GeheugenvandeVU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van GeheugenvandeVU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van GeheugenvandeVU.

Bekijk het origineel

GEESTELIJKE ADVIEZEN.

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

GEESTELIJKE ADVIEZEN.

5 minuten leestijd

Het oorzakelUk verband in het gebeuren.

Onze lezer B. te D. deed me nog twee andere vragen.

De eerste daarvan luidt: Hoe moet ik van Christelijk standpunt oordeelen over de spreuk van Democritus: „Niets-geschiedt bij toeval, doch alles heeft een reden? "

De bedoeling van de vraag zal wel zijn, of wij, christenen, deze stelling van Demoicritus al of niet voetstoots kunnen ondersdhrijVen.

En dan luidt het antwoord „ja" of „neen", al naar ge 't neemt.

In het afgetrokkene, d.w.z. losgemaakt uit het geheel van voorstellingen, waarin ze bij den wijsgeer van Abdera voorkomt, kunnen we haar zonder eenig voorbehoud overnemen.

Op grond van het Woord Gods gelooven en belijden we toch in Zondag 10 van onzen Heidelberger, dat 'God de Heere „alle schepselen alzoo regeert, dat loof en gras, regen en droogte, vruchtbare en onvruchtbare jaren, spijze en drank, gezondheid en krankheid, rijkdom en armoede en alle dingen, niet bij geval, maar van zijn vaderlijke hand ons toekomen". En ook, dat die hand onzes Gods, juist omdat ze een „vaderlijke" hand is, alles wat over ons komt, niet in den blinde beschikt, maar-dat doet m-et een wijsheid, die door gerechtigheid en liefde wordt bestuurd.

Zoo blijft er nergens plaats voor to-eval, en heeft alle gebeuren zijn reden .in den Raad, in de wijseid, de gerechtigheid en d© liefde Gods.

Doch even beslist als we De-mocïitus' woord ondejschrijve-n kunnen, zoo. we het geheel op zichzelf emen, e-ven ernstig moeten we er tegen profesteeen, als we 't nemen in den zin, waarin deze eidensche wijsgeer het bedoelde.

Democritus' wereldbeeld toch was materialistisch-pantheïstisch. Hij dacht zich het heelal als een onmetelijke ruimte, die gevuld was met kwaiteit-lo'oze, onzichtbare en onveranderlijke atomen. eze atomen werden, zoo--dacht hij', in beweging ebracht en gedwongen, zich te verbinden of zich

van-een te scheiden, door de godheid als dé groote wereldziel, die, als zelve niet onstolfelijk, in wezen tot de wereld zélve behoorde. i'^^É

De beweging, die van haar uitging vèfï^pTiiaar vaste wetten. '; §^^^;

Zoo was er liïfeT-n'aar zijn meeniiig, eea onverbrekelijk oorzakelijk verband tusschen het ééne gebeuren en het andere. Alle gebeuren was altoos weer gevolg van een voorafgaand; en de va, stei wet, die alles beheer& 'chte, maakte dat liet noodt anders kon gebeuren dan, het gebeurde.

Dat er naar Democritus' voorstelling geen plaats was voor toeval, en alles zijn reden had, was dus in zijn gedachtenstelsel geen gevolg van het vrjjmachtig en wijs bestel van een iDoven ds wereld oneindig verheven en souverein Opperwezen, , maar van in de schepselen zelve inklevende wetten.

Deze enkele opmerkingen zullen voldoende zijn, om vrager te do€n inzien, dat de „spreuk" van Democritus iets geheel anders bedoelt dan onze belijdenis van de voorzieniglieid Gods.

De tweéÉte'#aag geldt:

Het verband tusschen verstand en wil, tusschen weten en handelen.

Ze luidt: Hoe moet ik van Christelijk standpunt oordeelen over het zeggen van Socrates: „Wie precies weet, kan niet anders dan juist handelen, en wie onredelijk handelt, doet. dit, teng.wolge van onwetendheid". 'ïilSi^^^r

Een volledige beantwoording van dèz~e '^raag zou een breeder uiteenzetting eischen van het Socratische stelsel, dan waarvoor het hier 'de plaats is.

Doch een enkele opmerking kan, naar-ik derde, volstaan om B. te bevredigen.

We bewegen ons, gelijk vrager zelf zal verstaa.n, bij dit woord van Socrates op het gebied der zielkunde. Het geldt de verhouding tusschen het denkend en het willend leven onzer ziel, of, zooals we het kortheidshalve doch minder juist, uitdrukken tusschen verstand en wil. : iisBB0'

Over die verhouding was er in alle tijden: heel wat strijd onder de psychologen.

Sommigen kenden aan het verstand, anderen aan den wil het primaat toe, d.w.z. dat volgens den één de teugels van ons zieleleven liggen in de handen van het verstand, volgens den ander in die van den wil. Volgeais • den één volgde de wil de oppermachtige leiding van het verstand, en volgens den ander werd het verstan-d beheerscht door den" wil.

Socrates nu behoorde tot de eersten. Het verstand dicteert, zoo meende hij, aan den wil wat deze heeft te doen, en dwingt hem to't gehoorzaamheid.

En omdat ons handelen niets anders is dan het omzetten van ons willen in een daad, kwam het er, naar Socrates meende, voor het juist handelen slechts op aan, dat men juist wist en oordeelde; en had, omgekeerd, alle verkeerd handelen zijn oorzaak in een niet juist onderscheiden.

Zonder dat we ons hier nu verdiepen in het — nog altoos actueele — vraagstuk der zielkunde, of het primaat in ons zieleleven toekomt aan ons verstand of aan onzen wil, zal B., na bovenstaande opmerkingen, gemakkelijk het oordeel. van Christelijk standpunt over Socrates' leer kunnen vaststellen, als hij haar legt b.v. naast Rom. 7, en begrepen heeft, hoe de Socratische voorstelling tot ondergrond heeft, de veronderstelling, dat de menschelijke natuur onbedorven is. en dat alle zonde te herleiden valt tot dwaling, en.dan tot dwaling, waaraan in geen enkel opzicht de smet kleeft va.n schuld.

Inderdaad ging Socrates er dan ook van uit, dat het sclioone, ware en goede in den mensch aanwezig is. dat het alleen door onwetendheid in hem schuil gaat, en dat het slechts door onderricht van zijn belemmeringen bevrij'd hoeft te worden, om aan 't licht te komen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 2 juli 1926

De Reformatie | 8 Pagina's

GEESTELIJKE ADVIEZEN.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 2 juli 1926

De Reformatie | 8 Pagina's