GeheugenvandeVU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van GeheugenvandeVU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van GeheugenvandeVU.

Bekijk het origineel

MUZIKALE KRONIEK

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

MUZIKALE KRONIEK

7 minuten leestijd

„College" (!) van Willem Mengelberg.

Wie het Gedenkboek der in 1936 jubileerendc Alma maler inziet, komt op bladzijde 359 van deel 2 de volgende aanteekening legen:

„In zijne plaats (van A. A. Smijers—S.Z.) werd door de Maatschappij tot bevordering der Toonkunst als bijzonder hoogleeraar W. Mengelberg aangewezen, met de opdracht, onderwijs te geven in de algemeene muziekwetenschap, voor zoover deze tot grondslag strekt van de reproductieve toonkunst. Tot dusverre (April 1936) heeft de heer Mengelberg nog geen gelegenheid gevonden, aan deze opdracht gevolg te geven" i).

Studiosi hebben dus reeds vanaf 1934 gewacht op professoraal onderricht van Zijn Hooggeleerde. Nu echter heeft Mengelberg „college" gegeven. Wel in een wonderlijken vorm: vanuit een interview en niet vanaf een katheder. Ook de gebruikelijke toga ontbrak en woetgrage jongeUeden waren vertegenwoordigd in één journalist.

Na 2 concerten met het Berlijnsche Philharmonische Orkest te hebben gegeven, kreeg Dr Hans Erman „college" van den concertgever. De „Völkische Beobachter" stelde „De Telegraaf" van 10 Juli avond-editie, in staat om Nederland Mengelberg's cultuur-, , visie" te doen kennen. Het zou ook zonde zijn geweest, als Nederlanders niet de oogen waren geopend, wie er zoo aanstonds onder hen weer wil werken en applaus oogsten. Hoe het toeging, vertelt Dr Erman duidelijk:

„Eigenlijk wilden wij uitsluitend over muziek spreken. Over het Concertgebouw „De Philharmonie" van Amsterdam, over de jongere Nederlandsche componisten Pijper, Voormolen, Badings en Rudi en Karel Mengelberg zou er veel te vertellen zijn geweest

En dan kwam men steeds weer op de politiek! Hij kon nóg zoo dikwijls zeggen: „Ik ben een musicus, politieke dingen kan ik niet bespreken!" — in den volgenden zin was hij toch weer bij de politiek."

Vanuit Duitschland maakte de dirigent den oorlog in Holland mee:

„En daarbij heb ik de groote gebeurtenissen in Holland niet eens meegemaakt, ik was namelijk al in Duitschland. U kunt zich voorstellen hoe wij aan de radio hingen in die dagen. Toen de wapenstilstand gesloten werd, bleven wij (Mengelberg en Mevrouw Mengelberg—S.Z.) den heelen nacht op; het was te Badgastein, en al was ik er tienmaal voor de kuur, wij zetten ons met alle vrienden, lieten champagne komen en vierden dit grootsche uur. Het is werkelijk een grootsch uur, de wereldgeschiedenis zal dat bevestigen, Europa komt in nieuwe banen."

Toen Nederlanders doodbloedden bij den Grebbeberg en in en bij Rotterdam, toen onze mannen en broeders koortsten of opgenomen werden in ziekenhuis en veldlazaret, toen wij allen tot tranen bewogen de capitulatie moesten verdragen, vierde Mengelberg het met... champagne.

Toen Rotterdammers in schuilkelders ingesloten zaten, toen de Doelen van Rotterdamsch PMlharmonisch-orkest verwoest lag, toen de majestueuze orgels van de Maasstad schoon opbrandden, vierde Mengelberg de capitulatie met... champagne.

Champagne bij de capitulatie... dat, dat zullen de Idnderen van ons volk nooit vergeten.

Champagne... bij een grootsch uur. Stijlloos? Ja volkomen. Vernederend voor onzen eigen volksaard? Absoluut. Maar het is Mengelberg's lijn. Luister slechts.

De 25e xiitvocring van Bach's Matthauspassion is geëindigd. Koor- en orkestleden hebben zich naar de 'kleine zaal van het Concertgebouw gerept. Plechtig oogenblik. Mevrouw Noordewier staat gereed om haar toespraak te houden. Dames zullen zoo aanstonds het doek wegtrekken, dat het kunstwerk van Willem van Konijnenburg bedekt. De kleine zaal vol menschen. „De dames-koorleden in haar stemmige zwarte kloeding", „'de laatste aangrijpende tonen van de Matlhaus-Passion waren weggestorven": Am Abend da es kühle war.

Bach's werk is zonder applaus voor de 25c maal ontvangen. De huldiging voor de 25e hanteering van den dirigeerstok kan nu beginnien.

Laat het verslag van het Alg. Handelsblad van 15 Januari 1923, 3e blad het ons vertellen:

„Luid gejuich weerklinkt ais Mengelberg „opkomt" uit de stemkamer, gewikkeld in een dikke pelsjas, waarvan de kraag werd opgezet. Lachend wijst hij op het wollen vest onder dien jas en met een vermakelijk handgebaar biedt hij zijn verontschuldigingen aan voor dit weinig officiëele toilet. Dan treedt Mevrouw A. Noordewier—Reddingius naar voren; met haar welluidende stem spreekt zij op diep bewogen toon den dirigent toe."

, , Tijdens de toespraak van Mevrouw Noordewier hebben de dames Beuker en Rahusen, presidente en vice-presidente van het Amsterdamsche Toonkunstkoor, het doek van het schilderstuk v/eggetrokken. En daar staat dan het kunstwerk, dat in triptiekvorm de graflegging van Christus verr beeldt.

