Dr.W.H. NIEUWHUIS.
Bij J. H. KOK, te Kampen, verscheen: DOORlïr. ^m. li. MlEUM^IiUIS.Frtjs f 0.'75.^ ^ ALOM VERKRIJGBAAR. -^|| ...
Doop en Tucht.
Ds. De Haas heeft een goed werk gedaan met de quaestie der „Doopleden" tot een afzonderlijk onderwerp van behandeling te kiezen.Hij deed dit in een net uitgevoerd Trac taat. dat onder den titel: Doop en Tucht of klein Tractaat van de Tucht der kerken over hare gedoopte leden, bij Kirchner ...
Buitenland.
Engeland. Het optreden van Kènsit tegen de Ritualisten. Eene uiting van Jan Maclaren.De aartsbisschoppen van Canterburry, de premiers van de Anglicaansche kerk en die van York hebben een brief aan den Roomschen kardinaal Vaugkan gezonden, waarin geantwoord wordt op de argumenten, , die van ...
Eeredienst.
XXXII. Van het gebouw mogen we niet afstappen, zonder ook een woord te hebben gezegd over den bouw als zoodanig. We zijn hiermede niet begonnen, maar eindigen er mede, omdat het gebruik de eerste rechten heeft, en op het doel, waarvoor het gebouw te dienen heeft, h ...
Manke vergelijking.
Amsterdam, 20 Mei 1898.Maeterlinck maakt met zijn dualistisch mysticisme in onze Moderne kringen zoo ongeëvenaarden opgang, dat hij een norma begint te worden, met wien men anderen meet.Zoo opende de Hervorming haar no. 18 met een hoofdartikel, getiteld: Dr. Kuyper en Maurice Maeter ...
„Een iegelijk zijnen broeder.”
Daarom zegt de Heere alzoo: ijlieden hebt naar Mij niet gehoord, om vrijheid uit te i'oepen, een iegelijlc voor zijnen broeder, en een iegelijk voor zijnen naaste: iet, zoo roep Ik uit tegen ulieden, spreekt de Heere, eene vrijheid ten zwaarde, ter pestilentie, en ten honger, en zal u overgeven t ...
Op Amboina.
„Want indien ik het Evangelie verkondige, het is mij geen roem, want de nood is mij opgelegd. En wee mij, indien ik het Evangelie niet verkondig". Zoo schreef Paulus aan de kerk van Corinthe (i Cor. 9 : 16), een woord, waarvan de gemeente des Heeren, als de liefde van Christus haar dringt, in zic ...
Van de gemeene Gratie.
DERDE REEKS. XLIX. Gedenkt der vorige dingen van oude tijden af: at Ik God ben, en er is geen God meer, en er is niet gelijk Ik; die van den beginne aan verkondig het einde, en vanouds af die dingen, die nog niet geschied zijn; die z ...