GeheugenvandeVU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van GeheugenvandeVU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van GeheugenvandeVU.

Bekijk het origineel

Voor Kinderen.

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Voor Kinderen.

6 minuten leestijd

TWEE WERELDEN.

NIEUWE MKNSCHEN.

XXIX,

Het dorp waar Rika woonde lag, zoo als wij weten, in een tamelijk dorre streek, met veel hei en bosch. De Zandhoeve droeg niet ten onrechte haar naam. Zulke plaatsen nu eischen van de bewoners, de landbou? /ers, dikwijls veel arbeid. Want de grond brengt uit zich zelf niet veel op, en moet door bemesting en bewerking voor landbouw geschikt v/orden gemaakt. Eer de hei wat oplevert, dat voordeel geeft, gaan dikwijls jaren voorbij, Tusschen een veld in Drente, waar de schapen schraal voedsel vinden, en de vette landouwen van Holland, waar hel vee in de klaverwei loopt, is een onderscheid dat iederduidelijk bespeurt.

Maar die magere, min vruchtbare streken hebben ook weer hun voordeel. Als de mensch, met het verstand dat de Heere God hem heeft gegeven, om den aardbodem te bebouwen, zich daarop toelegt, kan hij" van zulke woeste stre ken, juist de schoonste maken voor het oog. Dat zien wij op vele plaatsen van ons vaderland. Tal van plekken, die 's zomers om hun schoonheid druk bezocht worden, waren vroeger ver van aanlokkelijk, en staan ook nu nog iii vruchtbaarheid en opbrengst ver achter bij minder mooie. Maar natuurschoon, heuvels en dal en bosch, trekken vele bezaekers. Ook zijn die zandige, hooge streken vaak gezocht, omdat het er zoo gezond is. Menigeen die op vochtigen moerasgrond ziek is en blijft, wordt beter als hij op het zand gaat wonen.

Zoo kwam het dan ook, dat niet lang na Rika's terugkeer op haar dorp, dicht daarbij een bouwmeester verscheen, die midden in een bosch grond liet afpalen, en weldra begon met daarop een groot huis te bouwen. Toen dat af was, kwamen er wagens met meubelen en kisten die werden afgeladen. Weldra wist heel het dorp, dat een adellijk, rijk heer uit de stad met zijn gezin hier zou komen wonen. De gezondheid van zijn vrouw maakte dit wen-1 schelijk. Niet lang daarna, nam dan ook het ezin zijn intrek in de nieuwe, ruime en fraaie woning, en kort daarop werden niet ver van aar, weder eén paar huizen gezet, waarna ook og anderen zich in de buurt gingen vestigen, ie eveneens hoopten er herstel van gezondheid e vinden.

Maai in den omtrek van het dorp kon men ook andere bewoners vinden. Dat waren geen nieuwelingen, evenmin als zij er zich neergezet hadden om gezond te worden, 't Was een volkje overal van daan, dat in hutten en stulpen op de hei zijn onderkomen had, waar men geen huur en geen grondbelasting had te betalen, en wonen kon waar, en verhuizen, wanneer men wilde. De meesten van hen waren al even ruw als de grond waarop zij woonden en het heikruid waar zij bezen^s van maakten. Er waren er echter ook, die op minder eerlijke wijs aan den kost kwamen, en door stelen en rooven in hun onderhoud oogden te voorzien. Allen waren ruw, zoowel de vrouwen als de mannen. Vloeken en sterken drank drinken wat onder hen algemeen, ea dikwijls hadden er vechtpartijen plaats die bloe­ig afliepen.

Onder de „heirzwervers, " 200 als deze lieden genoemd werden, waren ook veel kinderen, die al even onwetend opgroeiden als de lieve schapen, die den heelen dag op de hei ronddwaalden, Leeren deden deze kinderen niets. Ze hielpen soms hun ouders, gingen mee er op uit om te bedelen, speelden en ravott'en op de hei, of vochten met elkaar, en waren de schrik van het dorp, waar niets voor hen veilig was. Ze werden dan ook telkens verjaagd.

