1915-1916 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 14
6 Dit blijkt ook uit hetgeen Ds. P. over de vaccine of de vaccinatie mededeelt. Zoo schrijft Ds. P. in Orgaan I: „Doch gesteld al, dat de schadelijke gevolgen uit de lymphe onwezenlijk waren, wat wij ten sterkste ontkennen, want een syphilisgeval, waarbij kalfslymphe gebruikt was, deed zich verle ...
1915-1916 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 15
7Bij de behandeling van het rapport der Engelsche Minderheidscommissie in Org. VII, worden nu tal van scheeve voorstellingen gegeven: „Al komen er — in het rapport der Minderheidscommissie — meestal dingen in voor, Engeland betreffende, toch is er veel in, dat ons tot leering kan strekken ...
1915-1916 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 16
8„Wat ons nog meer trof, was dat we in dit boek van een medicus nog wel, feitelijk geen een opmerking vernamen omtrent de veranderde gezondheidstoestanden, 't Is alsof er in de vorige eeuw niets werd gedaan voor betere woningen, water, rioleering enz. enz. Maar dat was ook niet noodig. Nie ...
1915-1916 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 17
9epidemie de conclusie dat men in Leicester de goede richting heeft ingeslagen! In Org. X komt Ds. PIERSON op tegen DR. BLOOKER die in de Kamer had gezegd, dat de wijze van inenten in Indië veel te wenschen overlaat, en dit o.a. grondde op het goed opkomen der revaccinaties ! Ds. PIERSON m ...
1915-1916 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 18
10 Zou Ds. PiERSON niet weten, dat het wat den dwang betreft alleen gaat om het nuttige; dat dit reeds experimenteel d.i. op wetenschappelijke wijze vastgesteld is door JENNER, en dat daarvan geen afbreuk wordt gedaan, door de later opgedane ervaring dat de immuniteit niet voor 't leven geldt. Ov ...
1915-1916 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 19
11 Ten slotte is Ds. P. getroffen, door „het volkomen stilzwijgen •der tegenpartij." „Geen enkel lid heeft ten voordeele van de vaccine gesproken. Zou het uit machteloosheid voortkomen of uit gebrek aan personen, die het voor een hopelooze zaak willen opnemen?" Alsof nog niet een andere mogelijkh ...
1915-1916 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 20
12 De verwekker van de syphilis, de spirochaeta pallida is, bekend. Het microscoop kan hier zekerheid brengen. Daarom één vraag slechts: Hebben de heeren ook getracht die zekerheid te krijgen en met welk resultaat? of blijven de heeren liever bij het uitspreken van een vermoeden dat ook zonder mi ...
1915-1916 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 21
13 staande 7R de bevolking de vaccinatie ondergaan hebben! In de epidemie van 1903—'04 werden van de gevaccineerden 196 door de polcken aangetast, waarvan 5 stierven; van de ongevaccineerden 198, met 16 dooden. Niettegenstaande dit noemt Ds. P. Leicester een navolgingswaardig voorbeeld." Bedenken ...
1915-1916 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 22
14 De zedelijke minderwaardigheid der deskundigen staat a priori zoo vast bij Ds. P. dat zelfs een proef met hen van de hand wordt gewezen en de circulaire komt terecht „in het Museum van medische rariteiten, waarvan het weldra aan plaats zal gaan ontbreken." In Org. XXXI heeft Ds. P. het over he ...
1915-1916 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 23
15 kennen in een bepaald geval wel mogelijk is, doch men hieruit niet mag generaliseeren tot de gevaarlijkheid voor de gemeenschap, temeer daar dit gevaar wegvalt, vergeleken bij de algemeen minder vatbaarheid door inenten verkregen. Het niet herkennen is dan ook niet alleen voorkomend bij gevacc ...