Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Gewoon of tóch bijzonder. EMGO-instituut 1987-1997. - pagina 172

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Gewoon of tóch bijzonder. EMGO-instituut 1987-1997. - pagina 172

2 minuten leestijd

168

Waar vind je epidemiologen in Nederland?

Halverwege de tachtiger jaren bestond epidemiologie in Nederland nog niet

of nauwelijks, Valkenburg in Rotterdam was zo'n beetje de enige. Na het

inwinnen van informatie kwam Feenstra terecht bij O.S. Miettienen. Ondertussen

had Feenstra zich binnen de faculteit verzekerd van steun van een man die in

dezelfde richting dacht, namelijk prof.dr. G. Elzinga, een integere en rechtlijnige

pre-klinicus die niet direct dollar-tekens voor zichzelf in de ogen had. Feenstra

heeft hem, wel een toponderzoeker, gevraagd om het voortouw te nemen bij de

besteding van het geld ten behoeve van de epidemiologie. In deze context lag

het ook voor de hand om contact te leggen met dr. E. Dekker, cardioloog in

Amsterdam, die door zijn functie als medisch directeur van de Nederlandse

Hartstichting reeds contact had met Miettinen. Binnen dit driemanschap

ontstond al snel een groot wederzijds respect en vertrouwen wat in die tijd nodig

was om een facultair onderzoeksinstituut op te richten.

We waren een Gideonsbende'

(Ricliteren 6 en 7: 'Keurtroep van strijders')

Aangezien in Nederland in die tijd geen geschikte kandidaat te vinden was, is

aan Miettinen de vraag voorgelegd of hij binnen de VU de epidemiologie wilde

opzetten. Na enige hobbels, Miettinen moest de faculteit 'ingemasseerd' worden,

kon het EMGO-Instituut echt beginnen. Het was nog niet veel in het begin: het

EMGO-Instituut had niets, geen mandaat, geen geld, geen secretaresse, nog

geen duidelijke missie en zelfs geen bord met een naam. Het is de indruk van

Feenstra dat de naam en roem van Miettinen het EMGO-Instituut in de

beginfase gered heeft. Tenslotte kon je over de leraar van bijna alle

epidemiologen in Nederland niet gaan beweren dat hij in het EMGO-Instituut

geen goed epidemiologisch onderzoek leidde.

Tijdens het gesprek ontstaat de indruk dat Feenstra met argusogen de

beginfase gevolgd heeft. De eerste cursus van Miettinen heeft hij bijvoorbeeld

bezocht om te kunnen zien wat er gebeurde. Tijdens zijn decanaat en daarna als

voorzitter van het EMGO-bestuur bleef zijn grootste zorg of er niet van het pad

wordt afgeweken. Als in 1990 het EMGO-Instituut wordt geëvalueerd, vindt hij

het niet verbazingwekkend dat de commissie groen licht geeft naar Den Haag

voor continuering van de financiering. Er was toch al een zekere 'hardheid' in de

opzet van het lopende onderzoek.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1997

Publicaties VU-geschiedenis | 270 Pagina's

Gewoon of tóch bijzonder. EMGO-instituut 1987-1997. - pagina 172

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1997

Publicaties VU-geschiedenis | 270 Pagina's