I. Naar aanleiding van het onderwijs-debat in de Kamer. - pagina 59
Zelfstandige organisatie van het Lager Onderwijs, onder toezicht der
Wetgevende Macht, Het onderwijs
is uit zijn aard geen staatkundig, maar een maatvraagstuk. Niet op het terrein van den Staat, maar wel op dat der maatschappij, is de' natuurlijke verbinding te vinden van de belangen, die ouders en kinderen, Kerk en Staat, ten opzichte van het Lager Onderwijs, gelijkelijk kunnen doen gelden. Eerst indien deze waarheid erkend wordt, valt de tegenstellincr tusschen Staat en Kerk in zake de volksschool voor altijd wee, en kan men tot een stelsel geraken, dat de vrije school als regel huldigt en slechts bij wijze van aanvulling de ofliciëele neutrale school laat voortbestaan. Welke bedenki'ugen nu hebben de voorstanders van het thans vigeerend Concurreötiestelsel hiertegen in te brengen? En gesteld al, dat ook met dit sociale sysCeem van onderwijs de volmaaktheid niet bereikt ware, wegen die bedenkingen tegen de gevaren van het Concurrentiestelsel op? Welke dan die gevaren van het Concurrentiestelsel zijn? Met name wijzen we op een vierioX. 1. Be school wordt tot inzet verlaagd voor het politieke kansspel. Ons, anti-revolutionairen, is vaak verweten, dat door onzekitteloorigheid de schoolquaestie in de politieke debatten was binnengeleid! Alsof niet het Conservatieve schoolsysteem, (en dat biedt ons de wet van '57), tot deze politieke inmenging dwong! Breng het over op industrieel terrein, waar de concurrentie meer eigenaardig thuis hoort, en niemand weerspreekt dit. Denk u, dat van overheidswege voor het steeds in voorraad hebben van een voldoende hoeveelheid levensmiddelen in elke gemeente van ons land te zorgen ware, zou het dan billijk zijn, onze bakkers,^ vleeschhouwers, kruideniers, enz. van agitatie te beschuldigen, indien ze bij de stembus zich weerden om deze onmogelijke concurrentie tot de kleinste afmetingen te beperken? En is het dan onze schuld, dan wel die van den Conservatieven wetgever, dat we door de stembus het eenig afdoend instrument zochten te bespelen, waardoor de groot-concurrentie van den schoolhoudenden Staat kon belet worden, voort te schrijden tot onze algeheele onderdrukking? <
schappelijk
De
•
wet zelve maakt de volksschool tot een politieke quaestie uitnemendheid. Tot een politieke quaestie voor onze Liberalen, die, bij ontstentenis van een gemeenschappelijk program, zich om de neutrale volksschool schaarden, ter beveiliging van het kostelijk instrument, dat hun door Conservatieve kortzichtigheid ter liberaliseering van het opkomend geslacht geboden was. Tot een politieke quaestie voor onze Conservatieven, die, ter elfder ure de fout van '57 inziende, de schoolquaestie bij uitnemendheid geschikt keurden, om hun den steun der doleerendo partijen bij
te verzekeren.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1875
Abraham Kuyper Collection | 176 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1875
Abraham Kuyper Collection | 176 Pagina's