Wetenschappelijke bijdragen aangeboden door hoogleraren der Vrije Universiteit ter gelegenheid van het vijftigjarig bestaan - pagina 303
Aangeboden door hoogleraren der Vrije Universiteit ter gelegenheid van haar vijftigjarig bestaan (20 oktober 1930)
291 Psychosen bij debilitas mentis
verschijnselen, zooals die zich openbaren in bewegingsdrang.
stereotype houdingen, spanningen, katalepsie, echopraxie, negati-
visme en paralogie sterk naar voren treden. Dit is geheel in over-
eenstemming met de psychopathologie van de ohgophrenie en met
de algemeen-psychologische ervaring omtrent het primitieve leven :
op een lager of meer primitief intelligentieniveau wordt de autoch-
thone bewegingsdrang minder geremd. En zoo vinden we bij alle
vormen van zwakzinnigheid stereotypieën, die, in overeenstemming
met den geringen graad van ontwikkeling, dikwijls elementair en
monotoom zijn. Z e komen overeen met allerlei gewoonten bij ge-
zonden (slingeren met de beenen, duimen draaien, e.d.) als uiting
van hun niet beheerschten bewegingsdrang. Bij kinderen vinden we
dergelijke stereotypieën als bommen en wiegelen vaak sterk uitge-
sproken. Bij zware oligophrenen komen ze zeer frequent voor, ook
buiten de psychotische toestanden ; P 1 a s k u d a vindt ze bij
idioten in 60 %. Deze eigenaardige motorische verschijnselen
vinden we in de psychose terug ; en waar we in den affectieven
toestand en katathyme waanvorming reeds een uiting zagen van de
debiliteit zelf, daar behoeft het niet te bevreemden, dat deze psycho-
motore stoornissen bij de oligophrene krankzinnigheid nog sterker
naar voren komen. Soms gelijken ze op tics, soms zelfs op echte
schizophrenie-symptomen, alsof de motoriek geheel aan de heer-
schappij van den persoon zelf is onttrokken.
Maar naast de pathogenese uit den ongeremden monotonen be-
wegingsdrang bij oligophrenen kunnen we het op den voorgrond
treden van psychomotore verschijnselen ook verstaan uit de be-
levingsstructuur op een meer primitief intelligentieniveau. Psycho-
logische studies aan kinderen, primitieven of ook aan volwassenen,
bij wie een desintegratie van het psychische leven is opgetreden,
leeren, dat handeling èn waarneming, beleving en psychomotorische
actie een oorspronkelijk structureele éénheid vormen ; het kind leeft
in de actie, antwoordt op onze vraag met een handeling, de
primitieve mensch neemt handelend waar, denkt in zijn psycho-
motoriek. Bij een voortschrijdende ontwikkeling is één der voor-
naamste kenmerken de differentiatie der verschillende sferen : de
mogelijkheid van het niet-aanschouwelijk denken, het spreken
zonder grove lichaamsbewegingen, de gemoedsbeweging zonder
somatische begeleid-verschijnselen, Daarentegen is de ongedifferen-
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 20 oktober 1930
Publicaties VU-geschiedenis | 310 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van maandag 20 oktober 1930
Publicaties VU-geschiedenis | 310 Pagina's