GeheugenvandeVU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van GeheugenvandeVU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van GeheugenvandeVU.

Bekijk het origineel

Een Synodale uitspraak.

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Een Synodale uitspraak.

8 minuten leestijd

[De Christelijk-sociale actie verdient 3en Bteuh der Kerken omHat zjj Ie een uitnemead midïiel is om de sociale quaestie hader tot haar oplossi'ng te brengen; 2e ten zeerste 'noodzalcelfllc is tegenover 'de krachtige socialistische arbeidersbewegiiig, en 3e in dezen tijd-vali maatschappelijke woeling een guns|i_geni üivloed oefent. Hiermetle worden de schaduwzijdeli niet voorbij gezien, doch deze mogen geeh verhindering zijn om voor onze organisaties op te komeh.]

V. (Slot).

Tot ijiu toe besprak! ik dat gedeelte van het sylnödale rapport, waarin de Eerken vermaand' worden haar leden op te wekken zich aan te sluiteïi bij' organisaties^ welkb staan op Christelijfcen grondslag; doch er zijln nog^ een paar punten, die onze .aandacht verdienen. In dtei eerste plaats wil ik nog eens de uitspraak' der Synode onderstreiepten, : dat voor een Kd der Gereformeerde Eerk geen plaats i's in een organisatie, die zich stelt op den grondslag, van dein klassenstrijld. Daar hoort een belijder van dien Chri, stus miet thuis. Voor hem' moet een vereeniginig) „die haar leden zou verplichten of althans oproepen tot haat" contrabande zij'n, en ik behoef z^er aan deze uitspraak geen enkel woord ter verdediging toe te voegen. Het socialistisch beginsel isi met het chrisitelijk geloof onvereenigbaar.

Doch... wat dan te doen met kerkleden die tot zulk een organisatie behooren? Moeten allen, die zich bij' den modernen bond hebben aangesloten, onder de pensuur woirlden geplaatst? Het tapport laat zich oiver deze .quaestie zeer voorzichtig uit. Het wenscht zich te houidien aan Üen algemeenen regel, dat nooit een gansohe groep van personen tot voorwerp van tucht wordt verklaard, omid'at de tucht heeiSt te gaan over bepaalde ürdividuein, en_ het herimnert daarbij! aan de beslissingen der kerkelijke vergaderingen aangaande het lidmaatschap van den bonid van Christen-Socialisten. „Men is niet oensur, abel om het enkele feit van toetreding tot dien bond'; men wordt het wanneer men overtreedt de geboden Gtods."

In dien geest is ook vro'eger i^eeds geadviseerd^ In „De Heraut" van 4 Juni 1911 wij'dt prof. Dr H. H. Kluyper aan Ideze quaestie een artikel, waarin hij wel erkent, dat „zich gevallear laten denken waarin een kerkeraad op een christen-socialist tucht zou moeten uitoefenen. De wijze, waarop voor het cihristenisocialisme propaganda wordt gesmaakt; de manier, waarop men zich daarbij' uitlaat over de sociale toesitanden; het prikkelen van den klassenstrijd en anidere oorzaken kunnen aanleiding gieven, dat de Eerkteraad met vermaan en desnoods met afhouding van het Avondmaal zou moeten optreden."

„Maar wel achten 'we het zeer heidönkblijk, wanneer een kerk ais algemeeMien regel ging .stellen, dat ieder, flie zich bij; de christen-socialisten \roegde, daarom reeds kerkelijk geoensureerd zou moeten woird'en." Men maike onderscheid „tusschen ambtsdragers en gewone gemeenteleden, tusschen propagandiisten, die met fanatiefcen ij'ver him beginselen verbreiden, , en deg'enen, |iie van propaganda zich onthouden". „Laat men veel liever in de publielce bediening des Woords en in de catechisatiën op grond van Gods Woord' aanwij'zen, waarom christen en socialist nooit saam kan gaan."

