Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

1943 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 89

Bekijk het origineel

1943 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 89

2 minuten leestijd

83 in Zijn welbehagen aan bepaalde moleculen^combinaties een ziel geeft? Levend zou dan alleen genoemd mogen worden, dat, wat een ziel heeft. Grensbepalingen en dergelijke zouden daarmede zielkundige problemen zijn geworden. De Voorzitter merkt op : Wanneer wij de beschouwingen uit het referaat van den inleider aanvaarden, nemen wij een standpunt in, dat we vroeger niet mogelijk' zouden geacht hebben. Ook Dr. Algera heeft zich niet beslist over de principieele kwestie uitgelaten. Zijn inderdaad de feiten en argumenten van zoo dwingenden aard, dat de principieele kloof tusschen levend en levenloos moet beschouwd worden overbrugd te zijn? In het scheppingsverhaal lezen we, dat voor de schepping der levende wezens, planten zoowel als dieren, een speciale scheppingsdaad plaats heeft, die doet veronderstellen, dat in de levende wezens iets anders plaats heeft dan in de levenlooze materie. Is het niet typisch voor het leven, dat de processen gebonden zijn aan bepaalde structuren en de reacties zoo in elkaar grijpen, dat de instandhouding van het leven daaruit resulteert? De geschiedenis heeft ons wel geleerd, dat wij voorzichtig moeten zijn met het poneeren, dat iets principieel onmogeüjk is. Terecht is herinnerd aan de principieele scheiding, die men vroeger aannam tusschen anorganische en organische stoffen en die nu als zoodanig door niemand meer gehandhaafd wordt. Ook de principieele scheiding tusschen planten en dieren verliest haar beteekenis als we te maken krijgen met de laagste organismen, waar de criteria der hoogere planten en dieren niet gelden. Hoe moeten we ons de levensprocessen denken in de cellen bij weefselcultures of in cellen van gestorven organismen, waar het leven in de cellen na den dood zich kan voortzetten, zoolang de celstructuur intact is? Prof. Sizoo heeft den indruk, dat men toch niet zonder meer mag zeggen, dat er geen verschil zou zijn tusschen levende en levenlooze materie. Men mag het niet zoo voorstellen, dat de begrippen levend en levenloos zuiver empirische begrippen zijn, ontstaan bij de voorloopige pogingen de natuurobjecten te classificeeren, en die dus ook door voortgaande waarneming hun beteekenis kunnen verliezen. Deze begrippen dienen veeleer ter typeering van bepaalde verschijningsvormen in de natuur, dan ter rubriceering der objecten. Zij drukken als zoodanig een zeker inzicht uit en bezitten een inhoud, die niet verloren gaat, wanneer zou blijken, dat de objecten niet op ondubbelzinnige wijze in een ru-

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1943

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 138 Pagina's

1943 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 89

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1943

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 138 Pagina's