GeheugenvandeVU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van GeheugenvandeVU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van GeheugenvandeVU.

Bekijk het origineel

jzelel en de Heere god

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

jzelel en de Heere god

8 minuten leestijd

En om nu, want dat hoort nog altijd tot de taak van mijn onderteekeningsformulier, den tegenspreker dr J. Hoek, In dezen den mond te stoppen, want één van on" belden Is grondig mis, volge hier een klap op de vuurpijl.

In onze "ff „Getuigenissen" wezen we naar Pareus' gevecht met de roomsche (en luthersche) tegensprekers. We haalden bl. 780 aan. Vlak daarop, bl. 780/1, zegt Pareus, dat het voornaamste doel der sacramenten is: egelen te zijn van de rechtvaardigheid des geloofs; en liij zegt dan, dat de apostel zelf dat beweert, Rom. 4 : 11. En dat dit dan ook in de gereformeerde sacramentsleer (die diploma-leer) dus wordt uitgewerkt.

Welnu, we hebben, om dr Hoek te gerieven, dan ook maar eens Pareus' eigen exegese van Rom. 4 : 11 erop nageslagen. Opera, Francofurti, t. I, ed. 1647, pars tertia, verzorgd door Joh. Phil. Pareus, Dzn, bl. 105b van den Comm. op Rom. Daar komt in bespreking: om. 4 : 11. Abraham heeft de besnijdenis ontvangen tot een ZEGEL van rechtvaardigheid des geloofs, die hem in de voorhuid toegerekend was. Enkele opmerkingen daaruit:

1. Abraham had een zegel noodlg. Want hflhad bevestiging noodig. Hij kreeg dus een onderpand uit Gods eigen hand. Het zegel was een sacrament.

2. Ontvangen (van het zegel nl.) en geven, zijn correlaat. Berkouwer, die nogal eens met het motief der „correlatie" werkt, zegt: zegel en geloof zijn correlaat. Hier staat nuchter: een zegel krijgen en een zegel ontvangen zijn correlaat.

3. Ja, maar, zal Berkouwer zeggen: ontvangen Is toch eigenlijk geloof? Antwoord: zeker, zeker. Maar Pareus houdt zich liever aan den strengen kant: hij zegt: Si Abraham acceplt. Deus dedit, hoc est: acclpere iussit. Het correlaat van Abrahams ontvangen, was Gods geven in den zin van: het bevel om het aan te nemen. Van correlatie gesproken. Zou men soms in Assen ds H. Bouma te lijf willen als die nog eens weer van , , aanbieden" (met gezag!) spreekt? Laat ze dan daar, of in De Roeper, Pareus liever te lijf gaan, eer ze Berkouwers correlatietheoreem accepteeren in zijn uitwerking.

4. Prompt komt Pareus ook hier met zijn diplomatheorie voor den dag. Zegelen, zegt hij, strikt genomen, zijn die lak-zegds, waarmee DIPLOMA'S v£m koningen en vorsten, diploma's n.l. van private dan wel publieke verdragen (contracten) en wel allermeest verbonds-pacten worden voorzien voor de vastheid en veiligheid (asphaleias causa), opdat ze echt en authentiek zouden zijn. Zoo heeft ook Izebei aan de rechters Inzake Naboth brieven geschreven met het zegel van koning Achab. De dame wist wel, dat ze aan die rechters een kwaden dobber zou hebben. Ze wou heusch niet verzegelen, dat dezen zoo maar de dame Izebei geloofden met een inwendig aanwezig geloof. Maar daarom plakte ze het zeeei van Z.M. Achab op haar diploma, om te laten weten: aenkt eraan: dit diploma heeft gezag, en dit bevel is authentiek: laat tusschen mijn overhandigen (als bevel van acceptatie) en uw acceptatiedaad de correlatie zijo. „Authoritatis ergo".

