bekijk de hele uitgave van maandag 20 oktober 1930

Publicaties VU-geschiedenis | 310 Pagina's