Gewoon of tóch bijzonder. EMGO-instituut 1987-1997. - pagina 51
49
ingediend. Onderzoekers waren aangesteld op EMGO-formatie en gedetacheerd
bij de betreffende vakgroep, waar zij veelal ook hun werkplek hadden. De
hoogleraar van de vakgroep was in de meeste gevallen ook de (enige) beoogde
promotor.
Met de komst van de nieuwe hoogleraar Huisartsgeneeskunde, Jacques van
Eijk, ontstond een, voor het EMGO-Instituut, nieuw probleem. Voor het
onderzoek in de vakgroep Huisartsgeneeskunde waren een aantal formatie-
plaatsen van het EMGO-Instituut beschikbaar gesteld die door de nieuwe
hoogleraar ingevuld konden worden. Echter, het EMGO-Instituut stelde als
voorwaarde dat de projecten die door Jacques van Eijk 'meegenomen' waren uit
Nijmegen alsnog het fiat van het EMGO-bestuur moesten krijgen. Voor het
project 'De waarde van huisartsgeneeskundige diagnostiek bij patiënten met lage
rugklachten' van Hans van den Hoogen betekende dit dat het protocol een extra
beoordelingsschijf moest passeren naast NWO, waardoor het onderzoek
gefinancierd zou gaan worden. Hetzelfde goldt voor het door het
Praeventiefonds gefinancierde project 'Huisartsgeneeskundige diagnostiek bij
dementie' van Annet Wind. Deze beide projecten werden voor het eerst in het
jaarverslag van 1990 opgenomen, onder de paragraaf 'Ondersteuning' ('Het
betreft projecten van de vakgroep Huisarts- en Verpleeghuisgeneeskunde
waaraan door het EMGO-Instituut technische, administratieve en data-
management ondersteuning wordt verleend'). Voor Frangois Schellevis
betekende de eis van het EMGO-bestuur dat hij, eenmaal in Amsterdam
werkzaam, een protocol moest gaan schrijven voor een onderzoek waarvan de
data reeds verzameld waren in samenwerking met het NIVEL. Dit project,
'Huisarts en chronische aandoeningen: monitoring van patiënten met chronische
aandoeningen en effecten van intercollegiale toetsing', verscheen pas in 1991
voor het eerst in het jaarverslag.
Ondanks de strubbelingen in de interim-periode wat betreft de verdeling van
verantwoordelijkheden en formatie ontstond in die jaren een voldoende basis
voor verdergaande samenwerking. Dit leidde met de komst van Lex Bouter (per
1 februari 1992 in functie als wetenschappelijk directeur) tot het opgaan van al
het onderzoek vanuit de vakgroep Huisarts- en Verpleeghuisgeneeskunde in het
EMGO-Instituut, en het opnemen van Jacques van Eijk in de directie als
wetenschappelijk co-directeur.
Het EMGO-Instituut geëvalueerd
Vijf jaar na de definitieve toewijzing van de financiële middelen aan de VU
ten behoeve van de versterking van het onderzoek in de extramurale
geneeskunde was het tijd voor een evaluatie. Deze financiële middelen waren
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1997
Publicaties VU-geschiedenis | 270 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1997
Publicaties VU-geschiedenis | 270 Pagina's