Vrije Universiteitsblad 1953 - pagina 46
NIEUWBOUW Directeuren menen er goed aan te doen om, nu de plannen voor den bouw van een nieuw universiteitscomplex vaster vorm aannemen, naast de gebruikelijke mededehngen in het jaarverslag enkele nadere bijzonderheden te vermelden. De eerste voorbereidende besprekingen over dit plan dateren reeds van omstreeks 1944. Uit den aard der zaak werden deze uitsluitend gehouden in den besloten universitairen kring tussen de verschillende instanties. De klemmend noodzakelijke uitbreiding der medische faculteit, waaraan thans, als de verbouwing van het perceel aan de Rapenburgerstraat enz. zal zijn voltooid, nog slechts de opleiding tot het candidaatsexamen mogelijk is, vraagt dringend onverwijld een begin van uitvoering van het grote nieuwe complex. Uiteindelijk eist de opleiding tot het doctoraal examen twee zelfstandige klinieken, n.l. één voor interne geneeskunde en één voor chirurgie, alles met bijbehorende laboratoria, polikhnieken en verdere voorzieningen. Met dezen eis voor ogen hebben Directeuren, in nauwe samenwerking met de andere colleges, een bouw- en stafcommissie ingesteld. De eerste vraag was die van de plaats der vestiging der Universiteit. Amsterdam, waar onze V.U. nu reeds 73 jaar haar domicilie heeft, is het meest aangewezen, gezien o.m. de juist belangrijk uitgebreide laboratoria voor natuur- en scheikunde. Om tot een passend terrein te komen, dat in grootte, ligging en vorm geschikt is, waren tal van besprekingen nodig met B. en W. te Amsterdam. Meer dan eens bleek een voorlopig aangeboden terrein niet aan de gestelde eisen te voldoen. Thans is gegrond uitzicht op overeenstemming verkregen over een terrein gelegen tussen de Amstelveenseweg en het verlengde van de Parnassusweg, dat aan de gestelde eisen voldoet, en waarbij ook rekening is gehouden met de uitbreiding onzer Universiteit in de toekomst. Dit terrein is ca. 11.3 H.A. groot en vindt U afgebeeld op de nevengaande tekening. Teneinde bij de bespreking over dit terrein met B. en W. van Amsterdam en de betrokken Departementen de onderhandelingen vlot te laten verlopen, was het nodig in beeld te tonen hoe wij ons schetsmatig de verwezenlijking van het geheel denken. Aan de beide architecten, de heren Ir A. Rothuizen te Middelburg en J. H. Groenewegen te Amsterdam, hebben Directeuren opgedragen rapport uit te brengen over de geschiktheid van het terrein voor het doel en tevens een voorlopig schetsplan in tekening te brengen hoe het geheel zou kunnen worden uitgevoerd. Het resultaat is mede aangegeven op de hierbij gereproduceerde tekening. Nadrukkelijk 2362
wordt hierop gewezen, dat dit project
geenbzin^i concreet bedoelt aan te geven hoe het geheel zal worden. Directeuren stellen er prijs op aan allen die met de V.U. zo hartelijk meeleven dit voorproject te laten zien. U ziet, dat het gehele plan in drie delen, A. B. en C. uiteenvalt: A. voor de gebouwen van de medische faculteit. Zoals reeds boven medegedeeld is, moet voor opleiding tot het doctoraal examen hierbij het eerst met den bouw worden aangevangen van twee klinieken voor interne- en chirurgische geneeskunde samen met ca. 250 bedden. De bouw van deze twee klinieken moet vóórgaan, doch ook weer zo worden uitgevoerd, dat zij later één geheel vormen in het complex gebouwen, dat nodig zal zijn om de volledige opleiding tot het artsexamen te kunnen voltooien. B.
voor laboratoria en gebouwen voor de wis- en natuurkundige en de medische faculteit, die behalve het bestaande complex in de De Lairessestraat nodig zullen zijn.
C.
is bedoeld voor gebouwen voor A-faculteiten, administratie, aula, bibUotheek, hospitium e.d.
Het bouwplan in zijn geheel is een plan voor vele jaren. Zoals bekend is, wordt, volgens thans geldende subsidieregelen, bij goedkeuring der plannen door den Minister, door het Rijk 85 % in de bouwkosten vergoed, zodat het eigen aandeel 15 % zal bedragen. Over de bouwkosten valt nu reeds te concluderen, dat deze van ons enige millioenen zullen vergen. Zeer voorlopig en zeker niet te hoog geschat moet er op worden gerekend, dat voor aankoop van grond en bouw der twee klinieken bovenvermeld het eigen aandeel der V.U. alleen reeds twee millioen zal bedragen. Hier denken Directeuren met grote erkentelijkheid aan de bekende busjes-spaaractie, waaraan te danken is dat reeds nu ca. één millioen aanwezig is. Gehoopt mag worden, dat bij het voltooien der twee klinieken c a . , weer een belangrijk bedrag bijeen zal zijn. Directeuren komen op'de verdere financiële aangelegenheden nog wel nader terug. Maar reeds nu kan met nadruk worden geconstateerd, dat de noodzakelijke voorzieningen van den bouw van de voorstanders onzer Vrije Universiteit een krachtsinspanning tot het uiterste zal vergen. Een krachtsinspanning, die alleen zal slagen, als wij in samenwerking en eensgezindheid ons devies omklemmen: A UXILIUM NOS TR UM IN NOMINE DOMINI.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1953
VU-Blad | 104 Pagina's