GeheugenvandeVU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van GeheugenvandeVU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van GeheugenvandeVU.

Bekijk het origineel

„De Hongaarsche Heraut”.

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

„De Hongaarsche Heraut”.

6 minuten leestijd

Ik kan gelukkig weer goed nieuws over ons geestelijk pleegkind in Hongarije melden. Het blijft nog wat klein van stuk. Ook

voor den groei van een nieuw tijdschrift zijn de omstandigheden in Hongarije thans natuurlijk niet gunstig. Maar overigens is ons pleegkind gezond en stevig en goed gespierd! Een echte kleine issu de Calvin, die, hoewel nog met kleine stapjes, trouw de voetstappen van zijn grooten HoUandschen peetvader — onze eigen > Heraut" — volgen blijft.

Iedere week zendt de redacteur, Prof. Dr. Sebestyèn ') in Boedapest, mij de > Hongaarsche Heraut". En al ben ik dé Hongaarsche taal niet genoeg machtig, om den geheelen inhoud te kunnen beoordeelen, toch zie ik, dat heel ons HoUandsche Gereformeerde leven in de > Hongaarsche Heraut" nagist. Ons wetenschappelijk, kerkelijk, politiek en sociaal leven, onze mannen en vrouwen van beteekenis, alles krijgt een beurt. En telkens zie ik bekende namen, versierd met de noodige Hongaarsche achtervoegsels (de Hongaar plakt al wat hij over iemand zeggen wil cfchter zijn naam) in de rubrieken, die de Hongaarsche Calvinisten op de hoogte houden van ons Gereformeerde leven en streven in Holland. En meer dan op de hoogte houden alléén. Die vermeldingen hebben óók ten doel, onzen Hongaarschen broeders en zusters in htm ook geestelijk zoo benarde omstandigheden, een hart onder den riem te steken, en er hun gedurig weer op te wijzen tot wat rijken zegen de Gereformeerde beginselen voor land en volk zijn kunnen.

In zijn laatsten brief van 21 Aug. j.l. schrijft mij Prof. Sebestyèn :

»Ik dank u zeer hartelijk voor uwe moeite als secretaresse Comité Hongaarsche Heraut: Het is al een overwacht reuzesom voor ons werk en pers-actie. Ik las ook de laatste verantwoording van den heer Van Marie Jr. in de Heraut. En één naam vond ik bijzonder aardig op de lijst, nl. deze: jenthousiast v. d. Hong. Heraut ƒ 0.7S.C Dat is buitengewoon lief te lezen. Zou . ik weten, wie hij of zij is, zoo zou ik hem of haar beslist schrijven" ....

Prof. Sebestyèn denkt er over, uit dankbaarheid voor wat H'^lland voor zijn Hongaarsche Heraut doet, een speciaal HoUandsch nummer uit te geven, „waar dan al de artikelen en stukjes zijn, die dan met het oog op de HoUandsche publiek zijn gescheven. Dit zou tevens een propaganda-schrift van het Gereformeerde Hongarije in Holland wezen. Wij zouden b.v. kortelijk kunnen beschrijven de theologische banden tusschen Holland en Hongarije sinds de Hervorming; dan iets over de richtingen bij ons; dan over onze tegenwoordige toestanden; over den invloed van den oorlog; bolsjewisme; over de ontvangst van uws vade Stone-lectures over het Calvinisme; enz. enz. Vindt u dit goed? "

Ja, ik vind 't best. En heb dit ook aan Prof. Sebestyèn geschreven. Want ik twijfel er niet aan, of de broeders en zusters, die zoo mildelijk geholpen hebben, om de Hongaarsche Heraut te kunnen doen verschijnen, zullen allen gaarne zulk een Hollandsch nr. van de Hongaarsche Heraut willen bezitten.

Ik mag misschien meteen nog eens herhalen, dat het nemen van een abonnement op de Hongaarsche Heraut tot niets nut, daar de Hongaarsche Heraut in het Hongaarsch verschijnt, en daarom voor wie de taal niet kent, volkomen onbegrijpelijk is. Dit als herhaald antwoord op veler herhaalde aanvragen.

