Wetenschappelijke bijdragen aangeboden door hoogleraren der Vrije Universiteit ter gelegenheid van het vijftigjarig bestaan - pagina 59
Aangeboden door hoogleraren der Vrije Universiteit ter gelegenheid van haar vijftigjarig bestaan (20 oktober 1930)
47 D e Uitzetting van Mr. Willem Bilderdijk
terugkeer had hij ze hem teruggegeven, zelfs, naar hij zegt, tegen
den wil der chënten ; V a n d e r M e e r s c h — zoo voegt hij
daaraan toe — was ook wel edelmoedig van zijn kant i ) . Dat moet
hij getoond hebben, toen de omwenteling van 1795 de tegenover-
gestelde partij aan het roer bracht en hij Procureur-Generaal of
Advocaat-Fiscaal werd van het nieuwe Hof van Holland. Het ligi
voor de hand aan te nemen, dat B i 1 d e r d ij k van hem, of o.m.
van hem, de onderhandsche verzekeringen gekregen heeft, dat men
hem zijn beroep niet onmogelijk zou maken, en, een tijd later, het
nadrukkelijk advies, een adres in te dienen; zoo hem al voorshands
de uitoefening van zijn beroep belet werd, dan zou hij toch na
zekeren tijd weer toegelaten kunnen worden. Waarschijnlijk zullen
de Heeren van het Hof, gelet op den tegenstand, die zich tegen de
aflegging van den eed openbaarde, verwacht hebben, dat de Re-
geering na verloop van tijd wel wat zou inbinden. Dat is inderdaad
gebeurd, en zoo heeft B i l d e r d i j k ' s vriend D i r k v a n d e r
L i n d e n , die eveneens een request had ingezonden, al betrekkelijk
spoedig weer zijn beroep kunnen hervatten. Het was a priori niet
onmogelijk te achten, dat B i l d e r d i j k hetzelfde wedervaren zou.
Zoo zou te verklaren zijn, dat hij, na eenige weken tevoren ge-
meend te hebben zonder meer zijn beroep te moeten laten varen, nu
een request indient. Stellig zal V a n d e r M e e r s c h niet ver-
wacht hebben, dat dit zóó uitvallen zou, dat men hem gelastte
B i 1 d e r d ij k aan te zeggen, binnen 24 uur Den Haag te moeten
verlaten. Immers al was de aandrang tot indiening van het Hof
uitgegaan, dit was — het behoeft nauwelijks gezegd te worden —
in het minst niet voor den inhoud van het request verantwoordelijk
1) Mengelingen en Fragmenten (1834), p. 15—16.
B i l d e r d i j k ' s brief aan V a n d e r M e e r s c h van 25 Maart 1795
(waarvan een facsimile in J. P o s t m u s , Oud-Holland en de Revolutie, vóór
p. 143) wijst er ook wel op, dat hij met hem op goeden voet stond. Anders zou
hij zich allicht niet veroorloofd hebben hem aan te spreken met „Burger Fiscaal"
en hem, aan het slot, „waarachtig Heil en Broederschap" toe te wenschen.
Over zijn relaties met andere Patriotten, cf. Brieven II, p. 53. Daar blijkt, dat
er zelfs Representanten waren, die na het bevel tot zijn uitzetting nog gepoogd
hebben hem over te halen „een stap te doen, die tot niets kon dienen, dan om
eene ingewikkelde contradictie in mijn gedrag te kunnen vinden". Wat hij verder
schrijft over H e s p e en A s s e r , zou eerst duidelijk kunnen worden, wanneer
we er ook andere gegevens over hadden.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 20 oktober 1930
Publicaties VU-geschiedenis | 310 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van maandag 20 oktober 1930
Publicaties VU-geschiedenis | 310 Pagina's