GeheugenvandeVU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van GeheugenvandeVU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van GeheugenvandeVU.

Bekijk het origineel

KERKNIEUWS

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

KERKNIEUWS

9 minuten leestijd

Tweetal te:

Zaandam, G. Ph. Pieffers te Bussum en W. Scheele te Arnhem.

B e r o e p e n te:

Zutphen, J. C. Janse te Rijswijk. iv^ltsS"; ? i

Haulerwijk, P. Veldstra te Kantens.

Zwijndrecht—Gr. Lindt, H. Eenhoorn te Rozenburg.

Alblasserdam, A. J. Moggré te Zevenbergen.

— Goed nieuws van VrouwenpoWer (Den Haag).

Onze lezers hebben reeds een voorlopige mededeling aangetroffen met betrekking tot de procedure Vrouwenpolder. We hadden de kerkeraad verzocht, zodra er uitvoeriger nieuws te geven was, het rechtstreeks naar Goes te zenden. Maar zoeven keeg ik, dank zij een op prijs gestelde vriendelijkheid van Mr J. C. Hummelen, zeÜ afschrift van uitspraak en vonnis; ik haast me, die door te geven. We nemen het stuk onverkort over:

31 October 1951.

AFSCHRIFT.

Het Gerechtshof te 's-Gravenhage, Derde Kamer, heeft het navolgende arrest gewezen in de zaak van: de GEREFORMEERDE KERK te VROUWEN-POLDER, gevestigd te Vrouwenpolder, op de lijst der in synodaal verband staande Kerken in Nederland bij het Ministerie van Justitie bekend staande onder nr. 637, vertegenwoordigd door haar Kerkeraad, van welke als Voorzitter en scriba respectievelijk fungeren WILLEM VAN DEN BROEKE en WILLEM MAAS, beiden landbouwers, en wonende te Vrouwenpolder,

appellante,

procureur: Mr A. E. J. Nysingh, tegen de KERK te VROUWENPOLDER, welke zich noemt de Gereformeerde Kerk te Vrouwenpolder, staande buiten het Synodaal verband der Gereformeerde Kerken in Nederland, van welker Kerkeraad respectievelijk als voorzitter en scriba fimgeren Ds J. J. ARNOLD en J. GEERSE Jr, van beroep respectievelijk predikant en fruitkweker, beiden wonende te Vrouwenpolder, geïntimeerde,

procureur: Mr L. P. Duijvesteijn.

De procureur van appellante heeft ter roUe geconcludeerd, dat het den Hove behage te vernietigen het vonnis door de Arrondissements-Rechtbank te Middelburg d.d. 8 November 1950 tussen appellante als eiseres in conventie, gedaagde in reconventie en geïntimeerde als gedaagde in conventie, eiseres in reconventie, gewezen en opnieuw rechtdoende de vordering van appellante in prima alsnog toe te wijzen, zulks met niet-ontvankelijkverklarimg, althans ontzegging van de reconventionele vordering en met veroordeling van geïntimeerde in de kosten der beide instantiën.

De procureur van geïntimeerde heeft ter roUe geconcludeerd, dat het den Hove behage met ongegrondverklaring der tegen het vonnis, waarvan appèl, door appellante aangevoerde grieven, te bevestigen het vonnis, waarvan appèl, al dan niet onder aanvulling en verbetering der gronden, althans appellante nietontvankeiijk te verklaren in haar beroep, met veroordeling van appellante in de kosten van deze instantie.

Het Gerechtshof te 's-Gravenhage, Derde Kamer; Géhoord partijen in hare conclusiën en pleidooien, de laatste gehouden voor appellant door Mr A. J. V. d. Weel, advocaat te Middelburg en voor geïntimeerde door Mr J. C. Humrnelen, advocaat té Groningen;

Gezien de stukken, waaronder het vonnis, waarvan hoger beroep, op 8 November 1950 door de Rechtbank te Middelburg gewezen tussen appellante "als eiseres in conventie, gedaagde in reconventie en geïntimeerde als gedaagde in conventie, eiseres in reconventie;

Ten aanzien der feiten:

