Gewoon of tóch bijzonder. EMGO-instituut 1987-1997. - pagina 76
72
Takenpakket van de Wetenschapscommissie
Als belangrijkste taak werd het adviseren over het al dan niet opnemen van
nieuwe onderzoeksprojecten in het EMGO-Instituut beschouwd. Dergelijke
adviezen werden gebaseerd op een beoordeling van de methodologische
kwaliteit, de relevantie en de passendheid binnen de onderzoekslijnen van het
EMGO-Instituut. Tevens rekende de wetenschapscommissie het tot haar taak de
directie gevraagd en ongevraagd advies te geven over beleidszaken en om de
voortgang van lopende projecten te bewaken. Ook nam de wetenschaps-
commissie de organisatie van wetenschappelijke instituutsactiviteiten op zich
zoals daar zijn: werkbesprekingen, seminars, consultaties en voordrachten door
gerenommeerde (buitenlandse) onderzoekers en, niet te vergeten, de jaarlijkse
EMGO-retraite. Bovendien rekende de wetenschapscommissie de coördinatie
van wetenschappelijke stages en van de aanschaf van nieuwe boeken en
tijdschriftabonnementen eveneens tot haar werkzaamheden.
Voorwaar, een nogal omvangrijk takenpakket! Dat vonden de leden van de
wetenschapscommissie ook. Zij waren echter van meet af aan bijzonder inventief
in het nemen van werkbesparende maatregelen. Onder het mom van 'don't work
late; delegate!' werd de organisatie van werkbesprekingen overgedragen aan Joan
Boeke. Hij deed dit immers allang (later in samenwerking met Patricia van
Oppen) en naar ieders tevredenheid. De coördinatie van wetenschappelijke
stages werd overgelaten aan de stage-coördinator van de vakgroep (toen nog)
Huisarts- en Verpleeghuisgeneeskunde: Gerrit van Staveren. Ook hij deed dit al
jaren, dus waarom zou de wetenschapscommissie moeilijk doen (deze taak is
inmiddels overgenomen door Henk de Vries).
Voor de belangrijkste taak van de wetenschapscommissie (de directie
adviseren over nieuwe onderzoeksvoorstellen) diende echter nog een list
verzonnen te worden. Duidelijk was wel dat dergelijke beoordelingen niet telkens
door één persoon uitgevoerd konden worden. Twee onafhankelijke beoordelaars
was toch wel een minimum-voorwaarde. Dit betekende een potentieel forse
belasting van de leden van de wetenschapscommissie. Bovendien breidde het
instituut zich gestaag uit, hetgeen zich onder andere uitte in een aanzienlijke
toename van het aantal te beoordelen onderzoekvoorstellen. Besloten werd om
ieder voorstel te laten beoordelen door één lid van de wetenschapscommissie
(interne referent) en één andere senior-onderzoeker van het EMGO-Instituut
(externe referent). Deze werkbesparende operatie bleek in goede aarde te vallen:
de externe referenten kweten zich uitstekend en - veel belangrijker - doorgaans
zonder morren van hun taak. Op deze wijze werd een goed werkend en efficiënt
beoordelingssysteem verkregen.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1997
Publicaties VU-geschiedenis | 270 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1997
Publicaties VU-geschiedenis | 270 Pagina's