GeheugenvandeVU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van GeheugenvandeVU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van GeheugenvandeVU.

Bekijk het origineel

L. E.,Anna Maria de Sandra.

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

L. E.,Anna Maria de Sandra.

9 minuten leestijd

Vele malen reeds zijn in deze rubriek aan de orde geweest do boeken van de Schrijfsters L. E. en Ignatia Lubeley, de gezusters Engelberts.

Telkens als een nieuw boek van een van beiden verscheen (nog onlangs naar aanleiding van Ignatia Lubeley's „In de Provincie") hebben we gewezen op de geheel eigen plaats, die deze historische romans in onze moderne literatuur innemen ; geheel eigen om hun inhoud, die altijd berust op brieven en documenten, om hun vorm, die do fijnheid heeft van oude gobelins, om hnn sfeer, die immer precies past bij de menschen. én hun omgeving.

Als we dan in dit artikel weer te behandelen hebben een uitgave van dit genre, mogen we een inleidende beschouwing overbodig achten en kunnen we aanstonds overgaan tot de bespreking van het boek zelf. Ditmaal is het van de hand van L. E., die het, naar de hoofdfiguur, den titel gaf „Anna Maria de Sandra". ^)

De tijd, waarheen deze biografie ons leidt, is die van het einde der 17e en het begin der 18e eetnv, de tijd, dat zich het eerste verval gaat vertoonen in het regime der zelfgenoegzame regenten. Ze zijn er nog wel, de echte vertegenwoordigers van die alvermogende koopman-koningen, maar het onaantastbare van hun gezag is weg, bij de geregeerde burgerij maar ook bij de in strikte gehoorzaamheid kJein gehouden kinderen.

Vroegei'; in den, „echten" tijd, werd alles voor en over deze laatsten beslist, het geringste en het belangrijkste. Het kleed dat moest worden gedragen en het zangst.uk dat bij gelegenheid van visite zou worden gezongen — en de jongeman of jangevrouw, die de trouwbelofte van dochter of zoon zou ontvangen, ze werden door de ouders gekozen. En dit geschiedde, wat het laatstgenoemde betreft, volgens een heel stelsel van politieke en financiëele berekeningen, waarvan de „slachtoffers" niets wisten, ook niets behoorden te weten. 'tEenige wat ze te doen hadden was: gehoorzamen.

Die verhouding nu bag'nt in dsn tijd, waarover dit boek handelt, tot het verleden te behooren. Do kinderen worden „opstandig"; ze gaan gehoor geven aan de stem van het eigen hart en durven denken aan rechten, ja zelfs, ze wagen het don wil der •gezaghebbers openiijk te weer.itaan. Daar is moed toe noodig, fierheid, zelfvertrouwen, en het leven van een, die dezen zel.'gekozen weg gaat met opoffering van alle voorrechten van patriciërskind, 169 is moeilijk en zwaar, is een lijden, waarvan de geëmancipeerde mensch van dezen tijd geen begrip heeft.

Dat nu is het, wat in dit verhaal geteekend wordt, met do fijnheid, die voor het werk van deze Schrijfster karakteristiek is, maar ook met het diep-indringende van zuiver analytisch vermogen.

Anna Maria de Sandra is de dochter van den rijken, machtigen ritmeester Hendrick de Sandra, van origine koopman, maar hooger-op gekomen door zijn huwelijk met de dochter van Johan Francoys Tortarolis, den door woekerwinst vermogend geworden Italiaan. Met het geld van Mevrouw de Sandra is ook de eerzucht in de familie gekomen. De kinderen, twee dochters en een zoon, zullen rijke huwelijken moeten doen en het fortuin, de naam en de macht van den grootgeworden de Sandra zijn waarborgen, dat dit zal gelukken.

