GeheugenvandeVU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van GeheugenvandeVU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van GeheugenvandeVU.

Bekijk het origineel

„Geef bevel aan uw huis”

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

„Geef bevel aan uw huis”

7 minuten leestijd

In die dagen werd Hizkia krank tot stervens toe; en de profeet Jesaja, de zoon van Amoz, kwam tot hem, en zeide tot hem: oo zegt de Heere : Geef bevel aan uw huis, want gij zult sterven en niet leven. (2 Kon. 20 : 1)

Jesaja's last aan Hizkia, dat de ure voor hem gekomen was, om zijn testament te maken, was een _ bevel dat van God uitging. Er staat toch, dat Jesaja aldus tot den Koning sprak: ^., Z7ö zegt de. Heere: »Geef bevel aan uw buis". ïHet is van Jesaja's kant niet een herinnering, het is niet een raad dien hij geeft, niet een aandrang dien hij uitoefent, maar een Goddelijke lastgeving die hij aan den Vorst overbrengt. Hizkia gaat sterven, en daarom is de ure om zijn testament te maken voor hem gekomen. Soms wordt dit verzuimd, maar hier vooral mocht 't niet verzuimd worden, en daarom is 't een profetische last, waaraan de Koning te gehoorzamen heeft.

Toch niet als iets buitengewoons. Dan toch zou er bij hebben gestaan, wat hij in zijn testament had neer te schrijven. Maar hiervan staat niets. Er staat als van iets zeer bekends en zeer gewoons, dat hij aan zijn huis bevel heeft te geven, en dat dit nu haast heeft, want dat hij sterven zal binnen ettelijke dagen.

Spreekt men nu tegenwoordig van testament, dan wordt hieronder in den regel niet anders verstaan, dan een beschikking over zijn geldelijke nalatenschap. Als een zeer rijk en vermogend man komt te sterven, is heel het publiek nieuwsgierig, om hoe eer hoe beter te weten welke legaten hij gemaakt heeft, en waar zijn schat van geld zal heenvloeiei; . Sterft er daarentegen een stille - i' veiyeuasi in den lande, die nauwelijks had om van te leven, dan hecht niemand er aan of hij een testament naliet, en wordt er ook gemeenlijk in zijn boedelken niets dat naar een testament ook maar zweemt, gevonden. Tijdens 't leven gaat 't al steeds meer enkel om 't geld, en zoover zijn we zedelijk gedaald, dat er ook bij de lijkbaar aan schier niets anders dan aan nu vrijkomend fortuin gedacht wordt. Neefjens en nichtjens aasden er op, zoo er geen eigen kinderen zijn, en zelfs waar wat overbleef aan de eigen kinderen gaat, is 't soms pijnlijk waar te nemen, hoe veelmeer winste aan goed en geld, dan 't verlies aan bloedsHefde weegt.

Dit is de wrange vrucht van den te sterk materialistischen kant van ons huidig samenleven.

Naar den nu heerschenden toon zou men nooit en nimmer van een Oud of Nieuw Testament gesproken - hebben. Als het bij het heilig Avondmaal telkens weer heet: »Want dit is mijn bloed, het bloed des nieaiven Testaments^., is dit ook maar al te veel onverstaanbare taal geworden.

Juist daaraan gevoelt ge dan ook, in wat heel andere wereld van gedachten we allengs zijn overgegaan. Een testament oudtijds was^ zoo heel iets anders dan een testament nu. Thans is bij het testament de notaris de man, wijl men bij een testament bijna niet anders dan van geld weet. En eigenlijk kan in heel wat gevallen heel dit testament wel wegblijven. Althans zoo er kinderen zijn. Als er iema: nd met veel vermogen zonder kinderen sterft, dan is men nieuwsgierig naar de legaten, maar als er kinderen in leven zijn, heeft de Overheid feitelijk het maken van een testament overgenomen. De wet bepaalt de kinderportie, en wat er dan overblijven kan, laat men dan gemeenlijk in de kindererfenis, en daarmee loopt 't testament af. In de heilige Schrift daarentegen is de beteekenis van het Testament zoo heel anders. enk maar aan Jacob op zijn sterfbed, denk aan de beduidenis van oud-en nieuw Testament, denk aan 't bloed des nieuwen Testaments, en denk ook aan Jesaia's last, dat Hizkia bevel moet geven aan zijn huis.