Prof. Dr H. Bouwman spreekt zich in zijn boek over „De iBerfcedijfce Tucht" op dezelfde 'wijze uit. Hij' 'wijst er'eerst op dat de Eerk voorzichtig moet zijn met haar veto uit te spreken over het lidi maatschap van verschillende vereenigingien, len het haar niet toekomlt in het leven van ambacht en bedrijf haar - wil aan haar leden op te dringen., „Daarmee, , zoo gaat hijl verder, is niet uitgesproken, dat de kerk het , zich niet moet aantrekken of hare leden zich aansluiten bij' eene vereieniging^ wier grondbeginselen bedenkielijk of geheel verkeerd zijn. Integendeeli, , de kerk moet een wakend oog houden over al hare leden, en onderwijzend, vermanend, waarschuwend optreden, opdat de geloovigen zelf het verkeerde van hun daad inzien, en bre'ken met wat verkeerd is. Doch juist omdat het leven zoo ingewikkeld is^ en de ambtsdragers der •kerk niet altoos een goeden blik hebb'Sn op het terrein van het sociale leven, is groote voorzichügfheid hier aan te rad-en. De kerk trede met allen ernst en liefde op; maar zij' ook voorzichtig en! teeder in het ter hand nemen van de sleutelen des hemelrijfcte. Als de kerk toch begint met den weg van den kerkelijken ban op te gaan, moet zij ook met een vrije oonsciëntie iten einde toe den weg 'kunnen afleggen, zooi de betrokken persoon in zijn gevoelen volhardt.

Het kan noodig worden, 'dat de Eerk tegen bepaalde groepen van mienschen, tegen genootschappen en vereenigingen moet optreden, zooals ook de Gereformeerden in de 17de eeuw optraden tegen de Arminianen. Maar dan oensureere de Eerk niet, omdat iemand alleen lid is van een genootschap of vereeniging, maar om wat hij' zelf persoonlijk verkeerd doet of leert. Zoo is ook de

beschouwing vaïi oïis Avoridmaalsforinulier, wasir bepaalde piersonen, die zioh s-ata met namis gtenoemde zoadeoa schuldig gemaajct hebben, v'ermaand wolden, zich, zoo lapg zij! jn zulk'e zonden bhjven, van d© tafel des Heeren te onlhoudien." (i) Hiermede is echter niet alles 'gezegd.

Het rapport en de Synode zelve maakl ©en-uitzondering ten opzichte van de organisalies, die staan op den bodem van den klassenstrijd. Daarin is voor leden der Grereformeei€ie Kierk' geen plaats. Dit beginsel gaat in legen het Evangelie van Christus. Hier hiebben wiji te doien met ©en organisatie, fli© haar leden tot revolutionaire d'aiden kan oproepen, en tegenov^er dit lidmaaitschap' heCift de K©rk' zeer zeker met de tuchit op te treden. Doch ook dit geschiede met grooite behoedkaamjieid. De iKierk m^ag niet anders „toit de oensuur voortvaren", (ik citeer letterlijjk het tappoirt), of eerst moet duideUjk bewezen, dat zul'k ©en vereeniging met Goids Woord in istrijd is", en ik ben het volkomien met prof. Bouwman eens, wanneer hij' zegt: „De Kerk handelt het veiligst, zich zoo .nauw mogelijk' aan hare roeping, het getuigen en het belijden, Ie houden. Merkt nu de' Kiei'k, dalt d'e beginseien van leen vereenigitig, ol genoo'tschap verkeer^d werken, dan doet zij' bet beat, die verkeerde beginselen scherp en duidelijk te foirmuleeren, zood'at dé tegensitelling met d© belijdenis der iKierk helde'r en klaar uilSomt. En blijkt het dan, dat iemanJd de valsohe stukken niet verwerpt, dan' kan de Klerk, na herhaald vermaan, bij' volharding in het kwaad, d^en zondaar uit de gemieente bannen. Op deze wij'ze loopt ide weg recht. Immers, > wie de belijdenis der Iferk niet beaamt^ en daartegenover igtevoelens koestert, die in strijd zijn pX'si fl© leef der waarheid; , kan niet rustig gelaten, Worden .jn de schaapskooi van Chrisitus." (^).

Meer kan jk over deze quaestie niet zjeggen'. Elk geval moet op zichzelf woriden beoordeeld, en de Klerken dienen eerst pen nauwkeurig onderzoek in te stellen, en d© .afwijkingen nauwkeurig, - . te formuleeren, ©er zij! de .tuclit toepassen. Maar laten zij' toich waken. Laten zij zich in prediking en kerkregeering met alle kracht .keeren tegen den machtigen invloed, die van de socialistische beginselen op de lagere volksklasse uitgaat, ©n haar ooigen wijd open hebben voor de gevanen, die dreigen. Onze God schudde de slapenden wakker. Nog ©en punt moet ik .ter sprake brengen.

