Wetenschappelijke bijdragen aangeboden door hoogleraren der Vrije Universiteit ter gelegenheid van het vijftigjarig bestaan - pagina 282
Aangeboden door hoogleraren der Vrije Universiteit ter gelegenheid van haar vijftigjarig bestaan (20 oktober 1930)
Psychosen bij debititas mentis 270
normale ontwikkeling ligt de groep der minder begaafden, welke
we samenvatten onder debilitas mentis.
Naast deze indeeling van W i l d e r m u t h is er een aetiologische
klassificatie, waarbij onderscheid gemaakt wordt tusschen die vor-
men, welke berusten op hereditaire degeneratie en die, welke wor-
den veroorzaakt door exogene beschadiging in de foetale periode
of in den eersten tijd van het kinderleven. Wij spreken niet van
debilitas mentis, indien het letsel plaats heeft in een levens-
periode, waarin reeds een zekere geestelijke ontwikkeling tot stand
is gekomen, wanneer reeds begrippen zijn gevormd en analytische
en synthetische werkzaamheid is verricht. Het exogene moment moet
dus hggen in de allereerste periode van het kinderleven. In de prak-
tijk is het soms moeilijk uit te maken, of we met een erfelijke belas-
ting of kiemschading, dan wel met een ziektc-proces in de eerste le-
vensphase te doen hebben. W e zijn dan dikwijls aangewezen op
anamnestische gegevens; maar daarbij zullen eigenhefde en de
behoefte tot causahsatie er gemakkelijk toe leiden, de voorgeschie-
denis zóó te kleuren, dat een hersenontsteking, een trauma of een
kinderziekte als oorzakelijk moment voor de achterlijkheid op-
gegeven wordt, terwijl de degeneratieve aanleg wordt gemaskeerd.
Tooh kent de klinicus reeds verschillende scherp omschreven groe-
pen, waarvan de aetiologie bekend is, zooals het kretinisme, de
thyreo-aplasie, zwakzinnigheid bij congenitale lues en de oHgo-
phrene toestanden na encephahtis, bij hydrocephalus en porence-
phalie.
W i j hebben bij de bestudeering van ons onderwerp van boven-
genoemde klassificaties gebruik gemaakt, waardoor al dadelijk in
verband met het doel en de richting van het onderzoek enkele
groepen konden wegvallen. Het gaat ons toch om de psychosen bij
oligophrenen, om de veelvormigheid der beelden, die ze kunnen ver-
toonen en nu is het reeds sedert K r a e p e l i n bekend, dat een
hooggradige stoornis in de geestelijke vermogens den rijkdom van
de ziektebeelden beperkt. Willen we dus eenig relief krijgen in de
psychopathologie der ohgophrenen, dan zullen we de stompzinnigen
buiten beschouwing laten en ons richten op de psychosen bij de
minder begaafden, de lijders aan debilitas mentis.
Verder moeten voor een doeltreffende bewerking uitgezonderd
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 20 oktober 1930
Publicaties VU-geschiedenis | 310 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van maandag 20 oktober 1930
Publicaties VU-geschiedenis | 310 Pagina's