Verder schrijft Prof. Sebestyèn nog: »In het algemeen wil ik ook in mijn Hongaarsche Heraut een zeer eng verband met Nederland en met de Nederlandsche Gereformeerden en met hun geestelijk leven hebben. Nederland is mijn geestelijk Vaderland, zeg ik altijd. Mijn weekblad moet dus ook een klein kanaal zijn, waarlangs de Nederlandsche Christelijke Cultuur en de Gereformeerde Theologie naar Hongarije stroomt. Deze proces duurt al jaarhonderden lang. En ofschoon gij misschien nooit er aan hebt gedacht^), maar het is toch een feit: dat Nederland, behalve Indië, Zuid-Afrika, en Amerika, nog een land heeft en had, die op geestelijk gebied, in velerlei opzichten zijn kolonie was, en die land was en is: Hongarije....

De slappe stilte van ons kerkelijk leven is gestoord door > de »Hongaarsche Heraut" De »modernen" zijn machteloos en zonder leiding, zij kunnen en willen voorloopig niets tegen ons doen. Maar de Piëtisten, > Christian Endeavourers", deN, C. S.V.-ers, al werken tegen mij. Geen wonder. Tot nu toe hebben zij het kerkelijk leven gemonopoliseerd. Niemand wasin de »doode" Hongaarsche Gereformeerde Kerk > levend", alleen diegene, die het stempel van hen ontving. Terwijl zij, als echte réveil-menschen de kerk als kerk hebben geheel verwaarloosd. Het Gereformeerd karakter beteekent bij hen niets, of slechts een algemeenen naam zonder inhoud, omdat zij staan > boven" de confessie's.

De officieele leiders staan in het algemeen tegenover mij vriendelijk, omdat zij hebben «1 ook ingezien, dat de Hongaarsche Gereformeerde Kerk is alleen te redden, indien zij op de oude Gereformeerde lijnen wordt terug gebracht.

...Met goede hoop zie ik den levensloop van mijn blad, want ik voel 't, dat ik met de hulp des Heeren mijn idealen verwezenlijken zal. Een groot hindernis hebben wi van de zware toestanden met de pers. Wij kunnen geen boeken, brochures, enz. uitgeven. Het werk b. v. van Uw Vader: > Het Calvinisme* is al sinds If^ jaar uitverkocht en niemand kan 't nieuw uitgeven, went de onkosten doen ongeveer 23—25000 kronen uit. Kón ik ook maar andere boeken en brochures van Dr. Kuyper en Prof. Bavinck uitgeven, en de Gereformeerde litteratuur in gang zetten! Ik weet zeker, dat de menschen zouden deze werken, na de slappe melkkost van de Piëtisten, let­ terlijk verslinden ...

1)Spreekt uit: Sjebbestjéén.

2) Ja, dat heb ik wel waarlijk 1 Mijn boek over Hongarije is er het bewijs van.

Is er niet iemand, die dit leest, een ryke broeder of zuster, wiens hart en beurs tegelijkertijd opengaan, om de voor den tweeden druk van mijns Vaders»Calvinisme" benoodigde f 300 als gift in eens te zenden? Ik wil gaarne op mij nemen het geld in kronen aan Prof. Sebestyèn te zenden.

Overigens gelieven vriendelijke gevers en geefsters gaven voor de Hongaarsche Heraut bestemd, niet aan mij te zenden, maar aan den penningmeester van het Comité, den beer H, W, van Marie Jr., Vijgendam 2, Amsterdam,

Zoo ontving ik f 2.SO uit Colijnsplaat, en f 141.10 van de Gereformeerde kerken in de Kaap-kolonie, welke beide giften ik aan onzen penningmeester gezonden heb.

Wie dus regelrecht zijne gave aan den heer van Marie zendt, bespaart mij de moeite van het afhalen en weder verder zenden van het geld.

H. S. S, KUYPER,

Secretaresse van het Comité voor

De Hongaarsche Heraut

’s Gravenhage, 20 Sept. 1920.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 3 oktober 1920

De Heraut | 4 Pagina's

„De Hongaarsche Heraut”.

Bekijk de hele uitgave van zondag 3 oktober 1920

De Heraut | 4 Pagina's