In het rapport slaat ook „de volgende clausule: „Het schijnt vootr te'komen, dat op een bepaald© plaats 'geen christelijk© vakvereeniging voor , een bepaald vaK bestaat, omdat Üiaar ter plaats© onder de belijders van den naam^ des Heeren slechts zeer eidc'elen zijln, die het bedoelde vak beoefenen. Is het dan daar ter , plaatse b.v. ten gevolg© van een colleotief contract ©isch, dat men georgani-' seerd is om! arbeid te .vindien, terwijl de z.g. gewetensclausule ontbreekt, dan rest aan-d© Christelijke .arbeiders niets anders dan zich te voegen bijl een R. K|. of neutrale organisatie."

Hiertegen wordt door een lezier van ons blad bezwaar gemaakt. Hij! schrijft: „'tis m.i. nimme* noodzakelijk, om • zooals bovenstaajnd geval aangeeft, lid te wotpden van een andere idan Chr. Vakorganisatie. W.at toch is het geval. De collectieve contracten worden gewoonlijk afgesloten met de landelijke (minder juiste benamiag) organisatie, waarvan afdeeling'en ter plaatse aanwezig zijh. Nu is het in 't geheel niet nooidz; aikelijfc, dat men lid is van ©en plaatselij'k© afdeeling, om' werk te kunnen krij'gen, maar 'tis voldoende lid te zijn van een organisatie. Al is het dan ook z.g. verspreid lid. Afgedacht van d© kwestie van toelaatbaarheid om lid t© zijn van. ©en R. K. of teutrale organisatie, is dit toch m.i. bijna nimmer noodzakelijk en kan bij! huisbezoek e.d. altijd geadviseend worden lid te woriden vajn' een 'Chr. organisati©, zij bet dan ook verspreid lid. Ik geloof, dat voor all© vakken in ons land ©en Chr. organisatie bestaat. Gewenscht is dat onze ouderling^i daarmee bekend zijn. 't Is amjders gemakkelijk bi| bet N. , 0. .y« daarnaar te informeeren."

Voorzoover ik kan oojrdeeien, heeft ojnize brojeder gelijk.

Ook ik ben van meening, dalt aansluiting bij een R. K-of neutrale valkvereeniging nimmjer no'odzakelijk is; , maai' ik wil prof. Grosheide gaarn© gelegenheid geven zij|n standpunt nader te verdedigen. Hij zal wel zeer bij'^ondere uitzondeiingsL gevallen bedoeld hebben.

En hiermee neem ik van het rapport afsdieid. Van harte hoop ik dat deze synodale uitspraak veel mag uitwerben.

God geve onze Kerken baar sociale roeping te verstaan.

Welke is die roeping?

Prof. Dr W. Geesink om& ohr^j'ft deze taak aldus: „Haar roeping is, als eens Abigail, in de woestij'n van Maon, tusscben Nabal en David bemiddelend op te treden, verzoenend te werken, uitbarstingen van hartstocht te voorkomen tusscben naar gond hongerende en daarom vrekkige bezitters, en naar brood hongerend© en daarom in wUde woede ontstoken protetari, ërs. (1 Samuel 25). Haar roeping is, èn den ondernemer èn den werkman te wij'zen op zijn plichten.

Haar roeping is, t© weeriegês: ! d? valscbe leer; ook de valseh© leer van Communism© en Socialisme op het stuk vajn den eigendom; opdat har© kinderen ni©t worden omigevoeitf." (^)

K. D.

P. S. Tot mij'n leedwezen komen in het vorige artikel enkele drukfouteli voor, clie de lezers zeil wel verbeterd zullen hebbeh. Wegens ver.scl)illende omstandighedea kwam mijn oopy te laat ter 'drukkerij', zoo'dat de correctie 'niet door mijzelf ko'n geschieden.

D.


1) pag. 168.

2) Van 's Heeren Ordinantiën II. pag. 301.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 15 april 1921

De Reformatie | 8 Pagina's

Een Synodale uitspraak.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 15 april 1921

De Reformatie | 8 Pagina's