Daarom kan er ook niets komen van een huwelijk van Anna Maria, de oudste dochter, met den jongen man, voor wien ze genegenheid schijnt te gevoelen, Sybrand van Jorritsma, kornet bij de compagnie van haar vader. Hij is wel een zoon van goeden, Frieschen huize, maar arm en in geen geval een door de ouders begeerde partij. Ze zorgen dan ook, dat aan de geregelde ontnioetingen der jongelieden een einde komt, door het familie-huis ter Meer te Maarssen te betrekken. Maar Anna Marie, die een sterke wil en een sterke liefde heeft, laat zich niet afschrikken. Ze ontmoet Sybrand geregeld te Amsterdam, waar zijbij een tante logeert, en weet hem te bewegen, samen met haar naar Friesland te trekken, om zoo de ouders tot toestemming in een huwelijk te dwingen.

Begrijpelijker wijs veroorzaakt deze geruchtmakende daad heel wat consternaae. De Friesche familie, die door Sybrand van zijn komst verwittigd is, wil zich met deze aangelegenheid niet bemoeien en de ouders de Stmdra zijn bitter gegriefd. En voor de jongelieden, die verwacht hadden zich de begeerde vrijheid te veroveren, is de afloop van hun spontane daad een groote teleurstelling. Zoo komt het, dat een schikking ten slot'e voor alle partijen de beste oplossing is: ue Sandra kent zijn dochter een (betrekkelijk gelding) jaargeld toe, met de uitdrukkelijke stipulatie, dat ze verder niets meer te wachten heeft, en dan wordt langs den gewonen, wettelijken weg het huwelijk voltrokken.

Kort na de geboorte van een zoontje wordt Sybrand ziek. In een der donkere kamers van het groote huis kwijnt hij weg en nauwelijks een jaar na het huwelijk, wordt hij in de kerk te Maarssen begraven. Anna Maria, de jonge weduwe met haar niet geteld kind, blijft vereenzaamd achter. Spoedig echter sterft ook haar zoontje en dan is ze weer vrij. Het leven herneemt zijn rechten, haar jonge hart, nog niet tot rust gekomen, begeert de vrijheid van het eigen bestaan en, ais dan "Isaac van der Tocht, aanzienlijk patricierszoon uit Gouda, haar hand komt vragen, is dat voor allen een uitkomst. Zij trouwt ten tweede male en trekt naar Den Haag.

Daar Ileurt ze geheel op: dame van stand, geacht ais de vrouw van een aanzienlijk man, die een goede carrière voor zich heeft, onafhankelijk van haar ouders, die van de eigenwillige dochter vervreemd zijn, en vooral, door haar man, 'n stillen studiosus, niet belemmerd in haar onuitroeibaren levenslust.

Maar na enkele jaren sterft ook deze tweede echtgenoot, en andermaal blijft Anna Maria als weduwe achter. Ze blijft wonen in Den Haag, omdat ze niet weer zich stellen wil onder het strenge toezicht van haar ouders en weldra, als de eerste zware rouwtijd voorbij is, keert de lach terug in haar stralende oogen. Ze blijft wel de nagedachtenis van Isaac eeren, m? ar kan niet heel haar leven den weduwrouw om hem dragen. Het leven trekt weer en h, aar levenslust bloeit op. En in het najaar van 1677, ze is dan net 30 jaar, verlooft ze zich met Andries van Sasburgl., capitain bij het voetvolk. Veel fo''tuin heeft hij niet, zijn post staat wankel, gezien de vredesneigingen der Republiek; ze risqueert dus veel als ze de rustige en zekere positie van weduwe van der Tocht opgeeft en men waarschuwt haar. Maar zij heeft gekozen en trouwt.

Nauwelijks is dat derde huwelijk feit geworden, of - A.ndries keort van het veldleger terug: de vrede is geteekend en hij is ontslagen. Dan begint een tijd van kommer, te zwaarder, omdat hij er heel luchtig onder is en vertrouvïrt, dat de • rijke de Sandra zijn dochter niet in zorgen laten zal. Zelfs drijft hij door, dat ze naar Maarssen gaan wonen. Daar heeft zijn schoonvader bezittingen, daar kan M] allicht eenigen, geleenden, staat voeren en het is er prettig en gezond!

