Wetenschappelijke bijdragen aangeboden door hoogleraren der Vrije Universiteit ter gelegenheid van het vijftigjarig bestaan - pagina 222
Aangeboden door hoogleraren der Vrije Universiteit ter gelegenheid van haar vijftigjarig bestaan (20 oktober 1930)
Roasseau en het Calvinisme 210
In zijn „Guide historique et pittoresque de l'étranger è Geneve" i ) ,
zegt h i j : „Rousseau a la fois francais et genevois, fut un produit
aussi logique que contradictoire de l'esprit calviniste, qu'il ne ccssa
de combattre en Ie manifestant en de manifester en Ie combattant,
soit en religion, soit en morale, soit en politique" 2),
H . v o n S c h u b e r t betoogt in zijn rede ter gelegenheid van
het Calvijnjubileum 3), dat R o u s s e a u toch „das alte Huge-
notenblut verrate", omdat hij in het „contrat social" de religie als
noodwendigen grondslag voor de sociale en politieke eenheid stelt,
en omdat hij, voor het niet houden van de ,,religion civile" ver-
banning, en op ontkenning van die rehgie de doodstraf zet. Zoo
wordt betoogd, dat R o u s s e a u dicht stond bij C a 1 vij n, „die
S e r v e t verbrandde"! *)
Ook van de zijde van het fransche protestantisme heeft men méér
dan eens gepoogd, het te doen voorkomen alsof dit protestantisme
met zijn eerbied voor R o u s s e a u toch eigenlijk zóó het calvinis-
me vertegenwoordigde. In 1903 poneerde M é a l y voor de
Parijsche protestantsche theologische faculteit hierover nog eenige
stellingen 5).
Nu ontbreekt het ook niet aan tegenspraak. Meer dan eens werd
betoogd, dat het niet aangaat om de theoriën van R o u s s e a u uit
het Calvinisme te willen afleiden. Zoo bijvoorbeeld niemand minder
dan T r o e l t s c h in zijn „Soziallehren der christlichen Kirchen
und Gruppen". Letterlijk schrijft hij : „Das Naturrecht der Zeit
nach Grotius entfernt sich noch weiter von den Calvinistischen
Grundlagen. Rousseau vor allem, von dem Gierke treffend sagt, dasz
er den Herrschaftsvertrag in den Gesellschaftsvertrag zurückge-
schlungen hat (Alth. 91 f.), hat eben damit jedes historische Recht
vernichtet und das Ideal kleiner federativer Republiken mit
Wahrung der ursprünglichen Freiheit und Gleichheit durch die
Begründung aller Gesetzgebung auf die Urversammlung aufgestellt,
was den Schweizer Republiken entsprechen mag, aber mit dem
*) Geneve (z. j.).
'^) a. w. pag. 7.
3) Tubingen, 1909.
*) a. w. pag. 32 en 43.
5) In „Les publicistes de la Reforme" (1903).
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 20 oktober 1930
Publicaties VU-geschiedenis | 310 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van maandag 20 oktober 1930
Publicaties VU-geschiedenis | 310 Pagina's