1943 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 90
S4 briek levende en in een rubriek levenlooze kunnen worden ondergebracht. Een analoge situatie doet zich toch ook bi) andere begrippen voor, b.v. bi] de begrippen mannelijk en vrouwelijk. Dr. Algera beantwoordt de sprekers als volgt. 1. Bi] de bespreking van den groei van kristallen en cellen werd de meening van Pirie weergegeven, die aanneemt, dat beide processen mm of meer op één lijn gesteld mogen worden. Deze meening is m.i. onjuist, want tusschen den groei van kristallen en dien van cellen bestaan zeer groote verschillen. Bij den groei van een kristal worden moleculen, die zich in een ongeordende warmtebeweging in een oplossing bevinden, in een bepaalde regelmaat gerangschikt. Ook bij den groei van een organisme heeft er een afzetting van moleculen in bepaalde regelmatige verbanden of structuren plaats, maar deze afzetting gaat gepaard met een groot aantal, meestal zeer gecompliceerde, chemische omzettingen, waarbij de moleculen uit het milieu m den regel in geheel anders samengestelde moleculen worden omgevormd. Al deze omzettingen hebben slechts plaats onder den invloed der levensprocessen als ademhaling, enz. 2a. De vorming van pepsme of trypsine in vitio, door samenbrengmg der beide componenten, is wél een vermeerdering van deze enzymen, doch onderscheidt zich in wezen niet van een gewone chemische reactie. 2b. Op de meenmg, dat de eiwitmoleculen bolvormig zijn, werd in de voordracht reeds gewezen. Inderdaad is deze bolvorm moeilijk m overeenstemming te brengen met de opvatting, die Frey Wysslmg van de fijnere plasmastructuur geeft. 2c. Dr. Janssen neemt aan, dat de eiwitten in de cellen worden opgebouwd m mallen of matrijzen De eigenschappen van den mal bepalen den aard van het gevormde eiwit. Sterk van elkaar afwijkende plantenfdmihes hebben verschillende eiwitten, wat wel hieiuit blijkt, dat hun eiwitten onderling geen serologische betrekkingen bezitten Hun ,,mallen" moeten dan ook verschillend zijn. Nu kan het tabakmozaiek-virus, volgens Stanley, 46 species uit sterk van elkaar verschillende families aantasten, welke planten daarna alle hetzelfde virus produceeren, d w z . de onderling verschillende ,,mallen" worden door de inwerking van het virus alle tot gelijke ,,mallen" omgevormd, zoodat zij hetzelfde viruseiwit synthetiseeren Een dergelijke omvorming lijkt mij zeer onwaarschijnlijk 2d Voor zoover mij bekend is, hebben alle ons bekende eiwitten hun ontstaan te danken aan de activiteit der levende wezens. Het is nog niet gelukt om in vitro eiwitten te synthetiseeren, hoe-
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1943
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 138 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1943
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 138 Pagina's