Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Gewoon of tóch bijzonder. EMGO-instituut 1987-1997. - pagina 18

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Gewoon of tóch bijzonder. EMGO-instituut 1987-1997. - pagina 18

2 minuten leestijd

16

hand: de toename van het aantal relevante vraagstellingen en van het aantal

onderzoekers is beduidend groter dan die van de beschikbare budgetten.

Daarnaast wordt in de samenleving en de politiek steeds vaker gevraagd naar de

opbrengst van de ingezette middelen voor onderzoek op de korte en middellange

termijn.

Hoewel er in Nederland op dit gebied inmiddels vrij veel ervaring is

opgedaan, bestaat er nog geen algemeen aanvaarde en bewezen effectieve

methode van onderzoeksprogrammering. Een aantal noodzakelijke stappen voor

goede programmering zijn:

1. Het afgrenzen van het toepassingsgebied waarop de prioritering betrekking

heeft. Vaak gebeurt dit niet of impliciet, hetgeen achteraf tot grote

verwarring kan leiden.

2. Het vaststellen hoe het onderzoeksbeleid in het desbetreffende veld tot stand

komt en wat daarbij de vaak impliciete criteria zijn.

3. Explicitering van de criteria aan de hand waarvan prioritering kan

plaatsvinden. Hierbij is te denken aan: omvang van het gezondheidsprobleem,

de potentieel bereikbare gezondheidswinst als gevolg van toepassing van de

onderzoeksresultaten, de slaagkans van het onderzoek, de omvang van het

benodigde onderzoek, etcetera.

4. Het in kaart brengen van de stand van het onderzoek binnen het

desbetreffende gebied. De mate van gedetailleerdheid hangt af van de

omvang van het totale te prioriteren gebied.

5. Het aangeven van onderzoeksprioriteiten en het vaststellen van de mate

waarin het onderzoek top-down zal moeten worden gestuurd.

6. Het na een aantal jaren vaststellen of de onderzoeksprioritering het beoogde

effect heeft gehad. Dit kan alleen goed gebeuren zolang de verwachtingen

over de effecten van deze prioritering goed zijn gedocumenteerd.

Een systematische toepassing van deze procedure hoeft niet altijd tot een

intuïtief voor de hand liggende prioritering te leiden. Tijdens de presentatie zal

het een en ander met voorbeelden worden toegelicht.

Prioriteiten bij huisartsgeneeskundig onderzoelc:

terug naar de huisartspralctijk

Dr. F.J. Meijman

Wetenschappelijk onderzoek op het gebied van de huisartsgeneeskunde

floreert als nooit te voren. Vanuit het gezichtspunt van de praktiserende huisarts

(en zijn patiënten) in Nederland rijzen echter gaandeweg meer vragen ten

aanzien van de relevantie voor de dagelijkse praktijk van de bevindingen van al

dat ingenieuze 'huisartsgeneeskundige' onderzoek. Nog afgezien van de

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1997

Publicaties VU-geschiedenis | 270 Pagina's

Gewoon of tóch bijzonder. EMGO-instituut 1987-1997. - pagina 18

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1997

Publicaties VU-geschiedenis | 270 Pagina's