Wetenschappelijke bijdragen aangeboden door hoogleraren der Vrije Universiteit ter gelegenheid van het vijftigjarig bestaan - pagina 245
Aangeboden door hoogleraren der Vrije Universiteit ter gelegenheid van haar vijftigjarig bestaan (20 oktober 1930)
233 der rechtswetenschap in het licht der Wetsidee
Ieder compromis met zulk een in den grond heidensche, wijl
afgodische wijsbegeerte, beteekent voor het Christendom een inner-
lijk tegenstrijdige synthese.
De humanistische philosophie beteekent in ieder harer schakee-
ringen een ontzaglijke zin-verarming, of liever zin-berooving der
tijdelijke realiteit, wijl de humanistische wetsidee onvereenigbaar is
met de aanvaarding van de religieuze in het Christendom geopen-
baarde zin-volheid der schepping en de kosmos in zijn organischen
samenhang noodwendig in zijn hypostaseerende, verabsoluteerende
instelling moet uitéénscheuren, of den ontzaglijken rijkdom zijner
zin-verscheidenheid moet ten offer brengen aan de verabsoluteerde
functies der realiteit.
De religieus organische instelling der Calvinistische wetsidee
openbaart zich primair in de aanvaarding van een kosmische orde
der wetskringen, krachtens welke deze kringen naar de meer of
mindere comphcatie van hun generale zinstructuur elkander in den
kosmischen tijd fundeeren. De kosmische tijd is, symbolisch uitge-
drukt, het prisma, waardoor de onvergankelijke, boventijdelijke reli-
gieuze zin haar straalbreking vindt in de zinfancties der in eigen
kring souvereine wetskringen.
De fundeerende wetskringen kunnen wij de substraatsklingen
van de kosmisch latere kringen noemen.
Geen dezer substraatskringen kan worden geëlimineerd zonder
,I dat alle latere kringen hun souvereinen zin verliezen.
In de generale souvereine zin-structuur van iederen wetskring
weerspiegelt zich zoowel naar de wets- als de subjectszijde de orga-
nische samenhang met den souvereinen zin van alle andere wets-
kringen, waardoor gewaarborgd is, dat geen enkele wetskring bui-
ten den organischen zin-samenhang met de andere kan bestaan.
Daardoor vertoont de generale zin van iederen wetskring zelf een
kosmisch-organische structuur, waarin de zin-kern de souvereiniteit
in eigen kring waarborgt, terwijl de door die kern gequalificeerde
analogieën in de zinstructuur die zin-elementen zijn, welke terug-
wijzen naar den zin der substraatskringen, de anticipaties, die zin-
elementen, welke vooruitwijzen naar den zin van de kosmisch-latere
wetskringen en den zin van den wetskring verdiepen door benade-
ring in eigen zin van den zin der latere kringen.
„I Zoo verdiept de anticipeerende functie van het oneindig klein
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 20 oktober 1930
Publicaties VU-geschiedenis | 310 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van maandag 20 oktober 1930
Publicaties VU-geschiedenis | 310 Pagina's