Bekijk het origineel

De bronnen van het privaatrecht - pagina 8

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

De bronnen van het privaatrecht - pagina 8

Rede gehouden bij de overdracht van het rectoraat der Vrije Universiteit

2 minuten leestijd

6 maar als zoodanig genomen, gewrochten zijn eener richtige rechtspolitiek? T o t op den jongsten tijd gaat men door, om nieuwe wetboeken tot stand te brengen, maar het probleem is daarmede niet opgelost. Men laat wel den wetgever thans betrekkelijk met rust, men spreekt meer over de vraag hoe dan over die, óf men wetboeken zal hebben, en zelfs over die vraag maakt men zich nog niet bijster druk: een wetboek moet niet te technisch en vooral ook wat soepel zijn, dat is wel het voornaamste van wat men betoogt en dat betreft toch betrekkelijk bijzaken. Maar in anderen vorm is het vraagstuk nog precies even actueel als het vóór honderd jaren was. Het codificatie-vraagstuk ging schuil, maar in den vorm van de interpretatie-kwestie is de kern van het probleem opnieuw te voorschijn gekomen en plaagt sinds tientallen jaren de denkende koppen. De wetboeken zijn er nu en de wetgever heeft dus zijn „Schuldigkeit gethan"; maar wat moet de rechter nu met die wetboeken doen? Vruchteloos poogt men een ook maar eenigszins bevredigende omschrijving voor zijn taak te vinden. Is hij enkel uitvoerder en toepasser van het wettelijk voorschrift, den wettelijken „imperatief", zooals men dan gaarne zegt, of zijn des rechters beslissingen zelfstandige rechtsbron? Geldt naast het geschreven recht gewoonterecht en zoo ja, wat is dan hun onderhnge verhouding? zoo vraagt men. Hoe zit het met de billijkheid? En al vragend is men zoo van het codificatie-probleem via de interpretatie-moeilijkheid bij het vraagstuk der bronnen van het privaatrecht aangeland. Daarop zit heel de kwestie vast. Von Savigny bezag ze in zijn tijd van den éénen kant, wij bezien ze thans een eeuw later van de andere zijde. Maar in zijn wezen is de vraag nog precies dezelfde als vóór honderd jaren en de lofzangen, aangeheven bij het eeuwfeest van het Fransche en het Oostenrijksche wetboek, worden verre overstemd door de tonen van twijfel en zelfs van bittere satyre op heel onze privaatrechtspractijk. Wetboeken, ja, maar wie stoort er zich aan? Ontstond er niet zelfs een afzonderlijk leerstuk „vom unverbindlichen Gezetzes-

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 20 oktober 1913

Rectorale redes | 48 Pagina's

De bronnen van het privaatrecht - pagina 8

Bekijk de hele uitgave van maandag 20 oktober 1913

Rectorale redes | 48 Pagina's

PDF Bekijken