„Wandelt als kinderen des lichts”.
Want gij waart eertijds duisternis, maar nu zijt gij licht in den Heere; wandelt als kinderen des lichts. Efeze V: 8. Nogmaals over dezen zelfden tekst.Het licht en de duisternis zijn twee machten, die tegenover elkander staan. Het Scheppingsverhaal begint m ...
„Die de psalmen geeft in den nacht.”
Maar niemand zegt: Waar is God, mijn Maker, die de psalmen geeft in den nacht. Job XXXV: 10. Ge moet de beteekenis van dit prachtige woord: »Die de psalmen geeft in den nacht", nfet eenzijdig opvatten noch overdrijven. Uiteraard kan 't voorkomen, dat een vroom kind ...
„Zwijg niet tot mijne tranen”.
Hoor, Heere, mfn gebed, en neem mfn geroep ter oote; zwfg niet tot m^ne tranen; want ik böi-een vreemdeling b5 U, een bgwoner, geigk aüe m^ne vaders. Psalm XXXDC : 13.Het jonge kind kuiit, de jonge dochter jr/4«Kf, e vrouw weeiti, en de man tat zijn smart in luide ackfen. Bg het_gpgaan van ...