Gewoon of tóch bijzonder. EMGO-instituut 1987-1997. - pagina 186
182
de randstad wel wat veel was. Onder andere de duplicering van onderzoeks-
activiteiten en het ondoelmatig gebruik van dure uitrusting voor wetenschap-
pelijk onderzoek brachten de minister er toe om in 1986 het beleidsvoornemen
'Krimp en Groei Universiteiten en Academische Ziekenhuizen 1987-1991' te
publiceren. Hierin werd gesteld: 'De huidige operatie dient te leiden tot een
verhoging van de kwaliteit van onderwijs en onderzoek en (of door middel van)
meer samenwerking tussen universiteiten'. Binnen de SKG-operatie zouden de
VU en de UvA samen een van de clusters vormen binnen de randstad en zij
moesten streven naar samenwerking op het gebied van onderwijs, onderzoek en
patiëntenzorg.
Extramurale geneeskunde was als groeigebied aangemerkt voor de VU en
Maastricht. Mandema geeft aan dat in de stukken van de SKG naar voren komt
dat de VU niet erg verguld was met dit groeigebied. Een passage uit de
beleidsnota van de UvA en VU ten aanzien van de Krimp en Groei geeft dit
duidelijk weer: ' De commissie verantwoordelijk voor de beleidsnota wijst
een uitsluitende profilering van het Amsterdamse cluster op het gebied van de
eerstelijns geneeskunde en psychosociale zorg ten sterkste van de hand. Niet
alleen zou een dergelijk eenzijdig profiel in flagrante tegenspraak zijn met de
aanbevelingen van de KNAW in het Deelplan Onderzoek van het Disciplineplan
Geneeskunde, maar vooral ook zou dit leiden tot een enorme afbraak van
hoogwaardig (VF) onderzoek !' Mandema: 'Men kreeg de indruk dat
Maastricht en in zekere zin ook de VU wilden zijn zoals ieder ander academisch
ziekenhuis met allerlei specialisaties, zoals bijvoorbeeld hartchirurgie, etcetera.
Men wilde niet een soort veredeld algemeen ziekenhuis zijn, dat vooral gericht
was op de huisartsgeneeskunde. Toch kreeg de VU een extra groei-impuls van
10 miljoen voor de extramurale geneeskunde, die men wel wilde aanvaarden'.
Krijgt de faculteit de felbegeerde miljoenen?
Deetman stelde een commissie samen die de onderzoeksvoorstellen van de
VU en Maastricht ten aanzien van de profilering op de extramurale geneeskunde
diende te beoordelen. Indien de commissie positief zou adviseren dan zou
Deetman klaar staan met een gulle gift van 10 miljoen voor de daadwerkelijke
invulling van deze profilering. De plannen werden beoordeeld door de
commissieleden mw.dr. E. Borst-Eilers, prof.dr. F.J.A. Huygen en prof.dr. E.
Mandema.
Op basis van de onderzoeksvoorstellen vond de commissie dat het
extramuraal geneeskundig onderzoek binnen de VU niet de vorm zou krijgen die
de commissie ervan had verwacht, namelijk onderzoek buiten de muren van het
ziekenhuis en in het bijzonder huisartsgeneeskundig onderzoek. Onder de vlag
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1997
Publicaties VU-geschiedenis | 270 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1997
Publicaties VU-geschiedenis | 270 Pagina's