Vu cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Vu te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Vu.

Bekijk het origineel

De beteekenis van de omwenteling van 1795 - pagina 20

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

De beteekenis van de omwenteling van 1795 - pagina 20

Rede uitgesproken op den 46sten Dies Natalis der Vrije Universiteit

2 minuten leestijd

18 traditioneele indeeling onzer geschiedenis, volgens welke bij 1795 een van de hoofdinkeepingen vi^ordt aangebracht, verdient daarom naar mijn bescheiden meening geen aanbeveling. Er is volstrekt geen reden haar voor die van Dr, Japikse in te ruilen. I Zijn creatie, het tijdperk 1748—1840, is alles behalve gelukkig. Het is heusch niet juist, dat vi^ij al dien tijd ,,onder overwegend buitenlandschen invloed" gestaan hebben. Ik behoef slechts te n

herinneren aan de jaren van Willem I, die wel zijn nieuw rijk Engeland's „sentinelle sur Ie continent" noemde, doch zich niet als vazal gedroeg, van Engeland zoomin als van eenige andere mogendheid. Maar ook al zou op het tijdperk 1748—1840 de signatuur „onder overwegend buitenlandschen invloed" beter passen dan inderdaad het geval is, daarmede zou toch de indeeling van Dr, Japikse niet gerechtvaardigd zijn. In onze geschie-

Cl

denis toch is over het algemeen de verhouding tot het buitenland heusch niet het voornaamste moment Japikse heeft zelf ergens gezegd, dat ons volk, behalve in een enkel geval als bij de verkiezingen van 1901, toen de critiek van Dr, Kuyper op het niet-uitnoodigen der Zuid-Afrikaansche republieken ter vredesconferentie stellig van invloed was, aan het beleid der buitenlandsche zaken veel te weinig waarde hecht ^). En nog niet zoo lang geleden is hij met nadruk opgekomen ^) tegen den verbijsteren den slotzin van Geyl's werk over Willem IV en Engeland: „zoo goed als de Acte van Seclusie teruggevoerd moet worden op het huwelijk van Willem II en Maria Stuart, moet men den oorsprong van 1795 zoeken in het huwelijk van Willem IV en Anna." Men blijft te zeer bij het uiterlijke staan, wanneer men ! van onze verhouding tot het buitenland het criterium maakt ter I indeeling onzer geschiedenis.

(^

W a t nu Japikse's overige argumenten ten gunste van een tijdperk 1748—1840 betreft, n.l. dat toen „de begeerte der burgerij naar wezenlijken invloed op den gang van zaken nog niet, althans niet duurzaam, verwezenlijkt werd", en dan dat de staatkundige eenheid van Nederland plus de monarchie daarin tot stand komt — om met het laatste te beginnen, de monarchie heeft niet tot 1840 op zich laten wachten en de staatkundige eenheid komt eerst na 1795 tot stand. W a t het eerste betreft, de ^) Staatkundige Geschiedenis van 1887—1917, p. 215. 2) Bijdragen Vaderl. Gesali. en Oudheidk., Vide Reeks, deel II, p. 294.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van Wednesday 20 October 1926

Rectorale redes | 46 Pagina's

De beteekenis van de omwenteling van 1795 - pagina 20

Bekijk de hele uitgave van Wednesday 20 October 1926

Rectorale redes | 46 Pagina's

PDF Bekijken