Diep ontroerd kijkt Mengelberg naar het kunstwerk; ook Mevrouw Noordewier kan slechts met moeite haar aandoening bedwingen.

Daverend klinkt, als zij haar warme toespraak heeft geëindigd, het handgeklap. En Mengelberg kan zijn emotie niet beter uiten dan in een hartelijke dubbele omhelzing."

De dirigent richt zich tot de leden van koor en orkest en solisten.

„Hij omhelst nogmaals Mevrouw Noordewier„ onder luid, instemmend applaus zoent hij lilona Durigo"

„Tante Jo, tante Jo", wordt reeds van alle kanten uit de zaal geroepen. Beide handen steekt MengeU berg uit, dan drukt hij Mevrouw Beukers aan het hart "

„Juffrouw Rahusen" klinkt het thans. En ook de vice-presidente wordt in een dubbele handkus doorden dirigent gehuldigd."

Zóó viert Mengelberg „grootsche" uren!.

Op de vraag: „of al zijn landgenooten zoo denken? ", komt Mengelberg's cultuurkijk naar voren. Het is een, voor Nederlanders armzalige visie.. Hoor slechts:

„Natuurlijk waren er in Holland personen en kringen, die anders georiënteerd waren, maar naar ik hoor laat zich vaststellen, dat die al rijkelijk veel geleerd hebben. Zeker, ons leven had veel contact met het Westen, dat contact is verstoord, ook de invloed van de Westelijke cultuur is afgesneden — maar "

Hij zet zich achterover in zijn stoel, ziet me doordringend aan:

„Maar ik vind dat heelemaal niet zoo erg. Stelt U zich eens voor, dat het anders gekomen was. Dat zou veel erger voor het Nederlandsche cultuurleven geweest zijn. Immers wij zijn altijd bijzonder nauw met juist het Duitsche geestesleven verbonden geweest. En wanneer het Westen terugtreedt, zal Duitschland nog sterker op den voorgrond komen. Ik heb zoo juist een krantenknipsel ontvangen, m-et dezen brief."

De brief wordt gehaald, het krantenknipsel wordt voorgelezen: Onze theaters zijn open, de bioscopen.

geven hun gewone voorstellingen, de trams rijden, als kinderen spelen op straat en wanneer een vliegmachine aan den hemel verschijnt, blijft iedereen aan zijn werk, de cirenes klinken uiet meer, de menschen ademen op

Zoo stond het in de Holland'3: Iie krant. Mengelberg meent, dat er geen beter getuigenis voor den nieuwen Nederlandschen opbouw bestaat dan juist dit praatje in het dagblad:

„En wanneer nu alle kunstzinnige en wetenschappelijke werk verder gaat als in vredestijd, zal Duitschland daar het grootste aandeel aan moeten hebben; ik althans geloof dat."

Hier domineert een geest, die in strijd is met ons eigen nationale, vrije en onafliankelijke muziekleven. En liier wordt bet klaar als de dag, hoe het mogelijk was dat de Nedèrlandsolie muziek van de laatste decennia zoo sporadisch op de Mengelberg-concerten voorkwam. Waarom stak Rolterdamsch Pliilharmonisch Orkest reeds jaren de loef af? Omdat Mengelberg geen kijk toont te hebben op eigen nationaal bezit.

•Wat was rijker dan het HoUandsclie muziekleven? Wie werd gehinderd in het brengen van ]3uitsche, Fransche, Engelsclie, Russisclie, Noorsche muziek? Geen consciëntieus kunstenaar. Hij kon bouwen, hij mocht zonder eenige hinderpaal zijn publiek opvoeden in liefde voor de klassieken, in bewondering voor de romantici, , in dankbaar- Iieid voor hetgeen moderne componisten aan den dag brachten.

Biü was en blijve de rijkdom van Nederinndsch muziekleven.

Niemand heeft het recht, ook Professor Mengelberg niet, om één land voorkeur te geven boven het vaderland. En het is de schande van sommige Nederlandsch sprekende musici, niet Hollandsch te denken over die muziek waarin ons land kan schitteren ook tegenover het buitenland: het eigen nationaal bezit aan volks- en kerkliederen.

In een geest, die in wezen vijandig staat tegenover den grondtoon van ons volkskarakter, kan het opkomen, laatdunkend en pedant eigen nationaal bezit te negeeren.

Men kan dit, in eigen scheppende onmacht moeten laten liggen, maar het geeft geen musicus liet recht om wat anderen voor onze natie deden, Jionend te ignoreeren.

Znllen onze oogen opengaan? Zullen onze droomen van „gemeene gratie" ons bedrog wezen? Zal men gaan inzien dat het niet past aan een „Standaard" om regelmatig en meest haar kunstrubriek Ie vullen met abonnementsconcert zoo en groole zaal zus? En dan bij een jubileum van een christenkunstenaar te moeten erkennen: hebben wij hem niet te veel vergelen!

Het Concertgebouw is geen geestelijk allemansland; zijn gedenkboek heeft het nog eens rood onderstreept: „Humanistische Ciultuur-Instelling". Mengelberg vinde onze volksgenooten niet meer onder zijn publiek. Wij verlangen stijl: Gereformeerde kunstgenieting en geen gemeene-gratie-roes in een verpolitiekt Nederlands Muziekleven!


1) De Utrechtsche Universiteit 1636—1936, Dr G. W. Kernkamp en Drs J. P. Fockema Andreae. N. V. Oosthoek's Uitgevers Maatschappij, Utrectit 1936.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 2 augustus 1940

De Reformatie | 8 Pagina's

MUZIKALE KRONIEK

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 2 augustus 1940

De Reformatie | 8 Pagina's