Overwegende, dat het Hof voor de loop van het geding in eerste aanleg verwijst naar voormeld vonnis en naar de als hier ingelast aan te merken processtukken van eerste aanleg, waaruit blijkt:

dat de Kerkeraad van de Gereformeerde Kerk te Vrouwenpolder bij zijn bij meerderheid van stemmen genomen besluit van 21 Juni 1945 het verband met de Generale Synode heeft verbroken, doch geïntimeerde — ondanks die verbreking — zich beschouwt als de oorspronkelijke Gereformeerde Kerk te Vrouwenpolder, gelijk die bestond vóór die verbreking, en mitsdien als gerechtigd tot de eigendommen dier Kerk; dat appellante, bewerende dat zij als zodanig beschouwd moet worden — in conventie heeft gevorderd verklaring voor recht, dat zij eigenares is van de onroerende eigendommen dier Kerk alsmede de ontruiming daarvan door. geïntimeerde, terwijl geïntimeerde in reconventie een rechtsverklaring heeft gevorderd, dat haar standpunt het juiste is met veroordeling van appellante tot afgifte van de eigendonamen dier Kerk aan haar, geïntimeerde;

dat de Rechtbank, na verweer zo in conventie als in reconventie, de vordering in conventie aan appellante heeft ontzegd en die in reconventie aan geïntimeerde heeft toegewezen;

Overwegende, dat appellante — na tijdig zo in conventie als in reconventie in hoger beroep te zijn gekomen — na te melden grief heeft aangevoerd, welke door geïntimeerde is bestreden, waarna de zaken voor het Hof zijn bepleit; dat de in hoger beroep gewisselde memoriën als hier ingelast zijn aan te merken;

Ten aanzien van. het recht:

Overwegende, dat der appellante grief luidt, dat de Rechtbank het geschil — lopende over de vraag, wie thans het kerkgenootschap uitmaakt, dat voor 21 Juni 1945 de goederen in eigendom had — te haren gunste had moeten beslissen, omdat volgens appellante het gezag der Synode een zodanig onmisbaar element vormt, dat een onttrekking daaraan, zoals bij het besluit van 21 Juni 1945 is geschied, ten gevolge heeft, dat geïntimeerde niet meer als de vóórdien bestaan hebbende Gereformeerde Kerk te Vrouwenpolder kan gelden en dat de leden van de Kerkeraad, die aan dat besluit hebben meegewerkt, zich daardoor aan de voordien bestaan hebbende Gereformeerde Kerk te Vrouwenpolder hebben onttrokken;

Overwegende te dien aanzien: dat de Gereformeerde Kerk te Vrouwenpolder (voortaan de Kerk te noemen) is een rechtspersoon, vertegenwoordigd door haar bestuur — de Kerkeraad — die middels bij meerderheid van stemmen genomen besluiten voor haar kan handelen; dat — indien de Kerkeraad aldus een besluit neemt, dat indruist tegen het wezen der KERK — het gevolg daarvan zou zijn, dat het besluit de Kerk niet zou binden, maar aan het nemen van zo'n besluit geenszins verbonden zouden zijn de door appellante in haar grief genoemde gevolgen;

Overwegende, dat uit het vorenstaande reeds voortvloeit, dat der appellante grief niet gegrond is, immers uit het vorenstaande volgt, dat — zelfs indien het synodale verband tot het wezen der Kerk behoort — geïntimeerde is de Gereformeerde Kerk te Vrouwenpolder, geUjk die vóór het besluit van 21 Juni 1945 bestaan heeft;

Overwegende, ten overvloede: dat aan het Hof niet is gebleken, dat het Synodale verband tot het wezen der Kerk behoort, nu immers de Kerkenordening, waarop appellante zich in dit verband heeft beroepen, wel beoogt het handhaven van het Synodale verband te bevorderen, doch daaruit niet is te lezen, dat een eenmaal tot het verband toegetreden Kerk, daardoor verplicht zou zijn het verband onder geen omstandigheden ooit te zullen verbreken, ook niet om redenen als vermeld in het besluit van 21 Juni 1945;

Overwegende, dat —• nu onjuist is bevonden der appellante stelling, dat zij de vóór 21 Jtmi 1945 bestaan hebbende Gereformeerde Kerk te Vrouwenpolder is — appellante rechtspersoonlijkheid mist, zodat de personen, die voor appellante zijn opgetreden, in de kosten van het hoger beroep moeten worden veroordeeld;

RECHTDOENDE IN HOGER BEROEP:

Bekrachtigt de in conventie en in reconventie gewezen vonnissen, waarvan hoger beroep;

Verwijst de in der appellante dagvaardingen genoemde Willem van den Broeke en Willem Maas in de kosten van het hoger beroep, tot op deze uitspraak aan de zijde van geïntimeerde begroot op ƒ487.50 voor de conventie en de reconventie tezamen.