5. Zoo had God aan Abraham beloften gedaan. Van een zaad, etc. Om nu allen twijfel of God wel de belofte zou houden weg te nemen, gaf God Abraham dat zegel. Het sacrament was dus bevestiging van Gods PACT.

6. En in dien zin was het zegel des geloofs. Geen klapdeurtje in, dezen keer, dr Hoek. In dien zin. In dlén zin.

7. En nu krijgt Lyra een beurt. Lyra zou tegenwoordig voor een bepaald onderdeel synodaal zijn. Lyra zegt n.l., aldus Pareus, dat Abraham het zegel der rechtvaardigheid des geloofs ontving OPDAT HET BEN ZEGEL ZOU ZIJN VAN DE RECHTVAARDIGHEID DES GELOOFS DAT VERBORGEN LAG IN ABRAHAMS HART (ut esset signaculura iustitiae fidei latentls in mente, ik verbind den genetlef latentls niet met iustitiae, maar met fidel). Daar hebt ge voor een deel Praeadvles, daar hebt ge voor dat zelfde deel dr F. L. Bos, daar hebt ge dr J. Hoek, die nog altijd de verzenen tegen de prikkels slaat, en nog steeds probeert goed te praten, dat ds H. J. Schilder preekt tegen den wil des Heeren, och, och. Maar zegt Pareus, dat geluid heb ik wel eens meer vernomen. Sommigen (quidam) willen n.l., dat een „sphragis" (zegel) een signum occlusorium is, een toesluitend zegel. Een zegel, ter bewaring van een zaak, die eerst nog verborgen bleef, maar later aan den dag zal treden. Zij meenen, dat Abraham dus een zegel kreeg op wat eerst later ten volle aan het licht zou treden. Maar, zegt Pareus, al bestaat zoo iets, we moeten hier dien kant niet uit, dat ruikt een beetje naar Orlgenes. Want al moet een zegel soms dienen om iets toe te sluiten, en al kan „verzegelen" wel ijeteekenen: esluiten, sluiten, toesluiten, Matth. 27 : 66 (het graf verzegelen), Openb. 5 : 1 (het raadsboek Gods verzegelen), 10:4 (de zeven donderslagen verzegelen), toch is HIER bedoeld een verzegeling die geschiedt om de fides en de autoriteit te vergrooten (denk aan die bul van het studentencorps, hierboven).

Bewijsplaatsen ?

Pareus heeft ze bij de hand:1 Cor. 9:2 (gij zijt het zegel van mijn apostolaat, men kan uit u zien, dat ik werkelijk van God gezonden ben, niet dat gij goed geluisterd hebt, maar dat ik met Gods autoriteit kwam, ; dat mijn woord zyn Woord was; dat is weer zoo iets als bij Izebei, op wien ook Ferraris wijst, en bijna ledere dogmatiek in dien tijd); 2 Tim. 2 : 9 (Ijedoeld moet zijn:2 : 19: et zegel op Gods fundamentsteen, een opschrift); Openb. 7:2, 4 (de engel draagt het zegel van den levenden God, en verzegelt de 144000; en hier is voor de dogmatische opvatting van Pareus van beteekenis, dat hij onder dat zegel, in zijn exegese van Openb., a.w. Comm. In Ap., 681, b, het zegel opvat als 3 Hm. 3 : 19, zie boven, het opschrlJEt dus alweer, het dlploma-ln-steen, vergeleken met het taw-of „kruls"teeken uic Ezechiël, waarmee als met evangelie-en belijdenisinhoud en - opselurlft de belijders worden ondersehdden tegenover de bondsverlaters, vgl. Ez. 9:4, en Pareus in Ap., 682, a); en eindelijk 2 Oor. 1 : 22v. (God heeft zijn zegel op ons gedrukt; hetgeen blijkbaar bij Pareus anders wordt opgevat dan bij den — hier trouwens onzekeren — Gros-^ helde).

