Vu cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Vu te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Vu.

Bekijk het origineel

De hoogste vrijheid - pagina 20

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

De hoogste vrijheid - pagina 20

Rede, gehouden bij het overdragen van het rectoraat der Vrije Universiteit

2 minuten leestijd

i8

DE HOOGSTE VRIJHEID.

Bij de zoo liefelijk klinkende bewering dat, ieder, dus ook de staat,. eens anders godsdienstige overtuigingen moet dulden, omdat verdraagzaamheid eene deugd is, behoef ik niet lang stil te staan. Want al kon men aannemen, dat verdraagzaamheid afgescheiden van hetgeen men verdraagt eene deugd, eene goede eigenschap is, dan is zij dit toch nimmer bij de overheid. Deze moet, wanneer zij niet gehoorzaamd wordt, haar wil met geweld doorzetten. Haar wezen is dwang. Bovendien omvat verdraagzaamheid ook het dulden van onrecht. Voor de overheid nu is het dulden van elk onrecht, dat zij in staat is te vernietigen, plichtverzaking. Even weinig als de voorgaande, houdt de volgende bewering stand,, dat de staat bij de vraag wat de hoogste waarheid is geen direct belang heeft. Eene leer, een dogma, onverschillig van welken aard, brengt zijne vruchten voort. Godsdienst en zeden, leer en leven staan met elkander in onverbreekbaar verband. Wien dit in strijd schijnt met de dagelijksche ondervinding bedenke, dat vaak, bewust of onbewust, een andere God met de lippen beleden, dan in het binnenste geëerd wordt. Deugd noemt deze, wat gene, die een anderen godsdienst belijdt, ondeugd noemt. Bij den een b.v. zijn het lijdzaamheid en ootmoed, bij den ander ishet juist de hooghartigheid,, die den waren mensch past. Het inzicht in zulke vragen hangt natuurlijk geheel af van het godsdienstig geloof dat men belijdt. Wie durft beweren, dat het voor de nationale ontwikkeling onverschillig is, of het volk in calvinistischen, lutherschen, roomschen, ^atheïstischen geest wordt opgevoed? Niemand voorzeker! Wanneer nu de staat uit teedere zorg voor ons lichamelijk welzijn ons verhinderen mag ons te laten genezen op de wijze als wij dat zelven verlangden, zou hij er dan geen belang bij hebben ons te beletten gevaarlijke leeringen in te zuigen, gevaarlijk, niet enkel voor ons v/elzijn, maar zelfs voor zijn eigen bestaan? Tot bestrijding dier staatsbemoeiing wordt dikwijls, niet zonder schijn van waarheid, aangevoerd: dat de overheid, indien zij ten minste niet zich aan de pauselijke uitspraken wil onderwerpen, de waarheid niet kent of kan kennen, zoodat het haar onmogelijk is, de waarheid te handhaven. Maar als deze tegenwerping juist is, dan moet de overheid de openbaarmaking van alles, zelfs van het alleronzedelijkste toelaten, ja zich bijkans van elke rechtsbescherming onthouden.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van Thursday 20 October 1887

Rectorale redes | 56 Pagina's

De hoogste vrijheid - pagina 20

Bekijk de hele uitgave van Thursday 20 October 1887

Rectorale redes | 56 Pagina's

PDF Bekijken