Gewoon of tóch bijzonder. EMGO-instituut 1987-1997. - pagina 54
52
Wat betreft deze aanbevelingen zijn de ontwikkelingen zeker positief geweest:
het onderzoek van de vakgroep Huisarts- en Verpleeghuisgeneeskunde vindt
sinds 1992 volledig onder verantwoordelijkheid van het EMGO-Instituut plaats;
bij de senior-staf van het EMGO-Instituut (en de vakgroep Epidemiologie en
Biostatistiek, waarmee intensief wordt samengewerkt) is, conform de aanbeveling
van de evaluatiecommissie, inmiddels voldoende methodologische en statistische
expertise aanwezig; overleg over verdergaande samenwerking met het
Onderzoeks Centrum Eerste-Tweede Lijn is gaande; en met de wetenschap-
pelijke output en het verwerven van externe subsidies is het sinds 1990 ook
steeds beter gegaan (hetgeen ook blijkt uit de grafieken van Evie Kusin in de
jaarverslagen: nog steeds stijgende lijnen voor de productie). Voor de
('beschermde') eerste-geldstroom formatie van het EMGO-Instituut is het
verhaal niet uitsluitend positief: als geïntegreerd onderdeel van de medische
faculteit moet ook het EMGO-Instituut zijn steentje bijdragen bij het kloppend
houden van het huishoudboekje, en dus gelden vacature-stops en -percentages
tegenwoordig ook voor ons.
Een nieuwe directeur
Zoals in de vorige paragraaf al vermeld werd, bleek het ook in 1990 niet
mogelijk een hoogleraar Epidemiologie en wetenschappelijk directeur voor het
EMGO-Instituut te vinden met én veld-ervaring, én een goede theoretische
achtergrond, én ervaring met patiëntenzorg. Gelukkig werd met Lex Bouter een
kandidaat gevonden die aan de eerste twee voorwaarden meer dan voldeed en
die bovendien leek te beschikken over de nodige management-capaciteiten
waaraan het EMGO-Instituut behoefte had. De groei en ontwikkeling van het
instituut sinds zijn komst naar de VU per I februari 1992 illustreren dat de
nieuwe directeur ruimschoots voldeed aan de verwachtingen.
Ook de ontwikkelingen wat betreft de al jaren bestaande wens tot
verdergaande samenwerking met de extramurale vakgroepen, met name met de
vakgroep Huisarts- en Verpleeghuisgeneeskunde, kwamen met de komst van Lex
Bouter in een stroomversnelling. Dit uitgangspunt was nogmaals vastgelegd in
het structuurrapport, dat aan de wervingsprocedure voor een nieuwe hoogleraar
Epidemiologie voorafging. In 1992 werd op basis van intensief overleg tussen
Jacques van Eijk en Lex Bouter (uiteraard na raadpleging van de besturen van
respectievelijk de vakgroep Huisarts- en Verpleeghuisgeneeskunde en het
EMGO-Instituut) besloten het onderzoek van de vakgroep volledig te gaan
integreren in het EMGO-Instituut, en Jacques van Eijk per 1 februari 1992 als
co-directeur toe te voegen aan de directie.
Op 7 april 1993 aanvaardde Lex Bouter officieel zijn functie als hoogleraar
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1997
Publicaties VU-geschiedenis | 270 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1997
Publicaties VU-geschiedenis | 270 Pagina's