Ik behoef u wel haast niet te zeggen, lieve vrienden, dat ouders noch kinderen iets wisten van God en Zijn gebod. Allen leefden in de grootste onkunde als de heidenen, en kwamen in kerk noch kluis. Zondag en werkdag was voor hen eenerlei, en van den Heere Jezus wisten ze weinig of niets. Toen eens aan een meisje van acht jaar werd gevraagd, of zij wel wist wie de boomen en bloemen had gemaakt, was haar antwoord: „Ja zeker, de tuinman."

Op een namiddag ging Rika een kennis opzoeken, die een klein uur ver woonde. Zij nam den naasten weg door het bosch, en moest het groote huis langs, het eerste dat hier onlangs gebouwd was. Daar zij het nog niet gezien had, bleef zij aan het tuinhek een oogenblik staan, om het gebouw en den mooien, nieuwen aanleg eens te bekijken. Toen zij verder liep en bezijden het huis kwam, hoorde zij de tonen van een orgel. Onwillekeurig bleef zij even staan, en luisterde naar de muziek, terwijl een droeve herinnering aan vroeger dagen over haar kwam. 't Waren niet enkel echter tonen die zij hoorde; weldra klonken ook stemmen, er werd gezongen, en Rika kon de woorden en de wijs volgen van psalm 84 : 6:

Want God, de Heer, zoo goed, zoo mild, Is t'allen tijd' een zon en schild; Hij zal genaad' en eere geven; Hij zal hun 't goede niet in nood Onthouden, zelfs niet in den dood, Die in oprechtheid voor Hem leven. Welzalig, Heer, die op U bouwt, En zich geheel aan U vertrouwt.

Hier wonen dus menschen die psalmen zingen, zei Rika bij zich zelf, en het verwonderde haar. Onder de aanzienlijke lieden die zij ontmoet had, waren weinig vromen geweest, en 't is helaas waar, dat velen die het goed dezer wereld hebben, het hoogste goed missen, en zich daarom ook weinig of niet bekommeren. Gods volk bestaat, zegt de Schrift, uit niet vele rijken en edelen. Dat ligt echter niet aan den rijkdom of de edelheid, maar aan het verkeerd gebruik daarvan, als men er zijn vertrouwen op stelt, of zich er op verhoovaardigt.

Er was een tijd geweest, toen Rika zich niet aangetrokken gevoelde door menschen die psalmen zongen. Maar nu deed wat zij hoorde haar zoo goed, dat zij niet laten kon zoetjes mee te zingen. Daarna ging zij verder.

Wat Kobus met haar had besproken, wat de predikant zei, die haar nu en dan bezocht, had indruk op haar gemaakt, en zij had, nu de Heere haar uit het woelige, drukke leven in het stille had teruggebracht, tijd en gelegenheid om na te denken. Allengs leerde zij zien, dat haar broer wel gelijk kon hebben. Haar vorige weg was misschien niet goed geweest, en daarom had de Heere God, in Zijn wijsheid, haar belet daarop voort te gaan. „Ons leven", zoo zei de dominee eens, heeft „geen waarde voor de eeuwigheid, als het niet besteed wordt tot Gods eer, om Hem te verheerlijken. Belzasar's heerschappij en leven ^werden afgesneden, omdat hij God niet had verheerlijkt, in wiens hand dat leven en al des konings paden waren. En als de Heere u nu leert, - uw leven in Zijn dienst te besteden, gelijk de psalmdichter zegt, zal Hij ook voor u een God van zaligheden zijn".

CORRESPONDENTIE.

Zouden de vragers zoo goed willen zijn, om als ze over een boek spreken, ook den titel en niet alleen den schrijver te noemen? Van Lummel en ook anderen hebben verschillende boeken geschreven, en daarom is juiste aanwijzing noodig.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 16 juni 1907

De Heraut | 4 Pagina's

Voor Kinderen.

Bekijk de hele uitgave van zondag 16 juni 1907

De Heraut | 4 Pagina's