Vu cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Vu te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Vu.

Bekijk het origineel

De geschiedschrijving in het Oude Testament - pagina 9

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

De geschiedschrijving in het Oude Testament - pagina 9

Rede bij de 48e herdenking der stichting van de Vrije Universiteit te Amsterdam

2 minuten leestijd

7 bedoeling is om werkelijke gebeurtenissen aan de vergetelheid te ontrukken. Wie van gelijkenis of fabel gebruik maakt is zich ook ten volle bewust geen reëele feiten te beschrijven en beoogt dit evenmin; zijn oogmerk is een geheel ander: om door middel van het in verhaalvorm gegevene een bepaalden indruk te maken op het gemoed van degenen tot wie hij zich richt. Voorbeelden daarvan vinden we ook in het Oude Testament: de gelijkenis van Nathan") en de fabels van Jotham'^) en Joas.'^) Bij het sprookje is het er evenmin om te doen realiteit te verhalen, de verteller wil slechts amuseeren. Eenigszins anders staat het met mythe, sage en legende. Kenmerkend is ook voor dit drietal, dat zij niet weergeven wat werkelijk geschied is; maar hier kan men niet zeggen dat zij dat ook niet bedoelen, integendeel mythe, sage en legende willen zijn relaas van wat werkelijk geschied is, maar sijn het toch inderdaad niet. Nu is naar veler oordeel een zeer groot deel van wat het Oude Testament in den vorm van geschiedschrijving biedt niet anders dan mythe, sage en legende, ten deele misschien ook wel fabel of sprookje. '*) In ieder geval dus niet weergave van wat werkelijk geschied is, en derhalve niet in den eigenlijken zin van het woord geschiedschrijving. Dit brengt ons tot de vraag: op welken grond men zulke bestanddeelen van het Oude Testament niet voor beschrijving van reëele gebeurtenissen houdt, en welke de maatstaf is, waarnaar men tusschen mythe, sage, legende, fabel, sprookje eenerzijds en wezenlijke geschiedschrijving anderzijds de scheidslijn trekt? GuNKEL legt als toetssteen aan: de al of niet vermelding van wonderen. De echte geschiedschrijver onderscheidt zich volgens hem van den verhaler van mythen, sagen enz. doordat hij de werkelijkheid liefheeft en personen en omstandigheden zóó schildert, als ze in het werkelijke leven zijn. Daarom gaat hij slechts uit van die veronderstellingen omtrent mogelijkheid en waarschijnlijkheid, die voor ieder in het leven vanzelfsprekend zijn. Bij hem drijft geen ijzer op het water en valt er geen vuur van den hemel; er is bij hem geen persoonlijk optreden van de godheid, het zijn slechts menschen die handelend optreden, 's) Het is aanstonds duidelijk dat hiermee een maatstaf wordt gebruikt, die niet aan het voorwerp van onderzoek zelf wordt ontleend, maar geheel van buiten af komt. Uit den Oud-Testamentischen tekst zelf kan men eene dergelijke onderscheiding tusschen mythe of sage en geschiedschrijving op grond van de al of niet aanwezigheid van wonderen

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 20 oktober 1928

Rectorale redes | 28 Pagina's

De geschiedschrijving in het Oude Testament - pagina 9

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 20 oktober 1928

Rectorale redes | 28 Pagina's

PDF Bekijken