8. Ook moet men niet, zegt Pareus, het „zegel" van Rom. 4 : 11 opvatten als een zegel om Abraham met zijn

zaad te onderschelden van de rest van de wereld (een distinctief zegel dus, om de personen te teekenen ter onderscheiding). Want voor zulke distinctie, zegt Pareus past beter het v^oord „sêmelon", niet , , sphragls". Maar het semelon woi'dt tot een sphragis, bij Paulus, sprekende over Abraham.

9. Daarom, zegt Pareus, is de plaats Rom. 4 : 11 van algemeene beteekerls voor de sacramentsleer; teekenen, maar ook zegelen van de geloofsgerechtheid.

10. Alle signum (teeken) is nog geen slgnaculum (zegel), zegt Pareus dan ook, 106, a; maar wèl Is alle slgnaculum een signum. Hoe is het dan bedoeld, als God Abraham (vergelijk alweer het diploma, zegt Pareus) verzegelt de geloofsgerechtigheid? Allereerst: door het teeRen, om af te beelden.

Vervolgens door (let op) een pactie en een stipulatie, een overeenkomst dus en een stipulatie (daar gaat de heele synodale theorie overboord). NIET DUS DAT ABRAHAM GELOOFDE (want dat Is een feit constateeren, geen stipulatie maken, dat is een bewering-aangaande-een-feit vastleggen, maar geen overeenkomst), doch in dezen zin: ZOO ZEKER ALS (de volwassene) Abraham dat teeken in zijn bevestigend lichaam had aangenomen (over „aannemen" zie boven, de correlatlekwestle), EVEN ZEKER zou God hem heiligen NAAR DK BELOFTE. Het verbond, voegt hij er aan toe, was die wederkeerige stipulatie tusschen Abraham en den Heere; van Gods kant aangaande de hem TE GEVEN (danda), niet de GEGEVEN (data) genade; naar de belofte, staat er al weer bij. En van Abrahams kant aangaande geloof en gehoorzaamheid als TE PRAESTEEREN (praestanda) en niet als GEPRAESTEERD (praestlta) aan den Heere, overeenkomstig de OBLIGATIE (correlaat van Gods promlssle of belofte).

Ik houd nu maar op. Als dr Hoek nu nóg zou trachten, achter het klapdeurtje te verdwijnen voor een moment, om dan weer binnen te glippen als Ursinus-Pareus in de „Tweede Kamer" aan het woord zijn, dan mogen de scharnieren van het deurtje wel eens extra gesmeerd worden.

Ik blijf liever aan één stuk luisteren naar dezen geeerden spreker: Ursinus-Pareus.

En ik heb al weer medelijden met de classis Den Haag, die op instigatie van een mislukt rapport-Grosheide een candidaat den preekstoel ontzei, omdat de classis het niet zoo goed wist als die candidaat, en het nog niet bekennen wil. Want nog wU ze overeind blijven staan met behulp van de nalezingen van dr P. L. Bos.

Laat ze liever ook de haagsche synode afvallen, en ronduit zeggen, dat ze het grondig mis hebben gehad en dat ze door hun uitspraken een streep halen vanwege haar onschriftuurlijkheid. En d& n kunnen we verder zien.

Waarom zoo krampachtig vastgehouden aan wat toch heusch niet te redden Is?

Alles wat een belofte mist, is geen sacrament, zegt Pareus (Opera, 199a). Daarom KAN het sacrament geen GELOOF verzekeren, noch aanwezige genade. Want dat is geen belofte meer, doch vervulling van belofte. Wel kan het verzegelen: de fides danda, , te vermeerderen, te versterken geloof, toenemende genade (op conditie van geloof).

'tïs toch zoo eenvoudig. Lees overigens op die condities:

Pareus!!!!

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 29 juli 1950

De Reformatie | 8 Pagina's

jzelel en de Heere god

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 29 juli 1950

De Reformatie | 8 Pagina's