Thans, en naar de wet, is 't als iemand sterft, met hem uit. Zelfs over zijn vermogen heeft hij bijna geen zeggenschap meer. De overledene wordt nu uit zijn nalatenschap met zekere eere begraven. En voorts wordt niet meer met hem gerekend. Dat is ons valsche individualisme. Al te gader personen, individuen op zich zelf, met zoo lang ze leven zekeren eigendom. Maar vroeg of laat is het uit met hen. Dan vallen ze weg, ën rekenen niet meer mede. En straks is het of ze er nimmer waren geweest.

Naar luid der Schrift daarentegen leven we niet als individuen, maar in geslachtsverband. Groepsgewijs vormen we een gezin, een familie, een geslacht, een volk. Er rust op ons allen saam in den loop der eeuwen een gemeenschappelijke taak. Ze ontvingen saam de roeping hun van God opgelegd. De vader leeft in de kinderen, de overgrootvader in de achterkleinkinderen voort. De geest die in 't geslacht door God verwekt is, leeft in de natuurlijn voort en verder. Vooral de ouden in jaren worden zich van die taak en van die roeping steeds klaarder bewust. Het is geen eigen verzinning die van geslacht tot geslacht zich voortplant, maar een voortgaande geestelijke werking die van de ouderen op de jongeren overgaat, en die onder Gods leiding alzoo in het geslacht opkwam. Vooral bij het naderen van den dood voelen de ouden van dagen dan, hoe ze van hun volbrachte taak voor God rekenschap zullen geven, en hoe 't God alleen is die ook in hun kinderen en kindskinderen de aangewezen taak kan vastzetten. Nog hecht men er in vrome gezinnen aan, dat een vader stervende zijn kinderen zegent. En eerst als zoo 't leven zelf van geslacht op geslacht overgaat, is er een testament in hooger en heiliger zin. Herlees Calvijn's testament maar. Geld liet hij niet na, maar leven niet tienduizenden, ook in ons land, nog altoos uit zijn geest?

Doch dan moet er vanzelf acftter het sterven ook een leven van beteekenis liggen, en juist dit nu wordt door de meesten niet gevoeld. Zeker, er zijn toongevende geesten, wier namen de historie boekt, en wier uitgaand woord tientallen van jaren éen levend testament was, en zulk een leven is uiteraard slechts aan enkelen beschoren. In de wereldhistorie gaat de naam der tienduizenden verloren, en zijn 't slechts zeer enkele namen die onuitwischbaar in het graniet worden gegrift.

Maar beeld u daarom toch nooit in, dat het leven dier tienduizenden geen doel had te kiezen. De heilige sluier van het voorhangsel was uit tienduizend draden saamgeweven, elk nauwlijks waarneembaar, en toch saam den plechtigen voorhang vormend. En zoo ook is 't in ons menschelijk leven. Uit duizend en nogmaals duizend ragfijne dradekens is dit leven saamgeweven, maar hoe schier onwaarneembaar nietig ook, elke draad heeft beteekenis. En zoo ook is 't met uw leven. Hoe vergeten van de wereld ook, ook gij hebt als Gods creatuur een levensroeping. In kleinen kring, 't zij zoo, maar heilig niettemin van God u opgelegd. Wat heeft een eenvoudige kinderdienstbode niet soms rijke vrucht van haar stille opvoeding mogen zien. En zoo is 't alom en allerwegen. Een ieder heeft niet althans voor vijf levende personen te doen. In dien kleinen kring draagt hij hiervoor veratitwoording, en in dien kleinen kring heeft hij'een taak van Godswege te vervullen, een taak die hem overleven zal.

Vervult ge nu die taak ? Weeft ge in stilte voort aan den draad, dien God u in handen gaf? Zal er als ge sterft een nieuw eind weefsel aan dien draad overblijven ?

Zoo 't enkel wereldsch was, neen. Doch zoo in het spinsel van uw levensdraad ook het heilige gemengd was, dan had ook uw leven eenige beduidenis. Moge het dan met u zoo zijn !

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 17 januari 1915

De Heraut | 4 Pagina's

„Geef bevel aan uw huis”

Bekijk de hele uitgave van zondag 17 januari 1915

De Heraut | 4 Pagina's

PDF Bekijken