Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Gewoon of tóch bijzonder. EMGO-instituut 1987-1997. - pagina 129

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Gewoon of tóch bijzonder. EMGO-instituut 1987-1997. - pagina 129

2 minuten leestijd

125

depressies bij ouderen, en over de rol van sociale participatie op het cognitief

functioneren.

Het hier beschreven programma is gebaseerd op een integratie van de dataset

van AMSTEL met de twee hierboven genoemde deelaspecten van LASA.

Huidige stand van zaken

Het onderzoek kan worden ingedeeld in een viertal onderzoeksthema's:

risicofactoren, ontwikkeling van (vroeg)diagnostische instrumenten, beloop en

gevolgen van depressie en gevolgen van cognitieve achteruitgang.

Risicofactoren

In de beide prospectieve datasets, van elk circa 3000 ouderen uit de algemene

bevolking, wordt de invloed van erfelijke factoren, biomedische parameters en

psychosociale factoren onderzocht op het ontstaan van dementie (Alzheimer) en

depressie. Steeds wordt onderscheid gemaakt tussen kwetsbaarheid en

beschermende factoren, en wordt extra aandacht besteed aan factoren die

mogelijk toegankelijk zijn voor interventies.

Ontwikkeling van (vroeg)diagnostische instmmenten

Voor zowel depressie als voor dementie geldt dat herkenning en (vroeg)

diagnostiek, liefst in de eerste lijn, van groot belang zijn. Wat betreft dementie is

dit thema een voortzetting van de oorspronkelijke vraagstelling van het

AMSTEL project. Dit onderzoek vindt plaats op een subcohort (n=500) van de

AMSTEL steekproef, dat jaarlijks uitvoerig is onderzocht met behulp van

neuropsychologisch onderzoek en met 'brain-imaging' technieken (n = 63). Wat

betreft depressie is een screeniningsinstrument gevalideerd voor gebruik in de

algemene bevolking. Getracht wordt om hieruit een screeningsinstrument te

ontwikkelen dat bruikbaar is in de eerste lijn.

Beloop en gevolgen van depressie

Over het natuurlijk beloop en de gevolgen van depressie, zoals zich dit buiten

de psychiatrie voordoet, is vrijwel niets bekend. Gebruikmakend van beide

datasets wordt onderzoek verricht naar: (1) het natuurlijk beloop en

prognostische factoren die bijdragen aan chroniciteit; (2) de invloed van

depressie op welbevinden, niveau van functioneren ('disability' en 'handicap') en

zorggebruik; en (3) andere variabelen, die mogelijk beïnvloedbaar zijn, en die de

genoemde gevolgen van depressie modificeren (zoals sociale steun, cognitief

psychologische factoren en religiositeit).

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1997

Publicaties VU-geschiedenis | 270 Pagina's

Gewoon of tóch bijzonder. EMGO-instituut 1987-1997. - pagina 129

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1997

Publicaties VU-geschiedenis | 270 Pagina's