Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Vrije Universiteitsblad 1936-37 - pagina 87

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Vrije Universiteitsblad 1936-37 - pagina 87

2 minuten leestijd

621

de ruimte wordt ingenomen door de machines van de centrale verwarming. Deze machines worden met olie gestookt, welke olie wordt opgepomt uit een reservoir, dat achter het gebouw in de grond is aangebracht. Ieder van de twee ketels is daartoe voorzien van een pomp, die door een motor wordt aangedreven. Daalt nu op een bepaald punt in het gebouw de temperatuur beneden een zekere waarde, dan worden deze pompen automatisch ingeschakeld, terwijl de opgepompte olie ook door de machine zelf wordt ontstoken. Is de temperatuur weer voldoende gestegen, dan schakelen de machines vanzelf uit. Gedurende de nacht, en ook op de dagen, dat in het gebouw niet wordt gewerkt, wordt gezorgd, dat de temperatuur niet te veel daalt, door op geregelde tijden de verwarmingsinstallatie telkens gedurende eenige minuten te laten branden. Deze tijden worden dan geregeld door een electrische klok, en de ontsteking gaat weer geheel automatisch. Practisch behoeft naar deze geheele installatie nooit te worden omgezien, behalve dat af en toe de olievoorraad moet worden gecontroleerd. Er ontbreekt nog slechts aan, dat tegen den tijd, dat deze voorraad op raakt, niet autotomatisch de leverancier per telefoon wordt gewaarschuwd om te komen bijvullen! In de winter wordt door de verwarmingsinstallatie tevens warm water geleverd op de werkkamers. In de zomer, als de centrale verwarming is uitgeschakeld, wordt hierin voorzien door een gasgeyzer, die eveneens in de machinekamer is geplaatst. Tenslotte vinden we in deze machinekamer nog een pomp, die het afvoer en rioolwater van het gebouw, dat zich in een er onder gelegen put verzamelt, oppompt in de hooger gelegen stadsrioleering. Ook dit geschiedt automatisch: zoodra het rioolwater in de put boven een zekere hoogte stijgt, wordt de pomp ingeschakeld; is de put leeg, dan schakelt de pomp weer uit. D. j . C.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1936

VU-Blad | 209 Pagina's

Vrije Universiteitsblad 1936-37 - pagina 87

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1936

VU-Blad | 209 Pagina's