Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Wetenschappelijke bijdragen aangeboden door hoogleraren der Vrije Universiteit ter gelegenheid van het vijftigjarig bestaan - pagina 40

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Wetenschappelijke bijdragen aangeboden door hoogleraren der Vrije Universiteit ter gelegenheid van het vijftigjarig bestaan - pagina 40

Aangeboden door hoogleraren der Vrije Universiteit ter gelegenheid van haar vijftigjarig bestaan (20 oktober 1930)

2 minuten leestijd

Cyrus in Jes. 40—66 28

Dit vers is een loflied, waarop de aankondiging van Cyrus

uitloopt. Het is duidelijk dat hierin bezongen wordt het toekom-

stig heil, waarvan in de geheele perikoop is gehandeld. Met het

oog daarop kan het Perfectum vnxna noch verledene noch tegen-

woordige beteekenis hebben, maar moet het als Perf, propheticum

worden beschouwd.

Bovendien moeten we de vraag beantwoorden, of niet hetnaKTi

B?"12S van 44 ; 28 en het la^ wvah mn» noN 7\'2 van 45 : 1 er op

wijzen dat Cyrus reeds een bestaande historische persoonlijkheid

geworden was. Men kan immers eerst spreken tot een persoon

die er is. N u is in de eerste plaats mogelijk de S te vertalen door

„over" of „van" ; maar zelfs al zou de vertaling „tot" vaststaan,

dan behoeft dit toch nog allerminst in zich te sluiten dat Cyrus

reeds aanwezig was. Het spreken Gods tot Cyrus kan heel goed

verstaan worden van de praedestineerende roeping; zie wat hier-

over gezegd is op 45 : 1.

Enkele woorden moeten we vervolgens wijden aan Jes. 45 : 13,

waar, al weer zonder dat hij met name genoemd wordt, Cyrus

wordt bedoeld :

De Imperfecta duiden hier aan wat hij doen zal: hij zal Jeruzalem

herbouwen en de Joodsche ballingen de vrijheid geven. Dat is

zeker toekomstig bedoeld. Toekomstig moet dan eveneens zijn het

algemeene n*N : God zal al zijne wegen effenen. W a t nu aangaat

het Perf. innn'yn, waarmee het vers begint, dit kan naast deze

zuivere Imperfecta zeer goed als een Perf. propheticum worden

opgevat. Aan de andere zijde kan het echter ook wel als een

Perfectum van de voltooide handeling worden verstaan : Cyrus is

reeds opgetreden, terwijl daarna in de volgende Inperfecta met

futuralen zin wordt gezegd wat deze reeds opgetreden wereld-

veroveraar verder nog doen zal. Daar beide mogelijkheden bestaan,

zou het evenwel onjuist wezen op grond van deze plaats te ver-

klaren dat Cyrus in Jes. 40—66 als een reeds bestaande persoon-

" lijkheid wordt geteekend.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 20 oktober 1930

Publicaties VU-geschiedenis | 310 Pagina's

Wetenschappelijke bijdragen aangeboden door hoogleraren der Vrije Universiteit ter gelegenheid van het vijftigjarig bestaan - pagina 40

Bekijk de hele uitgave van maandag 20 oktober 1930

Publicaties VU-geschiedenis | 310 Pagina's