GeheugenvandeVU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van GeheugenvandeVU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van GeheugenvandeVU.

Bekijk het origineel

Persstemmen.

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Persstemmen.

6 minuten leestijd

Zweiuei.

Vertelden we in een andere rubriek onlangs het een en ander over Prof. Dr S. Zwemer, „Onze Toekomst" geeft interessante bijzonderheden over deze merkwaardige persoonlijkheid. Wij willen ze onzen lezers niet onthouden.

Onder ons Gereformeerd volk, onder onze landgenooten, onder de vrienden van Zending en scholen heeft de naam Zwemer een goeden klank. Nooit zal wel buiten de pastorie en zelfs niet van de meesten, die daar binnen woonden het benijdenswaardig geheim bekend worden van die dorpspastorie, van waar uit de zalige dominee A. Zwemer en zijne gade een vijftal kinderen in Gods koninkrijk uitzonden met 'n buitengewoon gezegende zending. Ze groeiden op als lustige knapen en als 't temet wat te hevig liep, riep de verstandige vader uit het venster van zijn kamer: „Jongens, appel rapen". Dat deden ze dan en een hunner rLoem.de het later „de overheerschende kracht eener nieuwe bezieling". Wat geest toch dreef ' hen aan, dat deze zendelingen werden: James, Frederick, Pieter, Samuel, Nelly? James onvermoeid in zijn geheel eigenaardigen arbeid om kerk en scholen te bouwen, de man, die het geloof had en den moed om duizenden te verzamelen voor de belangen van hooger onderwijs en daarin met bovennatuurlijke inspanning ten einde toe volhardde als hem ook letterlijk maar de helft van zichzelven was overgebleven. Frederick, die zich met vroolijke toewijding den eerenaam gaf en verwierf om Gods jachthond, canis domini, te heeten over de prairies van Dakota, om in het midden zijner jaren den strijd te eindigen. Pieter, die voor een troepje slavenjongens zich opofferde en de Abel werd der Arabische zending, vanwaar hij stervende zichzelven naar Amerika terugsleepte, om eindelijk door een Katholieken broeder-priester liefderijk in een Luthersch hospitaal te worden bezorgd. Nelly, een Christelijke onderwijzeres, voor veertig of vijftig jaar van eigen volk en verre heidenen. En dan staat daar van al die zonen Samuel, kind van verhoord gebed en bijzonder van jongsaf gewijd. We noemen hem zonder geforceerde lofspraak gemakkelijk den Grooten Zwemer. In hem zijn wel al de edele eigenschappen van zijn geslacht het krachtigst openbaar geworden. We zouden wel kunnen zeggen, dat die broeders hem een bijzonder erfdeel hebben nagelaten, opdat hij de Zwemer-taak, zoovele jaren na hun heengaan, zoude voortzetten.

Samuel Zwemer kwam en sprak en overwon weer in Sioux County en andere oorden. Voor ons persoonlijk was het dertig jaar sedert wij voor 'teerst en tot ditmaal voor het laatst zijn bezielend woord hoorden. Hij was jong en wij nog jonger. Het mag toen meestens zijne tweede terugkeer geweest zijn uit toen vooral zoo letterlijk Arabia Deserta. Voor ons, voor duizenden, was het eene gebeurtenis om Zendel. Zwemer te hooren. Zijne soepele gestalte vol veerkracht, zijn schitterende geest en Zwemer's welsprekendheid, zijne toewijding aan dat werk grepen de scharen. Dat • was de „dag zijner heirkracht", zooals hij daar verscheen in zijn „dageraad en de dauw zijner jeugd". Zooals Zwemer toen sprak spreekt hij nu nimmer meer. De eenzaamheid der woestijn en de nabijheid Gods was op hem gevallen. Hij was, als eens een Paulus, henen gegaan naar Arable. Elk mensch met eene jonge zending denkt met dankbaarheid terug naar die onvergetelijke jaren, toen hij steeds zichzelven overtrof.