Zoo komt Anna Maria terug op de plaats, waar haar eerste jeugd begraven hgt. Het huis ter Meer, bij den inval der Franschen in 1672 geplunderd en verbrand, is een ruïne, alles is er somber en naargeestig. Maar ze vermant zich: ze heeft zelf dit huwelijk gewild, zal nu zelf ook de consequenties dragen. Evenwel, die consequenties zijn zwaar. Haar laatste bezit, de kleine erfenis van Sybe, met den dood van het kindje aan haar gekomen, is al niet veel meer waard en Andries doet alle moeite om het in handen te krijgen;

Andries, aangetast door de koorts, ligt vele maanden zwaar ziek en hulp is niet té krijgen — haar leven is ellendig geworden. En dan komt er nog bi), dat ze. verzwakt, uitgeput, physiek gebroken, als de winter daar is, een kleine verwacht, haar ouders, misnoegd over haar onberaden stap, zich geheel onttrekken on de speelschulden van Andries een voortdurende bedreiging zijn.

lobbeiLd, gepijnigd door de gedachte, dat ze haar trouwen Sybe vergeten heeft en haar eigeji begeerte is gevolgd, geschokt door het doodsbericlit vaji haar zuster, die, evenals zij in onmin met haar ouders over haar huwelijk, in kommervolle omstandigheden gestorven is, gaat ze degebeurteni.s tegemoet —-die haar het leven kost. Met haar dochtertje, dat slechts enkele uren heelt geleefd, wordt ze begraven onder de zerk, die Sybe Jorritsma's naam draagtJ

Zoo is Anna Mü.ria de Sandra, , , de opstandige", de tragische geworden, een lijdensfiguur, wier eigenmachtige daden telkens door het leven op smartelijke wijze zijn achterhaald. En ofschoon ze met vasten wil alle teleurstellingen moedig trachtte te dragen, is ze, nog geen 34 jaar oud, door het leed gebroken! Ze had gemeend, haar geluk te mogen , grijpen, waar het haar dreigde te ontgaan; ze had geloofd in haar recht te staan, haar recht op persoonlijke vrijheid en eigen levensbestemming, toen ze handelde naar de ingeving van haar hart. En .door de diepe wegen der smart heen heeft ze moeten leeren, dat ze tóch verkeerd had gedaan, dat het volgen van eigen wegen uitloopt op jammerlijk verlies.

Met groote soberheid wordt dit le/ensbeeld geteekend. maar juist daardoor is het boek van zoo diep-indringende kracht. Het is een getuigenis der historie, dat als een waarschuwing wordt gesteld tegenover het drijven van dezen tijd. De moderne romanliteratuur is van een gebeuren, als hier wordt beschreven, vol, maar dan in een gloedvol pleiten vóór het zelfbesteimningsrecht en een suggestieve verlokking om te grijpen daar, waar het geluk schijnt te liggen. Hier komt de historie, die over dit roekeloos drijven vonnis strijkt en doet zien, wat het einde is van al den schoon en schijn.

Een slotgedeelte richt de aandacht van den lezer nog eens op de ouders. Ook aan hun zijde was schuld: hun hoogheid, hun eerzucht, het egocentrische van hun denken, had hen koel-verstandelijk gemaakt en blind voor de verlangens van hun kinderen. Maar ook zij hebben zwaar geboet: want hun beide dochters hebben zich losgemaakt van liujr plannen en zijn van hen vervreemd, en htm eenige zoon, de glorie, al de verwachting van den trotschen vader en de hoop der hoog-begeerende moeder, is een schuldenmaker geworden en jong gestorven. Eenzaam zijn de ouders achtergebleven, oud en teleurgesteld. en als de moeder van verdriet sterft, is Hendrik de Sandra alleen over, om de ruïne van zijn grootheid te zien.

Ook dit slotgedeelte is een getuigenis, andermaal een waarschuwing der historie en het is de waarde van dit boek, dat het de historie spreken laat in een quaestie, die tot de belangrijke vragen van dezen tijd behoort: de verhouding van ouders en kinderen.


1) üitg, N. V. Ruys' Uitg.-Mtj, Zeist.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 maart 1929

De Reformatie | 8 Pagina's

L. E.,Anna Maria de Sandra.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 maart 1929

De Reformatie | 8 Pagina's