GeheugenvandeVU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van GeheugenvandeVU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van GeheugenvandeVU.

Bekijk het origineel

Indrukken van den dag.

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Indrukken van den dag.

5 minuten leestijd

Princeton, 3 April 1930.

Vooral om twee redenen werd door de Generale Synode van de Presbyteriaansche kerk aan Princeton de voorkeur gegeven.

Allereerst omdat het seminarie zich dan in de nabijheid zou bevinden van het „College" van New Jersey, dat sinds dien tot universiteit uitgroeide. De theologische studenten konden daardoor gebruik maken van de universiteits-bibliotheek, verschillende colleges daar bijwonen en van nog andere voordeelen, welke een universiteit biedt, genieten. Op die wijze trachtte men den band tusschen de theologie en de andere wetenschappen te bewaren. Of zulk een losse samenhang tusschen seminaiie en universiteit profijtelijk is gebleken, wil ik hier niet uitvoerig beantwoorden. Had de universiteit op denzeltden grondslag gestaan als het seminarie, zij zou voorzeker niet geheel modern zijn geworden, gelijk thans helaas het geval is.

Als tweede overweging gold, dat Princeton gelegen is tusschen twee belangrijke kultuurcentra, New York en Philadelphia, beide gemakkelijk te bereiken en toch van beide ver genoeg verwijderd, om de studenten te vrijwaren tegen afleidende invloeden. In dit denkbeeld, dat bijna héél Amerika door wordt gehuldigd, schuilt veel aantrekkelijks. De studenten maken op die manier kennis met het groote-stads-leven met zijn grootsche techniek, opeenhooping van kimstschatten, roemrijke historie, machtige problemen, hoffelijke vormen — wat lederen dienaar des Woords en in het bijzonder hun, die later in een groote stad moeten arbeiden ten goede komt — maar worden daardoor niet afgetrokken van hun studie. Het is een ideaal, dat ook mij' wel bekoort. Stel, dat onze Vrije Universiteit eens verhuisde naar Bussum of omgeving, ik geloof, dat daarvan prachtige resultaten zouden worden gezien. Natuurlijk zouden de klinieken wel in Amsterdam gevestigd moeten blijven. Maar ook nu staat de Valeriuskliniek ver van het eigenlijke universiteitsgebouw af. Een onoverkomenlijk bezwaar zou dit niet opleveren.

Het seminarie te Princeton is ook in het b'ezit van een mooie bibliotheek, ondergebracht in twee aangrenzende gebouwen, die in architektuur wel wat tegen elkander afsteken. Daar vindt men enkele zeldzame handschriften en boeken, o.a. een eerste uitgave van Calvijns Institutie. Ook de Gereformeerde theologie is er rijk vertegenwoordigd. Daarenboven heeft ze tal van werken, die van ajg®' meene kultureele waarde zijn.

En als ik dan mijn gedachten laat gaan naar de bovenverdieping, waar de bibliotheek van onze Vrije gehuisvest is en de, ook na verbetering, nog altijd gebrekkige inrichting, word ik wel wat jaloersch.

's Middags was ik in de gelegenheid nog een andere bibliotheek te bezichtigen en wel die van het seminarie te New Brunswick, dat uitgaat van de Gereformeerde Kerk in Noord-Amerika. De Gereformeerde Kerk heeft twee theologische scholen, één hier en één in Holland, Michigan. Aan de dringende uitnoodiging om ook daar een'Engelsche lezing te houden gaf ik gaarne gevolg. Van de hoogte van het bibliotheekgebouw heeft men een ruim uitzicht over de complexen van het Rutgers College, het oudste in Amerika. Ik verbleef er tekort om er meer dan vluchtige indrukken van mee te nemen. Was prof. Blackwood van Princeton zoo vriendelijk geweest mij in zijn auto hierheen te brengen en genoot ik van zijn aangename konversatie, prof. Hofman van New Brunswick' bracht mij op dezelfde wijze naar Princeton terug, waar ik de vierde van mijn Stone-Lectures moest houden. Ik was verwonderd over het goede Nederlandsch, dat prof. Hofman sprak, ofschoon hij geboren Amerikaan is. Zulke verrassingen doen mijn vaderlandsch hart altijd goed.

Princeton, 4 April 1930.

's Morgens woonde ik den dienst in de „chapel" bij.

Zulk een dienst is er voor studenten en professoren van het seminarie eiken morgen, behalve 's Maandags, omdat dan vele studenten van hun preekreizen nog niet terug zijn. Hij duurt slechts tien minuten en toch zet hij een stempel op dien dagelijkschen arbeid. Ds Paul Martin, de secretaris van de fakulteit en die mij — dit in het voorbijgaan — op allerlei wijze voorkomend tegemoet is getreden, ging daarin voor. Gemeenschappelijk gezang en .schriftlezing geven een wijding, welke bij ons vaak ontbreekt. Ook aan andere seminaria, zoo niet aan alle, wordt deze gewoonte gevolgd. En weer gingen mijn gedachten naar de Vrije. Als die eens een aula faezat rnet een mooi orgel, hoe gaarne zou ik dan het pleit voeren om zulk een morgendienst, waaraan de studenten van alle fakulteiten en de professoren, voorzoover ze aanwezig zijn, deelnamen, in te stellen.

I Vandaag hield ik mijn laatste Stone-lezing.

; De studenten hadden mij verzocht, eenige vragen te willen beantwoorden. Natuurlijk wees ik dit verzoek niet van de hand. Vooral meende ik een breed antwoord te moeten geven op vragen aangaande de apologetiek en de theologie van Karl Barth. Ik heb den indruk gekregen, dat Barth in Amerika niet veel aanhangers telt, indien ze er al gevonden worden. Telkens verneemt men de klacht, dat men hem niet begrijpt. Ik denk ook niet, dat het Barthianisme in Amerika ooit wortel zal schieten. De Amerikaan voelt van huis uit niets voor het paradoxale. De dialektische methode, welke Barth volgt, zal hier immer wel een sta-in-den-weg blijken, en niet alleen hier, maar overal, waar men gaarne verstaat, wat men leest. Deze dialektische methode kan door den één zus^ door een ander zóó worden toegepast. Zij voert tot de hoogste willekeur. Men weet wel, waar iemand "hegint, maar nooit, waar hij uitkomt. Pessimistische geesten mogen zich liefst met raadselen, onbegrijpelijkheden, orngekeerde waarheden voeden, voor den qptimistischen Amerikaan is dit geen kost. Aan lust tot onderzoek ontbreekt het hem niet, aan fantasie evenmin, maar hij is te zeer „dry", te nuchter, om zulke vruchten van theologische dekadentie te kunnen genieten.

Inmiddels was het laat geworden.

HEPP.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 25 juli 1930

De Reformatie | 4 Pagina's

Indrukken van den dag.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 25 juli 1930

De Reformatie | 4 Pagina's