GeheugenvandeVU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van GeheugenvandeVU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van GeheugenvandeVU.

Bekijk het origineel

OPVOEDING EN ONDERWIJS

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

OPVOEDING EN ONDERWIJS

4 minuten leestijd

Het tuchtrecht van de school.

Ja, daar moeten we eens met elkaar over praten. Heeft de onderwijzer het recht, ©en weerbarstigen jongen desnoods hardliandig terecht te zetten, of niet? Inderdaad behooren we op dit punt tot klaarheid met elkander te komen. Vooral, omdat men zoo graag klaagt over de toenemende brutaliteit van de schoolgaande jeugd, moet het vaststaan, wie zich geroepen mogen achten, tegen dat kwaad op te treden. We zouden zoo zeggen, ieder is het er mee eens, dat d'e ouders er belang bij hebben, dat de onderwijzer met autoriteit tegen de bengels kan optreden en dat men niet van hem verwacht, dat hij zich bij de brutaliteit van zijn schoolkinderen neerlegt. Volledigheidshalve wil ik er wel onmiddellijk bijvoegen, dat er geen sprake van is, dat de onderwijzer tot mishandeling mag overgaan. Maar dat mag de vader ook niet. En daarom moet het vaststaan dat een klap, op een behoorlijke manier en op een betamelijke plaats toegediend, niet als mishandeling mag worden gebrandmerkt. Wanneer een lichamelijke kastijding wordt toegediend met een kennelijk paedagogisch doel, mag zoo'n behandeling den onderwijzer niet met den strafrechter in aanraking brengen.

Daarom moet onze geheele schoolwereld in verzet komen tegen een vertooning, die onlangs in onze hoofdstad plaats had. Vrijwel de geheele hoogste klas van de openbare school te Zuiderwoude zat daar in de getuigenbanken van de rechtszaal. De kinderen moesten gehoord worden tegen hun meester, die in het bankje der beklaagden zat, omdat hij zich aan mishandeling van een zijner leerlingen zou hebben schuldig gemaakt.

Is hel niet duidelijk, dat het prestige van zoo'n onderwijzer, ook al wordt hij vrijgesproken, een geduchten knak krijgt? En heeft men dan toch zoo weinig begrip van de waarde van kindergetuigenissen? 't Is onbegrijpelijk, dat een rechtbank zulke getuigen oproept.

Gelukkig werd in verschillende bladen op htet weerzinwekkende van zulk een rechtspleging gewezen. „De Tijd" gebruikte dit opschrift: „Hoe de jeugd bedorven wordt; prestige-ondergravend schouwspel in de rechtszaal". Dat is raak getypeerd. Zoo iets beantwoordt beter aan de taak van de pers dan dat men in de krant breed uitmeet over de straatschandalen, door de jeugdige bandieten uitgehaald.

Men moest toch eindelijk eens genoeg krijgen van het aaien en paaien van de jeugdige boefjes. De wet moet ook in dezen den onderwijzer beschermen.

Ook in onze kringen zijn deze dingen reeds meermalen ter sprake geweest. Wij zijn ook niet onbesmet gebleven van de humanistische beschouwing over het schuldelooze kind. Er zijn nog reglementen van scholen, waarin met name aan den onderwijzer de lichamelijke straf wordt verboden, 't Spreekt vanzelf, dat hij dan bij een klacht van de ouders over een klap al gauw aan het kortste eind trekt. Dan heeft hij de geschreven wet tegen.

Neen, wij moeten het in het belang van onze kinderen en van onze onderwijzers anders doen en het aangehaalde geval geeft mij gereede aanleiding daarop nog eens de aandacht van onze schoolbesturen te vestigen. In plaats van een verbod moet in het schoolreglement voorkomen de bepaling, dat de onderwijzer het recht heeft, het kind in geval van verregaande ongehoorzaamheid en brutaliteit ook üchamelijk te straffen. Komt zulk een bepaling in het schoolreglement voor, dan hebben de ouders, die hun kinderen naar zulk een school sturen hun recht in dezen aan den onderwijzer overgedragen. Ze missen dan het recht den onderwijzer aan te klagen te dezer zake. Ook voor den goedwilligen rechter is hier dan een argument voor vrijspraak, wanneer toch ©en aanklacht werd ingediend.

Het zal er toch langzamerhand met onze lieve jeugd allesbehalve gunstig uitzien, wanneer de onderwijzers, op eigen veiligheid bedacht, hun handen maar liever thuis houden, op gevaar af, dat niet alleen de tucht geducht gaat lijden, maar dat ook het onderwijs in de tuchtelooze klas er niet beter op zal worden.

Men kan het niet eens wezen met een vader, die ook nog al wat op de onderwijzers te zeggen had en beweerde, dat de school niets te doen had dan de kinderen wat te leeren, de opvoeding bleef voor zijn rekening. We sturen het heele kind naar de school, met zijn verstand, dat moet ontwikkeld, en ook met zijn verkeerden wil, die moet worden omgebogen.

In den grond zijn heel wat ouders het wel eens met den veldwachter uit Zuiderwoude, die voor da rechtbank verklaarde, dat hij den „meester" niet benijdde, die orde moest houden onder 33 jeugdige dorpelingen, wier ouders volgens dezen kenner van de toestanden daar ook niet al te gemakkelijk waren. Laten ouders en onderwijzers maar samenwerken om het kind in goede tucht te houden. Die tucht is „ten leven".

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 juli 1938

De Reformatie | 8 Pagina's

OPVOEDING EN ONDERWIJS

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 juli 1938

De Reformatie | 8 Pagina's