Want Zwemer moest meer worden dan een jonge enthousiast, die als een Peter de Hermiet, meesleepte tot een beteren kruistocht tegen de Halve Maan naar Arable. In die dagen stonden jongelingen op, die hem gevolgd zijn, volgen moesten. Zwemer moest een staatsman worden in die onmetelijke onbegrepen wereld van den Islam. Hij moest schrijven met autoriteit, tot dat zijn werk stond in de bibliotheken van Universiteiten, waar men meer wilde weten van Arable en de Mahomedanen in „die wieg van Islam" gebakerd en verspreid over heel Afrika en heel Azië. Zwemer moest een vraagbaak en een raadsman worden. En

dat kon hij; dat wilde hij wel, want hij was een Zwemer. Zij lieten zich door den Geest verplaatsen naar drang van arbeid en omstandigheid, totdat ze de eigenschap verwierven van eene zekere alomtegenwoordigheid. De ubiquiteit der Zwemers werd aangename spreekwijze onder ons volk. Men was niet zeker of Frederick op een Zondag met zijn „ponies" in Zuid-Dakota zoude wezen of in Noord-Dakota. Als studenten aan de oude Academie wai'en wij niet zeker of Prof. James F. den volgenden morgen in de Engelsche geschiedenis zoude zijn of in New-York. Het was de geest van „Wandei'lust" en avontuur, die hun in het bloed zat en die in die mannen merkwaardig geheiligd werd. In menig rustloos hart heeft de Heilige Geest beslist of die mensch een vagebond of een zendeling zovide wezen.

En zoo hebben ook wij na vele jaren nog eens weder de maat genomen van Dr Samuel M. Zwemer. Onze bewondering werd vernieuwd. Hij wilde ons nog even in het voorbijgaan wijs maken, dat een traktaatje zoo goed kon zeggen als hijzelf wat hij bedoelde. Onmogelijk! Ge moet Zwemer zien en hooren en dan neemt. hij u mee, al vreest gij ook, dat hij uw geld hebben wil voor het Koninkrijk naar Arabië, Egypte en de wereld om. Hij speelt met de aarde als een knaap met zijn bal. En in ernst en fijnsten humor verliest hij nooit zijn doel, zijn machtig levensdoel in 't heilig spel. Die Zwemer hoort, ziet nooit naar de klok. In geheel onze Amerikaansche kerkelijke wereld, waar het over Mahomedaansche zending gaat, daar wordt Zwemer genoemd; daar wordt hij geroepen. En Zwemer komt al moeten ze hem soms „uit Egypte" roepen, met de bereidwilligheid van een held, die „op den weg uit de beek drinkt".

En nu is hij in Princeton. Een zijner vurige bewonderaai's vroeg of hij het daar uithouden zal. Zijne orthodoxie wordt zelfs ook daar niet aan de kleederen zelf gezengd. Dat bedoelde de vriend ook niet. Kan Zwemer zich daar rustig nederzetten? Hij moest mogelijk eerst nog wat ouder worden. We zullen met belangstelling wachten hoe de Geest des Heeren dezen „Simson" verder drijft „in het leger van Dan".

Van het gezegend kroost, dat uit den geboren dichter Ds A. Zwemer voortkwam zijn er als we wel hebben, nog deze zoon en zijn twee zusters overig. Van deze twee werd ook het best van haar opofferend leven gegeven aan zending en onderwijs. En haar houden wij in dankbare gedachtenis als onze eerste meesteresse in hoogere studie. We meenen dat vast, dat wc de tolk van duizenden zijn in deze nog ten deele tijdige waardeering van het groote, goede werk der „Zwemers". We komen wel eens laat met onze bloemen.

„Onze Toekomst" nam dit over uit „De Volksvriend".

HEPP.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 12 september 1930

De Reformatie | 6 Pagina's

Persstemmen.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 12 september 1930

De Reformatie | 6 Pagina's

PDF Bekijken