Gedaan door de Heren Mrs Scholten, Vice-President, Jhr van der Wijck, Raadsheer en Van Moorsel, Raadsheer-plaatsvervanger, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van Woensdag 31 October 1951 door de Vice-President voornoemd, in tegenwoordigheid van de Heren Mrs Jhr van der Wijck, Raadsheer en Onnen, Raadsheer-plaatsvervanger, alsmede van de Griffier.

(w.g.) S. VAN HOEVE.

(w.g.) SCHOLTEN.

Voor grosse:

Uitgegeven aan Mr L. P. Duijvesteijn, . procureur van geïntimeerde.

De Griffier van het Gerechtshof 's-Gravenhage, w.g. onleesbaar. te

Tot zover de aanhaling. Dat wa met de uitspraak blij zijn, begrijpt ieder. Met name nu ze van Den Haag' komt. In onderscheiding van andere Hoven had juist Den Haag ons in meer dan één geval teleurgesteld; temeer als we daaraan denken, verheugt ons deze kentering.

In de nomenclatuur — die evenwel in veel gevallen nog geen eigen opinie van de rechter behoeft uit tedrukken — en ook anderszins, is er natuurlijk wel een en ander, dat ons tot tegenspraak zou kunnen nopen. Maar hoofdzaak is de opmerking: a. zélfs indien synodaal verband tot het wezen der (plaatselijke) kerk behoort, is toch onze kerk de oude gereformeerde kerk; b. aan het Hof is evenwel niet eens gebleken, dat het synodale verband tot het wezen der kerk behoort, men kan het n.l. verbreken.

Dat is van betekenis, ook voor de toekomst. Zodra, gelijk in het geval van 1944 duidelijk aanwijsbaar is, zodra gebleken is:

dat een synode (bijeenkomst van aan instructie gebonden afgevaardigden) besluiten neemt, die ingaan tegen de Schrift en de aangenomen K.O.;

en dat daarna een kerkeraad (of zelfs een minderheid daarvan) zich houdt aan de bij de K. O. vastgelegde regelen, dat men n.l. zulk een besluit niet zal uit mógen voeren;

en die kerkeraad, resp. die minderheid dus de enige part ij is, die zich gedraagt naar de gestelde regelen, waaraan ook de synode-afgevaardigden, stuk voor stuk, èn gezamenlijk waren gebonden op het moment van afvaardiging, en van constituering der vergadering, en in "alle besluiten;

en dat dan daarna die synode haar van de K.O. afwijkende besluiten met een nieuwe brutale daad-vanafwijking vermeerdert, door, terwijl ze reeds lang had móeten verdwijnen, nog wat te doen, en dan nog wel revolutie tegen de K.O. te gaan kraaien door het zeggen: ontvangt hen, die zich aan de vastgestelde regel houden, niet als ambtsdrager, en erkent ze niet, en schorst hen of verklaart onze eigen (niet eens te onzer competentie staande) schorsing, c.q. afzetting, of buitenverbandplaatsing als vast en bondig;

is, óók volgens het binnen de kerken geldend verenigingsrecht, duidelijk, dat de eerste revolutiekraaister — en dit bij recidive — die werkelijke of quasisynode is;

en dat alleen zij de voor het kerkverband aanvaarde bepalingen erkennen, die dit revolutionaire drijven bij tijds onderkennen en als verbandsschennis aanmerken, , ongeacht of zij een meerderheid dan wel een minderheid vormen. In elke vereniging kan al ware het ook maar één persoon in het gelijk te stellen zijn tegen de grootst mogelijke meerderheid: de persoon n.l., die zich hield aan het binnen de vereniging geldende recht.

Trouwens, die kerken, die Bergschenhoek als zusterkerk blijven erkennen, ook al heeft een synode, die niet eens er meer wezen mocht, en toch maar besliste, en zich blijkbaar schaamt, en het deswege in haar Acta verzwijgt, zonder peccavi te zeggen, ook al heeft zo'n barre synode die kerk buiten verband geplaatst, alleen dié kerken onderhouden het verband, gelijk het, in vrije beslissing overigens, is geregeld.

K.S.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 17 november 1951

De Reformatie | 8 Pagina's

KERKNIEUWS

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 17 november 1951

De Reformatie | 8 Pagina's