Vu cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Vu te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Vu.

Bekijk het origineel

Vrije Universiteitsblad 1953 - pagina 7

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Vrije Universiteitsblad 1953 - pagina 7

5 minuten leestijd

mede en voornamelijk op instigatie van Van Rooy, de Federatie van Afrikaanse Kultuurvereniginge, de F.A.K. Van Rooy heeft in deze F.A.K., onder de eerste voorzitter Dr N. J . van der Merwe, grote invloed en na het overlijden van Van der Merwe wordt hij ia 1934 vaü deze F.A.K. de voorzitter. Vanuit de F.A.K. wordt gestimuleerd de oprichting van de Volkskas Beperk, een bank-consortium, dat bedoelt de Afrikaners onafhankelijk te maken van het Engelse bank-kapitaal. De Volkskas groeit en is thans een uitgebreid en zeer invloedrijk financieel lichaam. Vanuit de F.A.K. wordt gesticht de organisatie, die ten doel heeft minder gegoeden financieel onafhankelijk te maken. Deze organisatie heeft ia menig boerengezin de moed doen herleven en het gevoel van afhankelijkheid, dat op honderden boerderijen zo pijnigend leefde, nadat in de oorlog alle gebouwen en werktuigen waren verbrand en alle vee was doodgeschoten, omgezet La een besef van onafhankelijkheid en in een gevoel van moed voor de toekomst. Daarnaast is vanuit de F.A.K. begonnen de grote strijd voor Christelijk Nationaal onderwijs. De grote bloei van het Christelijk Nationaal onderwijs in ZuidAfrika, de grote betekenis van deze scholen, met het Afrikaans als voertaal, voor het Christelijk nationaal leven is moeilijk op volle waarde te schatten. Zo heeft van Rooy als volksopvoeder zich gericht op het opvan Potchefstroom. Officieel legt hij dan het voorheffen van het economisch leven, van het nationaal culturele leven en van het Christelijk schoolwezen. En bij al deze stage en ia hoge mate inspannende arbeid ia een land met afstanden als die van Amsterdam naar Sicilië van Noord naar Zuid en van Hoek van Holland naar Warschau van Oost naar West, ook in een tijd, toen de verbindingen nog uiterst gebrekkig waren, heeft van Rooy het niet gelaten. Diep ia zija ziel leefde bij hem het besef, dat het werk op economisch, cultureel en paedagogisch gebied alleen dan zin zou hebben, wanneer de Afrikaners, uiteengeslagen door allerlei historische gebeurtenissen en door talloze misverstanden, weer verenigd zouden worden in het besef, dat zij allen tezamen een nationale roeping hebben. De werkzaamheden op dit gebied zijn veelal in stilte geschied, maar niet altijd. Het hoogtepunt van van Rooy's activiteit ligt wel daarin, dat het heip gelukte ia 1939 zijn oproep tot eenheid gehoor te dóen vinden. Dan komen ongeveer honderd duizend Afrikaners, ook vanuit de verste uithoeken van dit schier oneindig wijde land, naar de samenkomst, waar van Rooy de enige spreker is, om zijn volk op te roepen tot eendracht en saamhorigheidsbesef. In dit werk blijkt meer dan in enig ander, hoe Joon van Rooy de Afrikaner is, die diep zijn nationaal gevoel beleeft, maar die wars is van aUe scherpslijperij. Hij is een man met idealen, hij is een man gedragen door de consequentie van zijn eigen ideaal, maar dit ideaal is de eenheid en daarom spreekt in zijn optreden altijd de liefde tot ieder lid van zijn

volk. Is het wonder, dat van Rooy door zijn eigea 'volk en in zijn eigen kring op de handen wordt gedragen? En als straks, in 1950, de onvergetelijke Prof. Postma, de rector van het Universiteitscollege van Potchefstroom, die zijn levenlang geijverd heeft voor de zelfstandigwording van Potchefstroom's universiteit, zijn levenswerk bekroond ziet door het regeringsbesluit, waardoor zijn üefste wens wordt vervvdd, maar door God wordt weggenomen juist vóór de officiële plechtigheid van de opening van de zelfstandige universiteit, dan wordt Johannes Cornells van Rooy zijn opvolger als rector van de universiteit zitterschap van de F.A.K. neer, maar moreel blijft hij een van de meest prominente dragers van het Afrikaanse Christelijk nationale ideaal. En zo staat Johannes Cornells van Rooy voor ons als de man, die steeds zijn persoonlijk belang heeft opgeofferd aan het belang van zijn volk. Als hij dacht de roeping te hebben om wetenschappelijk verder te gaan, riep zijn volk hem en hij gehoorzaamde. Voor de volksopvoeding van Zuid-Afrika heeft hij intussen oneindig meer betekend dan zij, die op een afstand van het broedervolk in het Zuiden van Afrika horen, ook maar in de verte kunnen bevroeden. Wetenschappelijk is, gelijk wij zagen, zijn loopbaan uiterst eervol geweest, al kwam hij dan niet tot pubUceren en al deed hij geen opzienbarende ontdekkingen. En toch, hij heeft meegewerkt aan de weer publiek wording, aan de pubUcatie van de ziel van Zuid-Afrika, hij heeft weer ontdekt de volkskracht van hetboerenvolk tussen Kaappunt en de Zoutmansberg, en gesierd met grote wijsheid mag hij thans leiden de universiteit, die in zeer bijzondere zin een zuster-universiteit is van de V.U. van Arqsterdam, welke thans het ere-doctoraat in de opvoedkunde zou verlenen, vanwege zijn verdiensten voor de volksopvoeding, aan Joon van Rooy, ware het niet, dat wij in Nederland slechts spreken van een doctoraat genoemd naar de faculteit waarin het vak, waarop iemands arbeid Ijetrekking heeft, wordt onderwezen. Waarde van Rooy, op grond van uw zeer bijzondere verdiensten op paedagogisch terrein, in het bijzonder op het terrein van de volksopvoeding en de sociale opvoeding, verklaar ik thans, namens de Senaat der Vrije Universiteit, krachtens zijn bevoegdheid door Koninklijke machtiging verleend, en ingevolge zijn besluit van 7 December 1951, U, Johannes Cornelis van Rooy, te zijn Doctor in de Letteren en Wijsbegeerte, met alle rechten, die door wet of gewoonte aan dit doctoraat zijn verbonden — honoris causa. Doctor van Rooy, de eerste te mogen zijn, die met recht U als zodanig aanspreekt en die U mag gelukwensen met de eer, die U te beurt viel, is mij een bijzonder groot voorrecht. Er is blijdschap in mijn

2323

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van Thursday 1 January 1953

VU-Blad | 104 Pagina's

Vrije Universiteitsblad 1953 - pagina 7

Bekijk de hele uitgave van Thursday 1 January 1953

VU-Blad | 104 Pagina's

PDF Bekijken